VU Magazine 1984 - pagina 164
¥at i$ dit nu Aveer Yoor chemische troep: CaCaO j
gezondheid en de portemonnee) van de consument, maar al evenmin met die van het milieu en de derde wereld. Een andere algemene concJusie is, dat de overheid, ondanks warenwet en allerhande besluiten, nog te weinig haar invloed aanwendt ten gunste van de
kunt u Yoor mij ook zo'n pakje cacao pal;]<en ?
consument en veeleer de verdenking op zich laadt liever de kant van de producent te kiezen. En daartegenover staat dan alleen maar een verdeelde en uiterst versnipperde consumentenbeweging die ternauwernood een vuistje weet te ballen.
Van kunstboter tot 99'belazerine" Misleiding van de consument is, zoals gezegd, één van de klachten die men voedselproducenten naar het hoofd slingert. Een al te zwaar verwijt? Oordeelt u zelf aan de hand van enkele voorbeelden uit het boek ,, Voedsel". Snoep verstandig, eet eens een appel. Want wie verwacht met zo'n natuurprodukt bij de neus genomen te worden? Toch passen fruittelers op grote schaal middelen toe die niet het belang van de consument dienen, maar bedoeld zijn om deze om de tuin te leiden. De stof etheen is een „groeiregulator" die de ontwikkeling van bij voorbeeld appels en tomaten stimuleert. Door het kleurbevorderend effect van deze stof op appels, zou men gerust van „fruitcosmetica" kunpen spreken: het resultaat is schone schijn. Bij kunstmatig gerijpt fruit zit onder het mooie kleurtje een onvoldoende ontwikkelde smaak. Het uiterlijk zegt dus niets meer over smaak en kwaliteit van de appel die, als gevolg van de behandeling zelfs sneller melig wordt.
werking hebben en er bovendien voorzorgen dat het dier meer water vasthoudt. Om de vleesopbrengst méér te laten lijken dan die in werkelijkheid is, worden deze hormonen zes weken voor de slacht toegediend. Het boek spreekt ronduit van „economisch bedrog"; in werkelijkheid verkoopt men immers water voor vlees... In dezelfde lijn ligt de toevoeging van fosfaat aan vleeswaren. Gekookte ham wordt ingespoten met pekel dat fosfaat bevat om meer vocht in de ham kwijt te kunnen; een handeling die dus geen ander doel dient dan het bevorderen van de waterverkoop.
Becel: de reclame slogan „goed VOO hartenboedvaten" werd inmiddels verboden (E. de Kam)
: „slanke toetjes", overigens door dezelfde voedselgi: ganten op de markt gebracht, die met suggestieve ; namen a\s „Mannequin "in de koelvitrines staan. ; Iemand die aan de lijn wil doen, doet er beter aan volle • yoghurt in plaats van dergelijke magere vruchtenyog" hurt te nuttigen. Dat woordje „mager" is puur mislei: ding omdat de toegevoegde suiker de magere vruch; tenvariant calorierijker maakt dan de gewone volle :. yoghurt zónder toevoegingen. : Ook hier speelt bovendien de prijs weer een rol. Voor ; de toevoeging van suiker en een minimale hoeveel; heid vruchten (vaak niet meer dan wat sap), betaalt • men een onevenredig hoge prijs. Voor de ƒ 1,10 die : een Monatoetje kost kan men, aldus het boek „Voed! sel", zelf een „fenomenale toet" samenstellen, waar: van de vruchtenberg het fruitgehalte dat Mona aan ; het dessert toevertrouwt, verre overtreft. : Een citaat: „De reclame richt zich op het ideaalbeeld ; dat de „huisvrouw" heeft van toetjes: fris, natuurlijk, ; luchtig, handig in formaat, rijk aan vitaminen, gezond '• voor kinderen, overal verkrijgbaar en waar voor je : geld. Het lijkt me twijfelachtig of bij .voorbeeld een ; Jolly-ananaspuddinkje wel zo natuurlijk en gezond ; voor kinderen is. De verpakking suggereert vooral : verwenning, verrassing en een feestelijke afsluiting ; van de maaltijd, terwijl de meestal schreeuwend aanwezige sticker je moet doen geloven dat jij net de ; gelukkige bent, die het toetje voor een spotprijsje kan ' meenemen."
het fruit voor Nederlandse jams zelden uit de Betuwe, maar vaker uit Polen en de Balkanlanden komt omdat de plukkosten daar lager zijn. Overbodig te zeggen dat de niet goedkopere halvajam wél evenveel vruchten bevat als de gewone vruchtendril, maar dat een gedeelte van de suiker simpelweg vervangen is door water. Bij de neus genomen wordt eveneens de consument die denkt dat het troebele uiterlijk van sommige vruchtendranken wordt veroorzaakt door partikels vruchtvlees. Het zijn echter de toegevoegde troebleermiddelen die deze schijn van fruit ophouden en voor het overige volstrekt geen doel hebben. In de alcoholhoudende sector is vooral bier illustratief voor misleidende naamgeving. Kwalificaties als ,,lekker hoppig" of „extra moutig" berusten op niets: beide grondstoffen zijn dermate prijzig dat ze uiterst minimaal bij de produktie van ,,gerstenat" gebruikt worden. Ook die naam is trouwens misleidend omdat gerst als grondstof heeft plaatsgemaakt voor goedkopere granen als maïs en rijst. En de laatste ,,beste brouwer'' is sinds lang vervangen door de computer. Om even in de sfeer van de alcoholische comsumpties te blijven: de aanduiding „graanjenever" zegt niets over de ware samenstelling van deze jonge klare die als hoofdbestanddeel industriële alcohol bevat, gestookt uit melasse en melade. En dat zijn, zoals bekend, geen granen maar afvalprodukten van de suikerfabricage.
Het onthullende van dit citaat zit 'm in het feit, dat deze woorden niet afl<omstig zijn van een hetzerige kritif(aster, maar werden neergeschreven door een heuse Unilever-directeur in het tijdschrift „Foodpress". In eigen kring windt de producent van „Jacky" (voorheen „Jolly") er blijkbaar geen doekjes om...
Bols, jeneverproducent sinds eeuwen, ontkent deze ,,produktverwording" ook niet, maar verdedigt zich met de stelling dat „graanjenever" slechts een type aanduidt: een mededeling over de smaak en de geur van het produkt die niet de pretentie heeft dat deze jenever (uitsluitend) uit graan werd gestookt. Een aardig verweer. Nóg aardiger is het commentaar hierop van de Werkgroep Voeding: ,,Zo mag een wollen trui van kunststof zijn als hij maar wollig aanvoelt, en een reebiefstuk van varkensvlees mits hij naar wild smaakt"....
Partikels Het is duidelijk dat alleen de blote verkoopcijfers tellen. En daarbij is alles geoorloofd om zo'n produkt maar zo min mogelijk te laten lijken op wat het in feite is: zuivel en suiker met een smaakje. Bekend is de Sterreclame voor yam, waarbij bloeiende Betuwse boomgaarden in beeld worden gebracht. Dat de reclamemakers blijkbaar onkundig zijn van de biologische onmogelijkheid, dat de aarbeien die men daarbij toont vrucht zijn van de fruitbomen, kan men afdoen als een flauw terzijde. Niet echter het feit dat
Toet Dat het verkopen van water een lucratieve bezigheid is, had de voedselindustrie overigens al eerder ontdekt. Vrijwel de gehele „halva-cultus" is, met een buiging naar de slankheidsmanie en een knipoog naar de eigen winstmarges, een waterig zaakje. Het principe is simpel en „multi-toepasbaar"; voeg meer HHv^ water aan het produkt toe, noem 't een slankmaker en succes is verzekerd. i Een ander voorbeeld. Het beruchte groeihormoon Zo bestaat halvarine voor meer dan de helft uit water. ïiS^Bp \ DES werd tot 1961 op ruime schaal gebruikt bij de De Werkgroep Voeding laat niet na het grapje te teelt van slachtvee. Daarna werd het verboden van- vermelden dat binnen de margarinesector van het ff^^L wege de bewezen, vérgaande risico's voor de ge- L/n//ever-concern de ronde doet: na halvarine ontwikzondheid van de consument. Tot 1981 kon dat verbod kelt men nu een nog „slankmakender" produkt dat ontdoken worden omdat een afdoende methode ont- voor honderd procent uit water bestaat en daarom brak om het gebruik van DES aan te tonen. Het „belazerine"za\gaan heten. gebeurde dan ook op grote schaal. Maar ook nu Water is, na lucht, de goedkoopste grondstof die men 1' wordt in partijen rund- en kalfsvlees soms nog wel zich denken kan. Maar wie meent dat de consument dit in een lagere prijs krijgt doorberekend, heeft 't mis. DES aangetroffen. Afgezien daarvan blijken vleesproducenten niet voor één gat te vangen. Als alterna- De halvaprodukten en andere zogenaamde slankmatief voor DES wordt de slachtveestapel thans vaak kers zijn veelal juist duurder dan de ,,volle" produk^ > behandeld met „niet-anabole" hormonen, zoals ten. Wat voor halvarine geldt, geldt ook voor de vele „thyreostatica", die eenzelfde groeibevorderende
M"
Bi
hi] 1^
vat heeft-ie
^ il
^p
138
Lippenstift Toppunt van de talloze pogingen om de consument een rad voor ogen te draaien vormt natuurlijk het overvloedig toepassen van een groeiend scala aan geur-, kleur-en smaakstoffen. Het geel van mayonaise is slechts voor een gering deel afkomstig van eidooiers. Het roze van een aard-
chemiCu^.
• i\ • ' ^ ^ ' ^ '
vu-Magazine 13(1984) 4 april 1984
Jvc_ vu-Magazine 13(1984) 4 april 1984
139
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1984
VU-Magazine | 536 Pagina's