Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1984 - pagina 257

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1984 - pagina 257

6 minuten leestijd

Dan kan ik wel zeggen: luister eens, u heeft geen relatie dus u kunt ook niet zwanger worden, maar dat is natuurlijk met oogkleppen oplopen." Watwiitu bereiken met uw standpunt? Prof. Schoemaker: ,,Waar het om gaat is dat ik voor mijn eigen geweten zo zuiver mogelijk wil handelen. Daar ben ik verantwoordelijk voor en daar moet ik rekenschap van afleggen. Dat is het enige. Ik ben geen prediker, geen evangelist. Als men mij op mijn standpunt aanvalt, ben ik ook best bereid dat te verdedigen en aan de grondslag van de VU inhoud te geven. Maar nogmaals, ik vind dat primair de taak van het bestuur en directie, en dan ook van individuele medewerkers. Als ik hiermee de aanzet kan geven tot het feit dat men daar weer over gaat discussiëren en een standpunt inneemt, dan denk ik dat er al een heleboel bereikt is." Derde Prof. Schoemaker gaf hiervoor al aan dat niet iedereen op zijn afdeling er zo over denkt als hij. Eén van de artsen die daar geen twijfel over laat bestaan, is dr. M. Boer-Meisel. In 1971 kwam ze, na een deel van haar opleiding in de DDR gevolgd te hebben, als gyneacologe in dienst van het AZVU. Ze werkt dus al heel lang met prof. Schoemaker samen.

meerd aan het beleid van de afdeling. Meer moeite heb ik met het verbieden van abortus. Ook hierover is besloten dat het onder bepaalde voorwaarden mag, al hoeft het niet. Schoemaker aborteert niet, en ik doe het ook liever niet. Maar er zijn noodgevallen waarin ik het wél doe. In zo'n geval zou ik zo iemand die zich duidelijk in een noodsituatie bevindt, dan ook liever niet doorverwijzen. Het is zo al naar genoeg." „Vaderen" Prof Schoemaker vindt dat vruchtbaarheidsonderzoeken alleen verricht mogen worden bij paren die een stabiele, heterosexuele relatie hebben. Is datook uw mening? ,,Als je om je heen kijkt, zie je dat het in die relaties vaak helemaal niet zo goed gaat. Hoe kun je overigens weten of iets stabiel is? ,,Heterosexualiteit" is makkelijker te meten, maar daarvan vraag ik me af of dat beter zou zijn dan homosexualiteit. In een gezin maakt niemand zich zorgen of een kind wel een goede vader heeft. Terwijl dat in de praktijk betekent dat een vader vaak de hele dag afwezig is. Bij lesbische paren merk je juist vaak dat die hun best doen een vaderfiguur voor het kind te vinden. Ze vragen vaak vrienden om voor het ^kind te ,,vaderen" en datwerkt meestal goed. Bij follow-ups bij paren die we vroeger voor kunstmatige inseminatie behandelden, bleken ook heel weinig problemen te bestaan."

Is er eerder sprake geweest van verschil van mening tussen u beiden? Dr. Boer-Meisel: ,,Ach, we weten al heel lang van elkaar dat we over bepaalde zaken niet hetzelfde denken. In het concrete geval van mevrouw Dat is al begonnen toen Schoemaker Cornelissen bent u accoord gegaan terugkwam uit de Verenigde Staten en met hetweigeren van de behandeling. hoofd van de afdeling werd. Voor die ,, Ja, dat klopt. Ik denk dat Schoemaker tijd was prof. dr. J. Janssens hoofd. haar niet wilde behandelen omdat ze Onder hem waren we toen al een tijd lesbisch was en ook nog eens een kind bezig met kunstmatige donorinsemi- wilde via kunstmatige inseminatie. Dat natie. was een beetje te veel. Ik had haar wel Toen Schoemaker hoofd werd, vond willen opereren, maar dan had ik haar hij dat donorinseminaties niet meer mochten omdat dat een doorbreking Dr. M. Boer-Meisel van het monogame huwelijk zou zijn. Er zou dan een derde in het spel zijn. We zijn daar als afdeling mee accoord gegaan. Er werden geen nieuwe patiënten meer aangenomen, alleen de behandeling van de oude patiënten werd afgemaakt. Ik had daar niet zoveel problemen mee. Er zijn tegenwoordig genoeg instellingen waar je voor kunstmatige ; inseminatie terecht kunt. Dat heeft ook helemaal niet tot een conflict geleid. De ethische commissie heeft indertijd 5wél toestemming gegeven voor kunst- > matige inseminatie. Het mag dus wei, ^ maar in dit geval heb ik me geconfor- S

vu-Magazine 13 (1984) 6 juni 1984

^

daarna moeten doorverwijzen voor kunstmatige inseminatie. En je kunt beter in één ziekenhuis alles tegelijk hebben." Geweten De rol van de patiënt blijft bij dit soort meningsverschillen altijd wat op de achtergrond. Vindt u dat patiënten meerte vertellen moeten hebben? ,,De patiënt heeft natuurlijk ook nog een mening. Als hetom vaktechnische zaken gaat, weet de arts natuurlijk veel meer. Maar als het om ethische vragen gaat, is de patiënt een gelijkwaardige partner. Ik ben al enige tijd bezig met een sexuologie-spreekuur. Daar is het heel erg belangrijk datje begint op het niveau van de ander en je zo veel mogelijk onthoudt van een oordeel. Alleen dan kun je werkelijk hulp geven. Overigens vraag ik me wel af wiens geweten zwaarder weegt: dat van Schoemaker of van mij. Ik heb mijn eigen verantwoordelijkheid, van waaruit ik mijn eigen grenzen stel. Ik weet dat Schoemaker de criteria op grond waarvan hij iemand wel of niet wil behandelen, uit de bijbel haalt. Ik ben daar niet zo zeker van. Over kunstmatige inseminatie werd in de bijbel natuurlijk niets gezegd, maar velen wisten wel andere methoden als ze hun zin niet kregen. Kijk maar eens hoe koning David Batsebawistte krijgen. Of kijk naar Jezus, die toch een voorbeeld voor ons is. Hij schopte tegen alle bestaande normen aan, nam hoeren in huis en spande zich in voor diegenen die het niet breed hebben. Als je dat zou willen doortrekken naar het heden, zou je misschien kunnen zeggen dat dat nu geldt voor de gediscrimineerde groepen, en dus ook lesbische vrouwen. Ook prof. Janssens is accoord gegaan met het verrichten van abortus, hoewel hij er heel veel moeite mee had, onndat hij vond. dat het naastenliefde is om mensen in nood te helpen. Hoewel ik liet dus niet met Schoemaker eens ben, is het zeker niet zo dat wij het ene conflict na het and.ere hebben. We weten van elkaar hoe we er overdenken en ik waardeer in hem dat hij eerlijk is en vierkant achter zijn standpunt blijft staan." Het AZVU-bestuur heeft inmiddels over deze problematiek vergaderd. Een standpunt is daar niet uitgerold: het bestuur besloot eerst advies aan de commissie medische ethiek te vragen. De afdeling van prof. Schoemaker zal dus nog even moeten wachten op een antwoord op de vraag wat nu wel en wat niet mag. D

211

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1984

VU-Magazine | 536 Pagina's

VU Magazine 1984 - pagina 257

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1984

VU-Magazine | 536 Pagina's