VU Magazine 1984 - pagina 215
trokken raakt. Een beter gevoel van verbondenheid met de aarde, ook onstoffelijk, is daarvan het resultaat. De al eerder genoemde dr. D. Jongsma merkte op dat studenten moeten leren overeenstemming te vinden tussen de wetenschap en het geloof. Ook hij noemde de schepping als voorbeeld: een overeenstemming tussen wetenschappelijke inzichten, en het geloof dat de aarde in vijf dagen geschapen is. Vijf dagen? Forumvoorzitter De Jager reageerde met: ,,Jongsma dacht zeker dat er toen al een vijfdaagse werkweek was!" Kruisraketten Of de aarde nu geschapen is of langzaam is geëvolueerd, zeker is wel dat op diverse wijzen vandaag de dag een behoorlijke aanslag op die aarde wordt gepleegd. Hoewel het niet een specifiek geologisch onderwerp is, aan prof. Roeleveld toch de vraag hoe het met de vervuiling staat. ,,ln hydrologisch opzicht kun je er wel wat over zeggen omdat via het water veel vervuiling wordt verplaatst. Het is in ieder geval een lang onderschat probleem geweest en je moet die processen ook zien op zeer lange termijn. Het duurt lang voor je ze op het spoor bent én ze kunnen nog heel lang onze bodem vergiftigen. Het grote gevaar is, dat gif terecht komt in een systeem
waar je als mens mee te maken hebt, water bij voorbeeld.'' En wat is de invloed van het neerkomen van bij voorbeeld kruisraketten op de aarde? Prof. Roeleveld:,,Radio-actief materiaal is altijd gevaarlijk. Straling is gevaarlijk zolang als het duurt. Met name voor mens, dier en milieu, want die straling wordt tegengehouden als je verder in de aarde komt. Het is dus met name een oppervlakte-situatie. Wat ook problemen kan geven, dat is het kernafval dat in ondergrondse structuren wordt opgeslagen, bij voorbeeld in de diepzee. Daar wordt zeer verschillend over gedacht. Want over de lange termijnsituatie is nog weinig bekend. De vraag is echter in feite: wat acht je acceptabel als risicofactor? Milieugroepen hebben daarover een andere mening dan sommige deskundigen." Rendieren Wat kunnen we in de toekomst verwachten? Een nieuwe ijstijd? ,,Nou, er is inderdaad een reële verwachting dat die ijstijd er komt. Wanneer? Om dat te voorspellen moetje de factoren weten waardoor een ijstijd ontstaat, en die in de tijd plaatsen. Het is een optelsom van een aantal astronomische effecten. Allereerst is de stand van de aardas, die bepaalde schommelingen ondergaat, van be-
lang. Ook de mate waarin de aardas. elliptisch is heeft er mee te maken. Er zijn dus bepaalde variaties in de verdeling van zonnestraling over het aardoppervlak. Wil er een ijstijd ontstaan, dan moeten alle voorwaarden aanwezig zijn. De aarde moet bovendien gevoelig zijn voor het registreren van dit soort variaties. De Zuidpool moet bij voorbeeld liggen waar die nu ligt, en niet een oceaan. De continentale verschuivingen moeten dus allemaal goed zijn, en er mag niet al te veel warmte-uitwisseling zijn. Aan die voorwaarden lijkt over enige tijd voldaan te zijn. We leven nu in het Interglaciaal, een warme periode die ongeveer tienduizend jaar duurt. Die periode is nu bijna afgelopen. De verwachting is dat het rond het jaar 2000 eerst nog wat warmer zal worden. Na een paar duizend jaar volgt dan een nieuwe ijstijd, die ongeveer honderdduizend jaar zal duren. Die ijstijd kent veel fluctuaties. Mensen kunnen er best in leven. Dat konden ze in de vorige ijstijd ook. Die vorige ijstijd vond tussen 80.000 en 10.000 jaar geleden plaats. Het ijs kwam toen tot Hamburg. Mensen joegen toen op rendieren en mammoeten. Door de ontwikkelingen van de laatste tijd zou je kunnen verwachten dat we nu wat beter tegen de zeer lage temperaturen kunnen." (RV)
OPROEP De Vereniging voor wetenschappelijk onderwijs op gereformeerde grondslag waarvan de Vrije Universiteit uitgaat zoekt contact met personen, die zich beschikbaar willen stellen voor de functie van:
VERENIGINGSLID UNIVERSITEITSRAAD v / m De Vrije Universiteit te Amsterdam wordt bestuurd door het College van Bestuur en de Universiteitsraad, onder uiteindelijke verantwoordelijkheid van het Bestuur der Vereniging. De Universiteitsraad bestaat uit 40 leden; 33 leden gekozen uit het wetenschappelijk personeel, het technisch administratief personeel en de studenten, terwijl 7 buitenuniversitaire leden — bij de Vrije Universiteit de Verenigingsleden genoemd — worden benoemd door het Bestuur der Vereniging na overleg met de Universiteitsraad. De benoeming geschiedt voor een termijn van twee jaar. Het betreft hier geen gehonoreerde functie, wel is er een onkostenvergoeding aan verbonden. Van de Universiteitsraadsleden wordt verwacht dat zij zich verbonden voelen met de Vrije Universiteit. Tevens moeten zij voldoende tijd hebben om actief deel te nemen aan de raadsvergaderingen die gemiddeld éénmaal per veertien dagen plaatsvinden, terwijl er van uitgegaan wordt dat zij zitting nemen in ten minste één raadscommissie die als regel éénmaal per twee weken bijeenkomt. Een aantal vergaderingen vindt overdag plaats. In september 1984 moet een vacature vervuld worden. Het Bestuur der Vereniging denkt hierbij aan vrouwelijke en mannelijke kandidaten vanaf 30 jaar. Zij die belangstelling hebben voor de functie van Verenigingslid in de Universiteitsraad, alsmede zij die de aandacht willen vestigen op mogelijke kandidaten, worden verzocht zich schriftelijk te wenden tot het Bestuur der Vereniging, p/a Vrije Universiteit, Postbus 7161,1007 MC Amsterdam, kamer 1D-26. Voor telefonische informatie kunt u contact opnemen met de heer P. J. Kruysse, algemeen secretaris van het Bestuur der Vereniging, telefoon (020) 5 48 37 13.
vu-Magazine 13(1984) 5 mei 1984
173
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1984
VU-Magazine | 536 Pagina's