Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1984 - pagina 296

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1984 - pagina 296

5 minuten leestijd

in de concrete situaties waarin zij zich bevinden. Het derde systeem kan niet of nauwelijks de gedaante aannemen van een georganiseerde structuur als de Verenigde Naties of zich als het ware opwerpen tot een concurrerende of alternatieve volkerenorganisatie. Wel kan het derde systeem trachten openingen te maken naar de Verenigde Naties toe en een voet tussen de deur houden, zoals reeds mogelijk is door middel van het aanbrengen van petities en klachten en door actieve gebruikmaking van de in het Handvest voorziene en in resoluties uitgewerkte regelingen omtrent raadgevend status voor niet-goüvernementele organisaties. Van groot belang is ook dat het derde systeem een eigen netwerk heeft van internationale relaties en verbindingen, zodat kanalen bestaan van wederzijdse informatie en contact. Want isolement vormt een grote bedreiging voor mensen en groeperingen die overgeleverd zijn aan willekeur en repressie. Die internationale relaties en verbindingen zijn ook een voorwaarde om te kunnen spreken en handelen ten behoeve van mensen die dat zelf niet kunnen in de situatie waarin zij leven. Het is wellicht één van de meest hoopgevende verschijnselen van de laatste tijd dat zoveel samenstellende onderdelen van het derde systeem tot ontwikkeling zijn gekomen, zowel nationaal als internationaal. Ik verwijs naar de ontwikkeling en groei van de vredesbewegingen, vorig jaar reeds genoemd door dr. Beyers Naudé in zijn Camara-lezing, en naar de bevrijdingsbewegingen in Zuid-Afrika waarop Beyers Naudé uitvoerig inging en die nu in de voor hen uiterst benarde situatie meer steun en solidariteit behoeven dan ooit tevoren. In het kader van deze lezing noem ik in het bijzonder, zonder maar enigszins naar volledigheid te willen streven, Amnesty International, de Internationale Commissie van Juristen, de Wereldraad van Kerken en zijn programma's, Pax Christi International, de internationale vakverenigingsorganisaties, de verschillende organisaties die de rechten van inheemse bevolkingen verdedigen, alsmede de nationale affiliaties die met al deze internationale organisaties zijn verbonden. Maar het zijn juist de organisaties, groeperingen en bewegingen op nationaal niveau die de spits afbijten, die temidden van de mensen werken en die in bepaalde landen en samenlevingen de grootste risico's lopen in de strijd voor gerechtigheid en bevrijding. Ik denk aan nationale organisaties en bewegingen als het Instituut voor Rechtshulp in

246

„De schizofrenie van zogenaamde rechtssystemen, waar voor hen die door de Staat als vijanden vyorden beschouwd noch de bescherming vandewetnochde bescherming van de rechter bestaat"

Indonesië, de Dwaze Moeders en Grootmoeders van de Plaza de Mayo in Argentinië, de Commissies Justitia et Pax in Uruguay en Guatemala, de Commissie voor de Rechten van de Mens en de Vicaria de la Solidaridad in Chili, de Solidariteitsbeweging in Polen, Charta 77 in Tsjechoslowakije, de Helsinki-groepen en vele anderen. Studenten, arbeiders, boeren, journalisten, priesters, predikanten, religieuzen, advocaten, die zich inzetten voor gerechtigheid en bevrijding en die zich verzetten tegen onderdrukking en discriminatie, moeten niet zelden hun moedig partij kiezen bekopen met het verlies van vrijheid of zelfs met het verlies van leven. Sommigen kennen wij bij naam, vele anderen niet. Zij staan in de voorste gelederen van het derde systeem en zij vormen de kern van een ver over grenzen heenreikende mensenrechtenbeweging. Geachte toehoorders, toen ik eind april jl. mijn gedachten had bepaald omtrent deze Camara-lezing kwam mij een kort krantebericht onder ogen met het kopje,, Tien miljoen doden droogte Brazilië". Het kranteartikel ontleende dit dramatische bericht, waarvan ons voorstellingsvermogen de omvang en ernst nauwelijks kan bevatten, aan een toespraak die Dom Helder Camara had gehouden toen hij in Recife als 75-jarige voor een gehoor van 30.000 personen als bisschop afscheid nam van zijn mensen. Dom Helder verwees volgens het krantebericht naar een recent rapport van een particuliere organisatie, de Braziliaanse Associatie voor Landhervorming (ABRA), die de gevolgen van een lange droogteperiode in het noordoosten van Brazilië tussen 1979 en 1983 had beschreven. Bovendien lijden in hetzelfde gebied,

aldus het rapport ook tien miljoen ,,flage/ados"of zeer armen aan een bloedziekte. Dom Helder Camara zou bij die gelegenheid ook gezegd hebben: ,,Zolang wij de structuren ondersteunen die de mensen in het noordoosten van Brazilië onderdrukken, leven wij in geïnstitutionaliseerd geweld". Het bericht heeft, geloof ik, alhier geen verdere aandacht gekregen. Op dezelfde krantepagina werden we met andere drama's geconfronteerd. Ik citeer: ,,Guatemalteken handelen in doden" en ,,Schrijnende armoede in rijk Zuid-Afrika". Je legt de krant terzijde en denkt: waar zijn we in Gods naam mee bezig, terwijl het meest elementaire recht van mensen om te leven en te over-leven op zo'n grote schaal en op zoveel plaatsen niet wordt verwezenlijkt of geweld wordt aangedaan. Wanneer wij verder gaan met spreken en werken voor gerechtigheid en bevrijding dan zullen wij, zoals ik ook getracht heb onder woorden te brengen in mijn laatste en als controversieel beschouwde uiteenzetting in mijn vorige werkkring in de Verenigde Naties, hoogste prioriteit moeten toekennen aan de bescherming van het menselijk leven. Dit kan niet alleen een opdracht zijn voor ,,het derde systeem" maar behoeft een totaie en integrale strategie en inspanning opdat voorwaarden worden geschapen voor de verwerkelijking van wat in termen van een gerechtigheidsvereiste is neergelegd in artikel 28 van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens: ,,Een ieder heeft recht op het bestaan van een zodanige maatschappelijke en internationale orde, dat de rechten en vrijheden in deze Verklaring genoemd, daarin ten volle kunnen worden verwezenlijkt, " n

vu-Magazine 13 (1984) 7 juli/augustus 1984

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1984

VU-Magazine | 536 Pagina's

VU Magazine 1984 - pagina 296

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1984

VU-Magazine | 536 Pagina's