VU Magazine 1984 - pagina 176
alternatief zo stelt mevrouw M.M. Wilders kortweg vast. J. C. P. Matthijs heeft niet veel méér woorden nodig. Onverzadigde vetzuren zijn helemaal niet zo goed, is zijn mening. Het gevaar van ,,computerverslaving" wordt gesignaleerd door A. J. J. Bos in zijn stehing: Een soortgelijke waarschuwing als „Roken bedreigt de gezondheid" op tabaksartikelen, dient ook te verschijnen wanneer computergebruikers spelletjes als „Rogue"en „Dungeon "gaan spelen. L. P. C. Schot meent: Het verdient aanbeveling resultaten van epidemiologische studies over de eventuele risico 's van langdurig gebruik van orale anticonceptiva statistisch te evalueren voordat deze gepubliceerd worden. J. M. G. Torres-Pereira bezon zich op de overbevolking; Ieder mens heeft ongeveer 1 miljard calorieën per jaar nodig in de vorm van voedsel. Theoretisch kan derhalve in Nederland één hectare ongeveer 50personen voeden. Op basis hiervan zou een regel moeten worden ingesteld dat het maximale aantal personen dat per hectare mag bestaan.
gebaseerd moet worden op de gemiddelde potentiële capaciteit voorfotosynthese per hectare in dit /an(i(vertaald). Ook een boeketje „politieke" stellingen is snel geplukt. Coördinatie van wetgeving leidt tot centralisatie van beleid, vindt A.Th. S. Leenen. De uitspraak van Raymond A ron dat kiezen voor links oj rechts gelijk staat aan kiezen voor halfzijdige verlamming roept de vraag op of, en zoja welke, verlamming optreedt bij kiezen voor het midden, is een stelling van R. D. Woittiez. Van hem is ook de uitspraak: Een parlementaire democratie is niet gebaat bij parlementariërs die uit gebrek aan politieke moed buitenparlementaire acties goedkeuren en brede maatschappelijke discussies in het leven roepen. Kruisraketten bieden de mensheid niet alleen een stralende toekomst maar zijn bovendien zaligmakend, is het standpunt van J.P.H.Reulen. Niet altijd trekt men in stelhngen ten strijde tegen al dan niet vermeende misstanden, soms overheerst ook de dankbaarheid, zoals bij J. C. P. Matthijs:
Personalia Dr.J.vanMill(33)isper 1 januari 1984 benoemd tot hoogleraar op persoonlijke titel in de Subfaculteit der Wiskunde en Informatica voor het onderwijs in de zuivere wiskunde, in het bijzonderde topologie. De nieuw benoemde hoogleraar studeerde aan de Vrije Universiteit en is er sedert 1974 als wetenschappelijk medewerker aan verbonden. Prof. dr. G. Eijgenhuijsen (43) is perl mei 1984in de vacature ontstaan door de benoeming van Prof dr. H. C. Wytzes tot lid van de Raad van State, benoemd tot hoogleraar in de Faculteit der Economische Wetenschappen voor het onderwijs in de financiering. Prof Eijgenhuijsen was lOjaar lang docent 'aan de Vrije Leergangen en vanaf 1980, speciaal op het vakgebied van Financial Accounting bij Nijenrode. Hij heeft aan de Vrije Universiteit gestudeerd. Dr. C. A. de Lange (40) is per 1 februari 1984 benoemd tot hoogleraar op persoonlijke titel in de Faculteit der Wiskunde en Natuurwetenschappen om in de 10
subfaculteit Wiskunde onderwijs te geven in de moleculaire spectroscopie. Zowel zijn kandidaats- als doctoraalexamen deed hij cum laude aan de Universiteit van Amsterdam: hij promoveerde in Bristol. Na 4 jaar als research-medewerker aan het Koninklijke Shell Laboratorium te hebben gewerkt, was de heer de Lange sedert 1973 als wetenschappelijk (hoofd)medewerkeraande Vrije Universiteit verbonden. Prof. dr. mr. D. C. Mulder, hoogleraar in de Geschiedenis en Fenomenologie der Niet-Chris•elijke Godsdiensen heeft, in verband met het verlagen van de pensioenverplichte leeftijd tot 65jaar met ingang van 1 januari 1985 ontslag gevraagd en verkregen. Na zijn tijd in dienst van de zending was prof Mulder sedert 1965 hoogleraar in onze Theologische Faculteit. Prof. dr. J. M. Los, hoogleraar in de Fysische Chemie heeft na een 23-jarig professoraat, voornamelijk om gezondheidsredenen per 1 maart 1984 ontslag gevraagd en verkregen.
De afsluitbare fietsenstalling van defaculteit Wiskunde en Natuurwetenschappen van de Vrije Universiteit voldoet aan de verwachtingen. Wie zich na het lezen van deze steUingen afvraagt waar dit alles goed voor is, vindt wellicht een antwoord in de laatste stelling van I. G. Ph. Gallens: Verhalen vertellen is ook voor volwassenen
en jongvolwassenen van uitzonderlijk belang. Tijdens het vertellen komt diegene die vertelt op verhaal. Wie er helemaal niet meer uitkomt, zal in elk geval de laatste stelling van mevrouw M.M. Wilders onderschrijven: Taal is een uitstekend middel tot noncommunicatie.
Op 23 maart aanvaardde mevrouw dr. E. N. G. Joossevan Damme het ambt van hoogleraar in de Dieroecologie in de faculteit der
Wiskunde en Natuurwetenschappen, subfaculteit Biologie. Haar oratie had als titel „ Oecofysiologische en oecotoxicologische perspectieven in de dieroecologié ". Zij gaf daarin aan dat het onderzoek in de dieroecologié (de studie van relaties van dieren met hun omgeving) in een vernieuwingsfase verkeert. Tevens liet zij aan de hand van voorbeelden zien dat oecofysiologisch en oecotoxicologisch onderzoek bijdragen kan tot het sneller oplossen van milieuproblemen.
Prof. dr. J. Lever, die sinds 1 oktober 1950 (als gewoon hoogleraar sedert 22 september 1952) aan de Vrije Universiteit onderzoek heeft verricht en onderwijs gegeven in de A Igemene Dierkunde, heeft toestemming gevraagd en verkregen om per 1 oktober 1984 vrijwillig vervroegd uit te treden. Eén van zijn overwegingen daarbij is, dat
hij als oudste in de subfaculteit Biologie, die sterk moet inkrimpen, zich verphcht acht zijn plaats ter beschikking te stellen. Vele gedachten gaan bij dit bericht onwillekeurig uit naar de periode, waarin Levers denkbeelden over evolutie noga! sterk afweken van wat toen in gereformeerde kringen gangbaar was.
Inaugurele oraties
VU„V€rgrijst" Het sociaal jaarverslag is ieder jaar weer boeiende kost voor wie van cijfers en getallen houdt. Vergelijkingen met voorgaande jaren geven bovendien een aardig inzicht in de veranderingen die in de samenstelling van het VU-personeel plaatsvinden. Onlangs verscheen het sociaal jaarverslag over 1982. Enkele gegevens zijn interessant. Voor het eerst lijkt het aantal mensen dat werkzaam is bij de VU gedaald: in '82 verdwenen 65 arbeidsplaatsen. Vergeleken met 1977 is de gemiddelde leeftijd van het VU-personeelin 1982 toegenomen: 37 jaar in '77 en 38 jaar en 7 maanden in '82. Van „vergrijzing" is meer
sprake bij het technisch en administratief personeel (TAS) dan bij het wetenschappelijk personeel (WP): in '77 was bijna 60 % van het TAS-personeel jonger dan 35jaar,in'82nogmaar45 %. Omgerekend in betaalde uren, bestaat het V/P voor 13 % uit vrouwen, het TASpersoneel voor 38 %. Het totale aantal benoemingen in '82 hep sterk terug, vergeleken met het jaar daarvoor — van 579 in '81 •naar 374in '82. Ten slotte steeg, door natuurlijk verloop, het aantal medewerkers met een vaste aanstelling naar verhouding ten opzichte van dit in vaste dienst. En ook dat zal, naar verwachting, een verdere „vergrijzing" in de hand werken.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1984
VU-Magazine | 536 Pagina's