VU Magazine 1984 - pagina 497
^
kerk ten slotte die ook trekken van de 'gevestigde' kerk draagt voor zover ze vasttioudt aan viering en verkondiging." Beraad Juist aan een dergelijke intensieve ethische bezinning ontbreekt het, zoals ook bleek uit de inleiding van dr. A. W. Mussclienga, studiesecretaris van het organiserende Bezinningscentrum, die, samen met dr. Thung, daartoe een 'moreel beraad' binnen de kerken voorstond, met als doel de ethische en maatschappelijke vorming van de leden. Een beraad waaraan hetzelfde gewicht zou moeten worden toegekend als aan 'viering' en 'verkondiging'. Dat zou, volgens Musschenga, uiteindelijk een voldoende mate aan consensus binnen de kerken moeten opleveren, die noodzakelijk is voor de geloofwaardigheid van kerkelijke uitspraken welke 'naar buiten toe' worden gedaan. Musschenga wenste nadrukkelijk onderscheid te maken tussen uitspraken geadresseerd aan de eigen kerkelijke gemeenschap — het 'preken voor eigen parochie' dus — en uitspraken die daarnaast gericht zijn tot de overheid en de samenleving als geheel. En met name aan die laatste categorie uitspraken zag hij gaarne zeer zware eisen gesteld. Zo zouden kerken zich nimmer in politiek-strategische discussies mogen mengen, aldus Musschenga die zich, overigens niet als enige van de ter conferentie aanwezigen, afvroeg of de hervormde en gereformeerde synodes er verstandig aan hadden gedaan om zich zo nadrukkelijk uit te spreken tegen de plaatsing van kruisraketten. Daarmee stelde Musschenga zich op één lijn met De Ruiter waar het't gezag van kerkelijke uitspraken betreft: "Kerkelijke politiek-ethische uitspraken hebben niet a priori méér gezag dan die van een andere instantie", betoogde de studiesecretaris. "Omdat ook kerken de politiek-ethische waarheid niet in pacht hebben, kunnen dergelijke uitspraken nooit bindend zijn voordeleden."
le-
Strategie Het gezag van kerkelijke uitspraken; daarom draaide het ook voornamelijk in het referaat van prof. dr. G. Dekker, godsdienstsocioloog aan de VU. Dat gezag is door twee ontwikkelingen problematisch geworden, aldus Dekker: "Hetfeitdatde kerk zich niet meer in een kerkelijke of christelijke samenleving bevindt én het feit dat de kerken intern sterk verdeeld zijn over vrijwel alle zaken waarover de kerkelijke or-
VU-Magazine 13 (1984) 11 december 1984
Dr. M. A. M.KIompé: "Kerk die zwijgt kiest voor de onderdrukker"
ganen uitspraken doen." De kans is daardoor niet gering dat de wal het schip keert: het risico dat de kerk zich met dat spreken juist verwijdert van hetgeen zij met haar spreken beoogt is bepaald nietdenkbeeidig. De beste strategie, zo meende Dekker, zou wel eens kunnen zijn dat men minder tijd en aandacht investeert in het spreken tot overheid en samenleving, ten gunste van een spreken tot de eigen gelovigen. Dit dient dan wel te geschieden door bezinning, meningsvorming en gewetensvorming. Gerard Dekker was het daarin in feite eens met Mady Thung en Bert Musschenga, die eveneens het orde op zaken stellen binnen de kerken de allerhoogste prioriteft gaven. En dat standpunt lag in feite weer niet eens zo ver verwijderd van dat van de als 'kerkmens' sprekende minister van defensie. Want, in de woorden van Dekker: "Het mikken op veranderingen in de opvattingen en gedragingen van de eigen leden zou wel eens de meest effectieve manier van maatschappijverandering kunnen zijn." En zo hoort 't ook, althans in een democratie! Al met al werd daarom met gespannen verwachting Uitgezien naar wat prol dr. D. C. Mulder, die binnenkort als theoloog afscheid neemt van de VU, daar als voorzitter van de Raad van Dr. M. A. Thung: „Ik streef niet naar een ideale kerk maar naar de minst beroerde"
Kerken nog aan toe te voegen had. En dat niet alleen omdat Kuitert eerder al had gewezen op het ontbreken van elke kerkelijke rechtsgrond bij uitspraken van de Raad, maar vooral ook omdat die Raad juist bekendheid geniet vanwege de vele naar buiten gerichte politieke uitspraken. Maar erg veel verder dan de richtlijn dat dit spreken duidelijk zal moeten voortvloeien uit het evangelie en dat ,,eigen waarheid en wijsheid" daarbij belangrijke ciriteria zijn, kon Mulder ook niet komen. Wantook hij had, naar eigen zeggen, rekening te houden met het feit dat veel kerkleden zich weinig of niets aan kerkelijke uitspraken gelegen laten liggen. Zijn stelling dat de kerkleiding echter niet alleen namens maar ook tot de kerk spreekt, verandert daaraan weinig. Dat standpunt — waarin kerkleiders zich in een merkwaardig onaantastbare, eigenmachtige positie plaatsen — was tijdens de conferentie nu juistzo omstreden gebleken. Dat de 'woordenstrijd' uiteindelijk werd beslist in het voordeel van een sprekende kerk — zij 't vooral bescheiden sprekend en in eerste instantie gericht tot de 'eigen parochie' — was in niet geringe mate ook te danken aan het messcherpe betoog van W. A. Boesak, Zuidafrikaans predikant en VUstudent, waarmee de eerste conferentiedag passend werd besloten. Hij bewees namelijk het belang van een sprekende kerk in een andere politieke situatie waarin democratie een farce is: de apartheid in zijn geboorteland. Daar is het aanhoudend protest vanuit bij voorbeeld de zwarte gereformeerde kerken immers de onmisbare motor van het verzet tegen een onduldbare politieke onderdrukking. De forumdiscussie die de tweede dag en daarmee de conferentie afrondde, zal aan de einduitslag weinig hebben bijgedragen. Dat debat liep uit op een hoogst verwarrende vertoning van parmantig in- en uitpratende heren die, omdat enkele forumleden de conferentie niet hadden bijgewoond en hun stellingen al dagen tevoren aan het papier toevertrouwden, elke aansluiting met eerdere gedachtenwisselingen misten. Mgr. J. F. Lescrauwaet, hulpbisschop te Haarlem, die met IKV-secretaris Faber, synodevoorzitter Kouwenhoven, politicus/socioloog Kuiper en priester/politicus Van Ooyen aan hetforum deelnam, gaf dan ook blijk van diep inzicht toen hij reeds aan het begin • van de discussie meldde niet beledigd te zullen zijn wanneer de voorzitter hém verder het zwijgen zou opleg, gen... n
405
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1984
VU-Magazine | 536 Pagina's