Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1984 - pagina 298

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1984 - pagina 298

4 minuten leestijd

Schijn en Werkelijkheid.

^'N. ^^fi^

Zal Nederland zgn vloot verzwakken, als Indië bedreigd wordt? Hein Kray wond er in De Houten Pomp geen doekjes om tegen wie Ned. Indië moest worden beschermd: Engeland, Japan en de VS

oorlogsschepen te bouwen. Al voorde eerste Wereldoorlog dwarrelden daarvoor verlanglijstjes op de regeringstafel, die de ministers van financiën naar adem deden snakken. Een militair boodschappenlijstje van 1913 bevat b.v. negen slagschepen van elk21.000 ton, zes torpedokruisers, acht torpedobootjagers, 44 torpedoboten, 22 onderzeeërs en zes mijnenvegers. Het verlies van Indië zou economisch gezien een ,,nationale ramp" zijn, zo werd betoogd. Op de kosten diende dus niet te worden gekeken. Ter bewerking van de publieke opinie werd een vereniging ,,Onze vloot" opgericht om de ,,valse gerustheid, kortzichtigheid, kleingeestige schrielheid en gemis aan offervaardigheid" ie bestrijden. Scheepsbouwers als De Schelde en Feyenoord gaven financiële steun aan deze actiegroep. Journalisten werden ingehuurd om artikelen over de noodzaak tot vlootversterking te schrijven, in een oplaag van 100.000 werd een brochure in Nederland verspreid ,,s'Lands welvaart in gevaar", waarin de rampspoed werd uitgemeten die Nederland zou treffen wanneer we niet meer oorlogsschepen bouwden. Nederland zou terugzinken tot een van de onbeduidendste staatjes van Europa, klaar voor inlijving bij een grote mogendheid. Met name werd in de brochure gewezen op de naderende rassenoorlog in het Verre Oosten. Zou blank daar de baas blijven of niet? Daar ging het om. Zo dacht ook de Raad van State er over. Het vlootplan werd het ,,kleinst toelaatbaar minimum" geacht. Door de wereldoorlog 1914-1918 bleef het echter bij papieren plannen. Voor de bouw van grotere schepen was Nederland aangewezen op buiten-

248

landse werven. Nauwelijks was het weer vrede of de plannenmakerij tot opvoering van de bewapening begon weer. Op papier verscheen nu een ander minimum: vier kruisers, 24 jagers, 32 onderzeeboten (de papieren daarvan waren aanzienlijk gestegen door het succes van de Duitse U-boten) en vier mijnenleggende onderzeeboten. Omdat een en ander de draagkracht te boven ging van Nederland, werd het plan meteen al gehalveerd: de eerste zes jaren zou slechts de helft van dit plan moeten worden uitgevoerd. En zo werd het wetsontwerp gepresenteerd: het ging om ,,het halve minimum", een omschu\y\ngd\é zelfs bij de grootste militaire leek de argwanende vraag deed rijzen of een halve vloot geen weggegooid geld was. En zo komen we op het punt öAKER COLIJN VERTELT EEN SPnOOICJE.

.-•->

r;-^

Uil

Gegoochel met cijfers in 1923. In zijn ijver om de Vlootwet te verkopen ging Colijn zover dat hij het voorstelde alsof de (op afbetaling) te bouwen schepen niets zouden kosten. Prent van N. van Zalingen in De Notenkraker

waarvoor Beunders in z'n boek een ruime plaats inruimt: Nederland had geen schijn van kans zich tegen welke grote mogendheid dan ook met succes te kunnen blijven verweren, noch voor wat betreft het moederland, noch in de koloniën. We waren gewoon te klein en konden daarom slechts hopen dat niemand er belang bij zou hebben of zo onfatsoenlijk zou zijn ons aan te vallen. Dit gegeven heeft er meer dat wat ook toe bijgedragen dat vanuit de bevolking aan de Rijndelta in Europa een voortdurende prediking de wereld inging om geen oorlog te maken en zich te houden aan regels van internationaal rechten ethiek. Een fatsoenlijkerwereld was de enige kans om de dans te ontspringen. Militair waren we toch niet opgewassen tegen een grote mogendheid. En zo groeide dan het zelfbeeld van Nederland ais uitzonderlijk vredelievende natie. Van de nood werd een deugd gemaakt. „Zelfbeeld" Klopte dat zelfbeeld? Beunders doet er behoorlijk cynisch over in zijn studie. ,,Nederland gedroeg zich in koloniaal, buitenlands-politiek en militair opzicht niet veel minder machiavellistisch dan de andere mogendheden". Uitgerekend op het moment dat de grote mogendheden in een conferentie in Washington de koppen bijeenstaken om te komen tot een beperking van hun vloten, werd in Nederland een plan ontwikkeld voor meer oorlogsschepen. En hoewel na de eerste wereldoorlog de afschuw groot was voor het,,geniepige" wapen dat onderzeeboot heette (geen open gevecht aangaan, maar stiekum van onder water een gat in de kiel van de tegenstander schieten opdat iedereen zou verdrinken), toonde Nederland zich een groot voorstander van de duikboot. We konden die op onze kleine werven zelf bouwen en 't was ook nog een heel goedkoop wapen vergeleken bij al die grote dure schepen. Pogingen om tot een verbod van de duikboot te komen, stuitten dan ook op Nederlands verzet, tot op de grote ;;;^^ ontwapeningsconfe"^ ' rentie van 1932 in ^_^ Geneve toe. • t ^ Dat wapen heette onmisbaar voor het behoud van Indië. De , - , dubbelhartigheid ,.En üU de Vlootwet ifordt aangenomen, is On:c Lici'C Heer roo blij, dat ie Cf gouLuetientjcs laat regenen . . . en coo koit de Vloottret niets..." (De Notenkraker, 13-10-23.)

vu-Magazine 13(1984) 7 juii/augustus 1984

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1984

VU-Magazine | 536 Pagina's

VU Magazine 1984 - pagina 298

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1984

VU-Magazine | 536 Pagina's