VU Magazine 1984 - pagina 65
Wat is de prijs van een mensenleven? Politiek ontkomt niet aan antwoord Plaats een ernstige leukemiepatiëntje in een ruimtecapsule, manoeuvreer het projectiel in de zgn. Van Allengordel: een stralingsintensieve baan om de aarde en laat dat ding daar enige tijd rondcirkelen: het zou best kunnen zijn dat het kind genezen op aarde terugkeert. De kosten? Enkele miljarden guldens. De medisch-hoogleraar die dit voorbeeld gebruikte keek bestraffend toen hij zijn gesprekspartner zag grinniken. Dat vindt u absurd? vroeg hij ontstemd. Maar die kant gaan we toch op? door Henk Mochel We spraken over nieuwe ontwikkelingen in de medische techniek en over de stijgende kosten van de gezondheidszorg. Het was de avond van de 3de december 1967. Die dag had een Zuidafrikaanse chirurg zijn eerste harttransplantatie uitgevoerd. De hele wereldpers berichtte er uitvoerig over. Achttien dagen later verschenen de foto's van Barnard opnieuw in de kranten. Toen om te melden dat de patiënt was overleden. Minder aandacht kreeg aanvankelijk zijn tweede poging, enkele weken later. Maar die had meer succes. De patiënt, de 60-jarige tandarts Philip Blaiberg, leefde 20 maanden met het nieuwe hart. Hij werd een internationale beroemdheid en alle media hielden hun afnemers voortdurend op de hoogte van zijn situatie. Harttransplantaties zijn al jaren geen nieuws meer. Ook over gecombineerde hart-longtransplantaties wordt nauwelijks meer bericht. Ze gebeuren bijna dagelijks in verschillende medische centra in de wereld. Tot nu toe niet in Nederland, hoewel vrijwel alle universiteitsklinieken staan te dringen om de eerste te mogen zijn. Maar vermoedelijk zal toch eerst moeten blijken of wij als samenleving in een tijd van bezuiniging de lasten van dergelijke dure medische ingrepen wei kunnen en willen dragen. Volgens onze grondwet heeft ieder gelijke rechten, ook met betrekking tot gezondheidszorg. Maar dat recht heeft wel zijn begrenzing, aldus o.a. de voorzitter van de Nationale Raad voor de Volksgezondheid, dr. J. P. M. Hendriks. Die begrenzing wordt gevormd door de financieel-economische mo-
VU-Magazine13{1984)2februari 1984
Donderdag 26 januari zond de NCRV een televisieproduktie uit onder de titel „ J e geld of je leven." In nevenstaand artikel vat de maker, Henk Mochel (51), de daarin aan de orde gestelde problematiek nog eens samen. Al jarenlang volgt hij de ontwikkelingen op dit gebied. In 1977 schreef hij een gedramatiseerde documentaire „Een kind van 5 miljoen", die ook door de Duitse, Zweedse en Belgische televisie vertoond werd en die nog steeds op diverse universiteiten en bijeenkomsten (o.a. een tv-festival in New York) wordt gebruikt. Het was een bedacht verhaal over een probleem waarvan hij zag aankomen dat het in de toekomst zou gaan spelen. „Datgene wat toen nog toekomst was, is nu al realiteit", zegt hij nu. En hij verwijst o.a. naar wat zich vorig jaar afspeelde rond de harttransplantatie van de thans 27-jarige Willem Bavinck uit Tilburg. Het komt erop neer dat de politiek er niet aan lijkt te ontkomen om te zeggen wat een mensenleven waard is. Ook af wordt teruggedeinsd voor een duidelijk antwoord, uit het feitelijk beleid valt af te leiden hoe hoog deze prijs is gesteld.
gelijkheden. The sky is the limit. Iedereen zal het er over eens zijn dat een ruimtereis voor een enkel leukemiepatiëntje, zegt voor 5 miljard gulden, niet kan. Maar waar ligt dan wel de uiteindelijke grens en wie zal die bepalen. Vorig jaar zomer weigerde het ziekenfonds Midden-Brabant de kosten te betalen vooreen harttransplantatie bij de pas als verkeerskundige afgestudeerde Willem Bavinck uit Tilburg. Hij was een zeer ernstige hartpatiënt, met een zeldzame bloedgroep. De kans dat er ooit een geschikt hart voor hem zou vrijkomen, was klein. Maar het wonder gebeurde. Op maandag 16 juni 1983 raakte in een zuid-Engels plaatsje een 16-jarige jongen bij een motorongeluk dodelijk gewond. Hij bleek dezelfde, zelden voorkomende bloedgroep te hebben als Willem Bavinck. De transplantatie moest in Londen gebeuren. De Engelse jongen zou kunstmatig in leven worden gehouden tot het moment dat Bavinck in Londen was gearriveerd en klaar zou zijn voor de operatie. Maar no pay no cure: Bavinck moest een gedekte cheque bij zich hebben als eerste aanbetaling voor de kosten van de transplantatie, zijnde ƒ 100.000,-. De directie van het ziekenfonds moest binnen een half uur beslissen. Het antwoord was: neen, dit behoort niet tot ons verstrekkingenpakket. Daarmee leek de kans voor Bavinck op levensverlenging voor onbepaalde tijd, verkeken. Op het laatste moment werd de hulp van de sociale dienst van Tilburg ingeroepen. De directeur was afwezig. Zijn waarnemer, als mens getroffen door het verhaal en
47
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1984
VU-Magazine | 536 Pagina's