VU Magazine 1984 - pagina 186
verrassing. Toch werd de brief als,.teleurstellend" beoordeeld. De minister had er zeker met meer verbeeldingskracht op kunnen reageren dan hij deed. Het schrijven verwierf reeds ten departemente de benaming de ,,Van Puthoven-brief", naar de creatie van Wim Kan in zijn rol van WVC-ambtenaar, die aan Van Kooten en De Bie uitlegt dat de media-problematiek eigenlijk heel eenvoudig ligt: laat men ermaarvanuitgaandatern/etemag. In feite bevat de brief slechts de boodschap dat de minister de bestaande bepalingen zo uitlegt, dat wat de VU wil inderdaad niet is toegestaan. Dat de Vrije Universiteit met dit ambtelijk verhaaltje werd afgescheept, is nog tot daaraantoe. Beneden de politieke maat bleef minister Brinkman evenwel, toen hij op de VU-motie-Scholten niets beters wist te bedenken dan toezending aan de Kamer van een afschrift van dit ambtelijke proza. Immers het beraad met de Kamer ging over de vraag of en op welke manier de zgn. Kerstbeschikking van 1971 moet worden herzien in verband met de nieuwe media en niet over de vraag welke uitleg van dit verouderde document de juiste is. Na de ontvangst van de afwijzende brief heeft het College van Bestuur van de VU dan ook een brief gezonden aan de fracties van CDA, PvdA, VVD en D'66, waarin de aandacht werd gevraagd voor het principiële karakter van de zaak. Wanneer door de ontwikkeling van de techniek oude beschikkingen op gespannen voet zijn komen te verkeren met de vrijheid van meningsuiting, dan dienen deze beschikkingen te worden herzien. In dit geval gaat het om de zgn. Kerstbeschikking van 1971, zo genoemd, omdat aan de vooravond van kerstmis 1971 halsoverkop een beschikking werd uitgevaardigd, die voorkomen moest dat zonder vergunning (om te beginnen in Melick-Herckenbosch) omroep zou worden bedreven via centrale antenne-inrichtingen. Veiligheidshalve is toen alles verboden wat je meer met de kabel kon doen dan met een antenne. Deze visie is inmiddels geheel achterhaald. Ook de abonnee-tv wil minister Brinkman mogelijk maken door een wijziging van deze Kerstbeschikking. Voor de wetgever ligt nu de vraag op tafel of als de Kerstbeschikking niet toestaat wat de VU wil, deze beschikking dan niet moet worden aangepast. Het verouderde stuk gaat tóch op de helling. Deze vraag trachtte minister Brinkman in het beraad met de Kamer te ontlopen. Maar ontsnappen aan een beargumenteerd ,,ja" of ,,nee" kan hij uit-
148
Van Puthoven (Wim Kan): „Er mag niets"
eindelijk niet. Deze schuilplaats is slechts toegankelijk voor ambtenaar Van Puthoven. Nachtportier In de media is vrijwel alle aandacht rond het media-debat tot dusver opgeëist door strijdvragen als derde net en omroepen ja dan nee op de abonnee-tv. Principiëlere vragen bleven daardoor helaas buiten de publiciteit. Een ervan is: zal voor tele-consultatie eenzelfde regiem gaan gelden als voor de drukpers (geen voorafgaand verlof) of blijft elektronisch uitgeven aan een vergunningstelsel gebonden? Zowel Omroepraad als BIT-rapport adviseren tot een vrijgeven van het terrein van de tele-consultatie. Deze vraag speelt niet bij de abonneetv, want daarvoor wil het kabinet-Lubbers een vergunningstelsel blijven hanteren. Terecht, want het is gewoon omroep. Bij tele-consultatie (b.v. kiestelevisie) ligt de zaak anders. Een van de moties van J. N. Scholten stelt zonder reserve dat de Kerstbeschikking zodanig moet worden herzien dat voor teleconsultatie geen voorafgaand overheidsverleg nodig is. De motie werd aangenomen met tegenstemmen van CDA en kleinrechts. Het was de enige motie-Scholten, die niet door minister Brinkman is ontraden. Dat kon hij ook moeilijk, want reeds was geantwoord dat voor de ,,echte" consultatie op de kabel ook het kabinet vrijheid voorstond. Aan de motie had men ,,geen behoefte", werd dus geantwoord, overigens
zonder aanstalten te maken tot herziening van de verouderde beschikking. Maar hoe dan met tele-consultatie via de ether? Dat kan technisch ook. Waarom daar dan geen vrijheid? En wat wordt bedoeld met ,,echte" teleconsultatie? Daarover kan een tweede debat losbranden. Zo stelt de VU dat wat zij wil onder tele-consultatie valt, terwijl de minister vindt dat het gewoon omroep is. In de VU-brief aan de fracties wordt gesteld dat het nachtelijk bevoorraden van video-apparatuur in ieder geval veel minder omroep is dan de abonnee-tv, die de bewindsman niet als omroep wenst te beschouwen. Inderdaad is wat de VU wil slechts gebruik maken van het kabelnet voor de vermenigvuldiging van videobanden. Publieksvorming is nauwelijks mogelijk. Misschien dat hier en daar een zich vervelende nachtportier tegelijk meekijkt als b.v. een rede van prof. Lever over de goede en kwade kanten aan de wetenschap via het kabelnet ter beschikking wordt gesteld. Wat daar problematisch aan is, zal iedereen ontgaan. Van enige concurrentie met het omroepbestel is in ieder geval geen sprake. In ieder geval kan minister Brinkman er niet meer onderuit te omschrijven wat volgens hem dan wèl tele-consultatie is, want anders blijft het volmaakt onduidelijk wat nu wel en niet mag. Het debat over de echte nieuwe media moet nog komen. Maar een begin is er. D
vu-Magazine 13 (1984) 4 april 1984
•li
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1984
VU-Magazine | 536 Pagina's