Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1984 - pagina 384

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1984 - pagina 384

5 minuten leestijd

Frank R.Boddendijk Dinsdag

Het is vandaag dinsdag; vandaar dat ik deze column aldus gesierd heb. Misschien kunt u mijn gedachten niet geheel volgen, en dat zal bestbegrijpelijkzijn. Sommige collega's zouden zeggen ,,daar heb je hem weer met zijn associaties". Maarja,een mens moet tevreden zijn met wat ie geleerd heeft, heb ik geleerd; en ik heb ooit ook geleerd dat P/afo onderwees dat het wezen van het kennen in het herkennen Wgt. Plato was op zijn beurteen leerling van Socrates, een misschien nóg beroemdere wijsgeer dan Plato, maar wel een wijsgeer die slechts gekend kan worden uitde geschriften van zijn leerlingen. Ookzijn bekend adagium,,ik weet dat ik niets weef"—enjuistdaarom werd hij geprest de gifbeker te drinken — kunnen we teruglezen bij Plato. En terwijl ik dit zo schrijf moetikopeensdenken aan mijn eerstejaars tentamen filosofie. Omdat mijn naam indertijd ook al met een B begon zat ik vooraan bij het schriftelijk tentamen dat S. U. Zuidema placht af te nemen en waarvan ouderejaars studenten zeiden dat één middagje Zandvoort genoeg was om een voldoende te halen. Toen de oude Sint Maartensdijk detentamenvragen uitdeelde kon ik een glimlach niet onderdrukken; vraag 1 luidde,,Welke werken van Socrateszijn u bekend?". En dat was ook de enige vraag die ik kon beantwoorden. Mijn informanten hadden duidelijk een paar rijen naar achteren gezeten, zodat de spiedende blikken van de pedel hun exemplaar van Störig niet ontdekte.

31 8

Zoals ik al schreef is het vandaag dinsdag, overenige dagen ga ik op vakantie, terwijl ik weet dat tegen de tijd dat deze column gepubliceerd wordt u en ik hoogstwaarschijnlijk weer terug van weggeweest zijn. En waar moet ik u dan op dit moment mee lastig vallen? Met al mijn gram van vlak voorde vakantie, gram die misschien bij terugkomst met één of twee korreltjes zout zelfs door mij genomen zou worden? Misschien toch tijd voor een onsje, met dien verstande dat, als het achteraf meevalt, ikdaar een volgende keer melding van maak. Hoewel het niet altijd meevalt om in een volgende column te reageren op iets wat in een vorige gesteld was, al was het maar vanwege het tijdsverloop. Zo kreeg ik onlangs een reactie op mijn laatste column, getiteld,,maandag" — vandaarmisschien deze titel? Een anonieme lezer had uit die column begrepen dat wij met een groep studenten een excursie naar de Sovjet-Unie willen ondernemen. Helaas reageerde hij/zij nietopmijn oproep om ons de broodnodige subsidie te verstrekken. Hij/zij raadde ons aan dit land met de trein te doorkruisen. Afgezien van het kostenaspect is dit een leukesuggestie. Pertrein zie je meer van zo'n land en ongetwijfeld nog meer van de negatieve aspecten die nu eenmaal onlosmakelijk verbonden schijnen te zijn aan hetdoor mensen bewoond en dus verpest worden van de natuur. Maar waar is de natuurvooralswijerniet zouden zijn?Goed, ookdat is misschien té weten-

schappelijk, nl. relativerend. En dan bedoel ik natuurlijk niet dat ons milieu maar verder verontreinigd moetworden. Perslotvan rekening woon ik óók in een nieuwbouwwijk. Maar ik vermag bovenal niet in te zien dat de oplossing voor het probleem van het chemisch afval gelegen is in het per zoveel ton tegelijk de ruimte in schieten ervan, zoalseen wetenschappervanavond voor het journaal bepleitte. Over gram gesproken! Een andere hoeveelheid gram haalde ikvandaag uit de krant. Daarin las ik dat een tot hoogleraar benoemd persoon bedankte voor deze benoeming omdat een modaal hoogleraar 'slechts'ƒ 140.000,-per jaarverdienten mogelijkde komende jaren wat minder, in verband metdedoorde overheid reeds jaren geleden ingezette bezuinigingspolitiek. Bij een bedrijf in het Zuiden des lands krijgt hij wat meer, zonder uitzicht op aftopping. Voor de goede orde, het hindert mij nietdat deze persoon deze beslissing nam. Wat mij wél irriteert is het feit dat momenteel door de pers gesuggereerd wordt dat alleen ongekwalificeerde krachten en dusstomkoppen in dienst van de overheid blijven. Alsof alleen geldelijkgewin de motor van ons handelen is. Hoewel? Ik werk al jaren bij de VU, evenals één van mijn collega's die onlangs afscheid nam omdat hij ergens anders — overigens ook in semi-overheidsverband — een leuke(re) baan kon krijgen. Omdat hij vele jaren bij de VU had gewerkt

werd hem een zogenoemde 'borrel' aangeboden. Afgezien van hetfeitdatikzelf deze 'borrel' in huis heb moeten halen moet het mij van 't hart dat op die bewuste dinsdagmiddag geen enkele autoriteit acte de presence gaf, althans dat niemand van de weinigen de moeite had genomen om te komen dan wel om hem toe te spreken. Nu heb ik wel eens meegemaakt — en in het bedrijfsleven is dat regel,— dat iemand bij zijn vertrek werd toegesproken doorde een of andere baas, en ikmoetzeggendatik nooit kapot geweest ben van de toespraken die dan afgestoken werden, maar toch, géén enkele toespraak na vijftien jaar arbeid, isdatnietwatweinig? Goed, wij werken niet voor autoriteiten — al werken we erwel onder —maar toch, een beetje personeelsbeleid, zou dat niet op zijn plaats zijn? Al metal realiseer ik mij dat ik misschien reeds een kilo gram heb opgesomd. Hopelijk ben ik na mijn vakantie weer enige kilo's lichter. Dat zal ook wel nodig zijn, omdat wij vanaf september a.s. een avondopleiding beginnen en ik als forens aangewezen ben op de mensa voor mijn avondmaaltijden. De laatste tijd hoor ik nogal wat sceptische opmerkingen overdie avondopleiding; zo in de zin van ,,denk je nu echt dat al die mensen bijjulliezullen komen,terwijl ze bij de Open Universiteitzonder meer toelaWng hebben?" En dan zeg ik, heel bedeesd, we zullen wel zien, terwijl ik bij mijzelf denkdatondanksai die grammetjes die ik net opgesomd heb, ik het een voorrecht heb gevonden om aan onze universiteit te studeren, en ervaakeen plezierin schep om er nog te werken; vooral dankzij de studenten. En voor mijn part wordt het die vierde september een dolle dinsdagavond.

VU-Maga2ine13(1984)8septennber1984

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1984

VU-Magazine | 536 Pagina's

VU Magazine 1984 - pagina 384

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1984

VU-Magazine | 536 Pagina's