VU Magazine 1984 - pagina 301
Pieter Boot over planning in de DDR:
,Het doel is een eerlijker verdeling van de tekorten' Er hangt voor westerlingen vaak een geheimzinnig waas rond Oost-Europa. De afschuweliji^e uitdrukking,achter het ijzeren gordijn' geeft enigszins de problematische relatie tussen Oost en West weer. Een ijzeren gordijn dat alles wat zich aan gene zijde voltrekt voor ons volkomen duister maakt. Langzaam sijpelt zo nu en dan iets door van wat zich daar nu werkelijk afspeelt. We weten dat daar geen werkloosheid is, dat mensen niet alles kunnen zeggen en doen wat ze willen, en we weten ook dat ze helemaal niet zo gelukkig zijn met de SS 20's die ze op hun grondgebied geplaatst krijgen. OverOost-Europa, en in het bijzonderde DDR, spraken wij metde econoom dr. P./A.8oof, die onlangs op een studie naar economische planning in de DDR promoveerde. de socialistische beweging bijvoorbeeld is een dergelijke .maakbaarheid van de samenleving' een centraal punt. De DDR zou een goed voorbeeld moeten zijn omdat het een land is waar zoiets zou kunnen slagen. Dat blijkt echter niet het geval te zijn. En dan kom ik op mijn tweede vraag: waarom konden ze dat dan niet? Maken de planners fouten? Komt het door de aard van de economie?"
Pieter Boot (29) noemde zijn studie ,Ekonomische planning in de Duitse Demokratische Republiel<'. Hij promoveerde bij prof. dr. L.F. van Muiswinkel QJa)enprof. dr. M.J. Ellman (UvA). Ook als student aan de VU hield Pieter Boot zich al bezig met Oost-Europa. Hij maakte verschillende reizen in die richting en schreef zijn eindscriptie ook al over de DDR. Nu werkt hij voor de helft van de tijd aan de economische faculteit van de UvA, en voor de andere helft aan de Katholieke Hogeschool in Tilburg. Hij is redaktielid van het tijdschrift ,Oost Europa Verkenningen ', dat — kritische — informatie biedt overditgebied. Je tiebt aan de VU gestudeerd, werkt nu in Tilburg en aan de Universiteit van Amsterdam, en promoveert vervolgens weer aan de VU. Is dat geen vreemde omweg? Pieter Boot: ,,ik schreef mijn scriptie ook ai bij prof. Van Muiswinkel, en die vond dat wel leuk. Na mijn afstuderen, in 1979, rnoest ik echter in dienst. Ik had inmiddels al besloten om in mijn diensttijd met dit onderzoek door te gaan, maar ik ben toen lid geworden van het hoofdbestuur van de VVDM, de vakbond voor dienstplichtige militairen. Van dat onderzoek kwam toen niet zoveel. Later ben ik daarmee verder gegaan en kwam toen met prof. Ellman in kontakt, die een autoriteit is op dit gebied. Uit een soort erkentelijkheid ben ik toen toch aan de VU gepromoveerd." Inval In zijn proefschrift koos Pieter Boot voor de DDR omdat het één van de minst bekende Oosteuropese landen
VU-Magazine 13(1984) 7juli/augustus 1984
Pieter Boot (AVO/VU)
is. Bovendien is het een vrij .gemiddeld' land. Er is geen sprake van een grote particuliere sector zoals in Polen, geen vergaande veranderingen in het economisch systeem zoals in Hongarije, en geen duidelijke breuk in de geschiedenis, zoals na de Sovjet-invai in Tsjechoslowakije het geval was. Tenslotte is de DDR het meest geïndustrialiseerde land van Oost-Europa. Het heeft sinds de jaren zestig het hoogste Bruto Nationaal Inkomen per hoofd van de bevolking. Hef onderwerp van je proefsclirift is economische planning. Hoe heb je dat precies behandeld? Pieter Boot: ,,lk heb bestudeerd of je voor een groot aantal jaren een plan kunt maken waarvan je na die tijd kunt concluderen dat het ook inderdaad enigszins is uitgekomen. Dit is niet alleen een academische vraag. Voor
Stalin En wat waren de oorzaken? ,,lk heb dat op drie manieren uitgezocht. Allereerst voor de buitenlandse handel. Die viel heel erg tegen. De DDR heeft tot 1954 veel moeten betalen aan de Sovjet-Unie, veel meer dan indertijd in Potsdam is afgesproken. De Comecon, een populaire naam voor de Raad voor Wederzijdse Economische Hulp, was in de beginjaren een veelbelovende, goede club. Stalin vond die wederzijdse hulp echter niet zo nodig: hij ging uit van het principe .verdeelen heers'. Een tweede punt betreft de vraag of je van conjunctuur kunt spreken. Er zijn inderdaad schommelingen in de groeicijfers te ontdekken. Eén van de mede-schuldigen hieraan zijn de bedrijven. Die willen natuurlijk veel in projecten investeren. Ze ontwikkelen mooie plannen met veel beloften, en krijgen dan vervolgens toestemming met het project te beginnen. Na verloop van tijd blijkt het allemaal veel duurder uit te vallen, maar er is dan al zoveel geïnvesteerd, dat het voordeliger lijkt door te gaan. Dan ontstaat er een tekort aan materialen, hetgeen de kosten nog meer verhoogt. Op een gegeven moment besluiten de plan-
251
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1984
VU-Magazine | 536 Pagina's