Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1984 - pagina 151

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1984 - pagina 151

5 minuten leestijd

Siep Stuurman: „Tot wie sprak die slang nu eigenlijlc?"

Gereformeerden niet, die sclirijven zélf wel dikke boeken. Overigens hebben alle blokken wel problemen met de vakbeweging. De socialisten hebben een ,officiële' ideologie die zegt: het kapitaal is de vijand. In de praktijk blijkt men zich echter aan die vijand te moeten aanpassen. Bij de gereformeerden en katholieken ligt het net omgekeerd. De officiële ideologie komt neer op: arbeid en kapitaal moeten samenwerken. Maar het CNV en het RKWV stuitten in de praktijk steeds op het probleem dat het kapitaal daar niet zo hard aan meewerkt. Beide hebben te maken met de tegenstelling tussen kapitaal en arbeid, maar voor de zuilen is die tegenstelling intern, en voor de SDAP extern." Niet alleen de relatie tussen zuil en vakbeweging is volgens Stuurman problematisch, ook die tussen kerk en zuil is dat volgens hem. ,,Hier ligt ook een belangrijk verschil tussen de gereformeerde en de katholieke zuil. Bij de katholieke zuil domineert de kerk over de politieke partij, en treedt soms zelfs op als politieke partij. Bij de gereformeerden is het net andersom: eerst ontstaat de ARP, dan pas de Doleantie." Kuiper: „De RKSP was dus eigenlijk de politieke arm van de katholieke kerk." Stuurman: „Nee, zo ver ga ik nu ook weer niet. Hoe nauwkeuriger je het bekijkt, hoe later de rooms-katholieke partij ontstaat. De Algemene Bond van R.K. Kiesverenigingen uit 1904 was niet zo algemeen, want daar deed Noord-Brabant niet aan mee, en daar kwamen nu juist alle zetels vandaan." Grootvader Kuiper: ,,ln de protestantse beweging is de politieke partij onder andere uit zaken als de schoolstrijd ontstaan.

vu-Magazine 13 (1984) 4 april 1984

Daarnaast ontstond er een breuk binnen de hervormde kerk." Stuurman: ,,Maar de ARP is ook nooit een partij exclusief voor gereformeerden geweest." Kuiper: ,,Dat klopt ja. 65 procent was gereformeerd, 30 procent hervormd en 5 procent iets anders." Stuurman: „De ARP heeft ook niet formeel stelling genomen in de kwestie van de Doleantie. Dat wilde Kuyper niet. Want, zo zei hij, dan jagen we een deel van onze aanhang de partij uit. Die man was ten slotte politicus. Ook de CHU was niet echt een partij voor ,de' hervormden. Het zijn veel meer de conservatieve hervormden meteen nogal anti-papistischeinslag. Velen konden de toenadering van Kuyper tot Schaepman niet volgen. Dat het conservatief is, kun je ook zien aan hun partijvorm: een unie. Men wilde geen partij-organisatie, dat leidt altijd tot meer macht van het middenkader en een verkleining van de macht van de aristocratie. In dat districtenstelsel was zo'n parlementariër baas in eigen district. Neem bij voorbeeld de houding van De Savornin Lohman bij de zedelijkheidswet uit 1911. Hij was ertegen en deed daarom gewoon niet mee. Hij had nu eenmaal een bepaalde liberale opvatting over de verhouding staat-individu en was niet gevoelig voor het argument dat het voor het algemeen christelijk heil van het volkzou zijn. In een partij..." Kuiper: ,,lk ben blij dat mijn grootvader altijd op De Savornin Lohman heeft gestemd." Stuurman: ,,ln een partij als de AR of de SDAP zou zoiets niet kunnen gebeuren. Het lijkt meer op de rechtervleugel van de liberalen. Die stemden ook nooit hetzelfde." Siang Een belangrijk deel van het proefschrift van Stuurman is gewijd aan de gezinspolitiek. In het proefschrift van Kuiper — niet voor niets De Voor/rjan-

nen geheten — ontbreekt de aandacht voor de positie van vrouwen volledig. Waarom? Kuiper: ,,Allereerst omdat mijn probleemstelling een beetje anders lag, meer op het niveau van organisaties en instituties. Waarschijnlijk omdat de positie van vrouwen toen, in 1972, een vanzelfsprekende zaak was, in ieder geval voor mij." Stuurman: ,,Maar niet alleen in jouw proefschrift, in de hele literatuur over de verzuiling komt dit onderwerp niet voor. Dat heeft me ook verbaasd bij iemand die uit een heel andere hoek komt, Jac. van Weringh, die een boek over Abraham Kuyper heeft geschreven. Daar had wel een hoofdstuk over het gezin in gemogen, want dat vond Kuyper vreselijk belangrijk. In veel literatuur wordt ook voorbijgegaan aan de vrouwenbeweging in die tijd. Want het gaat niet alleen om de vraag wat de helft van de bevolking met maatschappij en politiek te maken heeft, maar ook om een kwestie die in de christelijke ideologie altijd heel erg centraal heeft gestaan. Want tot wie sprak die slang nu eigenlijk? Kuiper: ,,De afgelopen twintig jaar hebben we de man-vrouwverhouding als een te veranderen verhouding leren zien. Maar als je het in z'n tijd plaatst: in de agrarisch-ambachtelijke gezinnen van rond de eeuwwisseling traden vrouwen op als krachtige en invloedrijke personen; ze werkten vaak mee in het bedrijf..." Stuurman: ,,Natuurlijk hadden die vrouwen invloed, want ze hadden een belangrijke plaats in het gezin. We moeten ons dat echter ook weer niet tè mooi voorstellen. Als je kijkt naar de juridische kant van de zaak dan was er in het gezin sprake van heerschappij van de man. Afgezien daarvan: een aantal vrouwen, eerst uit de burgerij, later ook uit de arbeidersklasse, wilde ook meepraten over zaken buiten die gezinssfeer. Dat viel uiteraard niet overal in goede smaak. Abraham Kuyper bij voorbeeld, neemt de waardigheid van de vrouw tot uitgangspunt. Die waardigheid moet blijken in het huwelijk. Dat moet wel patriarchaal zijn, maar de vrouw mag daar niet onderdrukt of vernederd worden. Aan de ene kant maakt Kuyper zich sterk voor bestrijding van de prostitutie en is hij tegen een staat die de onzedelijkheid propageert. Aan de andere kant gaat Kuyper heel sterk uit van het idee dat vrouwen een bepaalde plaats hebben, namelijk in de privé-sfeer van de maatschappij. Er is nog wel een tussengebied waar vrouwen werkzaam mogen zijn, op filantropisch terrein. Daar waren de

125

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1984

VU-Magazine | 536 Pagina's

VU Magazine 1984 - pagina 151

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1984

VU-Magazine | 536 Pagina's