VU Magazine 1984 - pagina 156
voeling houdt met de armen, zoals priesters en kritische theologen, is in beginsel verdacht: je kunt immers opstoker of beramer van een opstand zijn." Kooplui in supermarict Wat heeft bevrijdingstheologie voor plaats in het geheel? Bonino is enigszins bezorgd naar de VU-theologen afgereisd vanuit Argentinië: ,,ln hoeverre kiest de VU voor een theologie vanuit het gezichtspunt van bevrijding? Kom ik hier op een theologische supermarkt, waar tegen bevrijdingstheologie wordt aangekeken als tegen een richting, een afzonderlijke stroming naast vele andere? Denkt men niet: ha, weer een interessante topic!, zoiets als zwarte theologie, of andere theologieën? Als dat waar is, hebben we niet door waarom het gaat. In Europa heerst vaak de gedachte dat theologie voor alle mensen van alle tijden waar ook ter wereld moet gelden. De kritiek op bevrijdingstheologen is dan dat wij de nadruk leggen op de tijd- en plaatsgebondenheid, omdat wij uitgaan van de voorhanden ellende van de onderdrukten. Maar ook de theologie die zegt universeel te zijn, is tijd- en plaatsgebonden. Of het nu om de theologieën van Thomas van Aquino, van Schleiermacher of van Karl Barth gaat, ze dagen ons uit, ze stellen ons vragen, wij moeten antwoorden. Ze hebben metyou van doen." Het lijkt alsof Bonino zich deze zorgen niet had hoeven maken. Verheugd leest hij aan het begin van de tweede les de vragen voor die de deelnemende studenten hem bij de start van de leergang op schrift deden toekomen, vragen over bevrijdingstheologie. „Kijk, dat is nu aardig", glimlacht hij, ,,ik geef dit soort kolleges ook wel in de Verenigde Staten en in Frankrijk, en dan is het leuk om te vergelijken. In de VS gaan de vragen altijd over het geweld van bevrijdingsbewegingen. In Frankrijk blijkt uit de vragen steeds weer bezorgdheid over het vermeende verdwijnen van hemel en hiernamaals in bevrijdingstheologie. En hier in Holland komen de vragen alle neer op: „Wat kan ik met bevrijdingstheologie?", of: „Wat betekent bevrijdingstheologie voor ons?" en: ,,Wat kunnen we in tiolland met bevrijdingstheologie aan?" Gegniffel alom, want we blijven kooplieden: wat koop ik ervoor? Iets heidens Uitvoerig staat Bonino in zijn lessen stil bij de onderdrukkende rol van het 130
christendom in geschiedenis en heden van Latijns-Amerika. Van de kerstening van Latijns-Amerika moeten we niet al te hoge ideeën hebben, vertelt Bonino. „De zendelingen spraken de mensen veelal in het onbekende Spaans aan, en nooit de enkeling, maar de hele stam. De,,pasbekeerden" werden in grote groepen gedoopt. De meesten wisten amper wat er op dat ogenblik gebeurde. Dat merkten ze later pas, als bleek dat het vervolg op die zending zich voornamelijk beperkte tot de gewelddadige sloop van heidense tempels. Er bleef iets tieidens in Latijns-Amerika. Bij velen is het christelijk geloof vermengd met allerlei voorstellingen uit andere geloofswerelden, bij voorbeeld de magie en allerlei bijgelovigheid. De kennis van het christendom is vaak gering en oppervlakkig." Nog steeds is onder Latijnsamerikaanse theologen veel diskussie over de vraag wat daaraan gedaan moet worden. Volgens Segundo, vooraanstaand bevrijdingstheoloog, is het christendom een van buitenaf ingebrachte godsdienst. Om die reden werkt het vervreemdend. Het is een christendom dat noopt tot maatschappelijke gelatenheid. Dat christendom moet worden uitgeroeid. Er moet een mondig en maatschappelijk bewogen christendom groeien. De mensen op het grondvlak moeten overal in de landen van Latijns-Amerika samen kennis van het christendom gaan opdoen, samen de bijbel gaan herlezen in basisgemeenten. Ook het bijgeloof moet aangepakt. Daarnaast schetst Bonino de mening van Gutierrez, schrijver van hetbeken-
de werk ,,Tlieologie van de bevrijding": ,,Ondanks die vervreemding, ondanks die magische insluipingen, zit het christendom heel diep en beantwoordt het aan de innerlijke behoeften van de mens. Dat kun je heel goed zien aan de Indiaanse volkskunst. Daarin wordt de lijdende, gemartelde Jezus afgebeeld als een lijdende, gemartelde Indiaan. Daarmee zeggen ze: zoals Jezus werd gekruisigd, kruisigen jullie ook ons. Verborgen protest spreekt eruit, evenals uit de volksverhalen. Dat moet je niet afdoen als volksgeloof. Je kunt het beter erkennen en erop inspelen. Marx schreef: „Godsdienstis opium van tiet volk" maar juist daarvóór staat een zinnetje dat altijd vergeten wordt: „Godsdienst is de verzuchting van de onderdrukte". Pogingen om bij- en volksgeloof uit te bannen, blijken telkens te stranden. Het kan ook anders: ,,De katholieke kerk kent een heilige die voor werkgelegenheid zorgt. Als voor deze heilige een mis wordt opgedragen, zit het stampvol in de kerk met werklozen. De twee priesters van die kerk zijn de laatste jaren bezig de magie te verkeren ijl maatschappelijke aktie. Zij zetten cje mensen aan het denken: waarom is er geen werk? Hoe kom je aan werk? Hoe kun je voor meer werkgelegenheid strijden? Zij laten de mensen zien dat wonderen niet vanzelf komen, maaralleen als je ervoor vecht." Bonino: „Het evangelie is een kracht tot verandering, niet een antwoord op de vraag naar de zin van het leven. De wereld is ziek en gebroken. Het gaat om herstel, niet om onthulling van geheimen. De gebrokenheid en het kwaad van het leven moeten in het middelpunt staan. Er is een kracht nodig tot heling, herschepping en verzoening. Jezus Christus nodigt ons uit tot zo'n nieedoen met God en de wereld," Hoopvolle woorden, maar is er reden tot hoop in het licht, of beter: in het donker van de geschiedenis? Bonino: ,,Wat wij geschiedenis noemen, is altijd een bepaalde uitleg van de geschiedenis. Hoop is zo'n uitleg, maar wanhoop eyengoed. Wellicht valt uit de geschiedenis inderdaad geen hoop te putten. Toch kies ik daarvoor. Zo ben ik nu eenmaal. De hoop hoort bij mij. Is mijn keus, objektief bezien, sleOfhter dan die van doemdenkers en cynici? Dat kan ik niet geloven. Mijn hoop is weliswaar niet met redeneringen te staven, maar wanhoop ook niet"
„Abraham Kuyper verdedigde de samenvoeging tussen geloof en praxis met kracht"
Geioof is motor De wereld heeft positieve betekenis in vu-Magazine 13 (1984) 4 april 1984
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1984
VU-Magazine | 536 Pagina's