VU Magazine 1984 - pagina 378
aan onderwijsgevenden, geen medewekers voor het onderwijs aan culturele minderheden, maar wel ,,consulenten anderstaligen" \r\ dienst. Anders Het feit dat de grote groepen buitenlandse kinderen, die vanaf de jaren zeventig de Nederlandse scholen gingen bezoeken, geen Nederlands spraken en dus anderstalig waren, was trouwens het eerste probleem waar leerkrachten mee te maken kregen. De kinderen waren ,,anders". Wat er nu eigenlijk precies ,,anders" was, werd pas duidelijk toen ze daarover in een moeizaam verworven Nederlands konden vertellen. Wanneer we bezien hoe het onderwijs reageerde en nog steeds reageert op de komst van kinderen uit culturele minderheidsgroeperingen, dan blijkt dat daarin meestal een aantal fasen valt te onderscheiden: de fase van het negeren; de fase van de taalproblemen; de fase van de didactische problemen; de fase van de pedagogische problemen;
de fase van de levensbeschouwelijke/godsdienstige en beleidsmatige problemen. Deze fasen kunnen onderling sterk variëren in tijdsduur, overlappen elkaar soms, treden ook wel eens gelijktijdig op en komen een enkele maal niet allemaal voor. In heel wat scholen wordt niet alleen de eventuele godsdienst van culturele minderheden genegeerd, maar wordt ervoor het overige ookgeen aandacht aan hen geschonken. Dat gebeurt zelfs nog wel wanneer kleine aantallen van kinderen uit minderheden de scholen bezoeken. De aanwezigheid van enkele van die kinderen leidt zelden tot aandacht voor hun culturele achtergronden. Maar als er meer van die kinderen komen, wordt de fase van negeren wel opgevolgd door de fase waarin de kinderen als anderstalig worden gezien. Het feit dat er een taalbarrière is, wordt als dé grote handicap gezien en de vaak bewonderenswaardige inzet van de leerkrachten richtzich op het slechten daarvan. Naast taaldidactische problemen dui-
ken na enige tijd in deze fase ook andere didactische problemen op. Leerkrachten lopen dan aan tegen vragen als: wat betekent het voor het onderwijs dat een kind eerst in het Arabisch van rechts naar links heeft leren schrijven en dat nu in het Nederlands van links naar rechts moet doen? En zouden staartdelingen in Joegoslavië op dezelfde wijze aangeleerd worden als hier? In de praktijk blijkt dat er nog maar weinig gegevens uit wetenschappelijk onderzoek zijn, die de leerkrachten kunnen helpen bij het beantwoorden van dergelijke vragen. Er zijn bij voorbeeld wel talloze ontwikkelingspsychologische studies verricht naar de wijze waarop Australische aborginekinderen en jonge Eskimo's informatie opnemen en begrip van hoeveelheid ontwikkelen, maar er zijn nog geen gegevens bekend van de wijze waarop dat gebeurt bij jonge Turkse kinderen (in Nederland). Botsing Nu, onder meer door een ongunstiger economisch klimaat, de gezinshereni-
De stichting Ideële Reclame (SIRE) ontwikkelde een advertentiecampagne om tiet wederzijds begrip te bevorderen
Hassan is een eerlijk, vnendehik en oprecht maatje met een oi:)en blik Toch doet zich soms een situatie voor waarin je niet w e e t w a t je aan hem hebt 'Waarom zegt-ie nou met g e w o o n ja of nee^', denk je dan Het a n t w o o r d is simpel. O m d a t Hassan Marokkaan is. En als Marokkaan heeft hij geleerd dat je wel nee m a g denken, maar dat nee z é g g e n erg onbeleefd IS. Het is goed om dat te w e t e n , als je H a s s a n iets aanbiedt Of iets vraagt. Net zoals het goed is om even te w e t e n dat er m Nederland kinderen w o n e n van een heleboel verschillende nationaliteiten en nog meer verschillende a c h t e r g r o n d e n en dat die kinderen echt met allemaal hetzelfde zijn 't Zou t r o u w e n s een saaie boel worden.
Yoessef is een plezierig, oj • • Geheimen heeft hi] voor niemand. B f • , •' ..'kleden w a a r a n d e r e n bi] zijn. Dat g a a t omzictitiy' Dat vraagt een omhaal! Hoe die tegenstrijdigheid is te verklaren? Heel eenvoudig Yoessef is Moslim En de Koran verbiedt het aan Moslims om hun geslachtsdelen aan v r e e m d e n te tonen. Geen kinderachtigheid dus, maar godsdienstig voorschrift. Toch goed om even te w e t e n als je met Yoessef g a a t z w e m m e n Net zoals het goed is om even te w e t e n dat er m Nederland kinderen w o n e n van een heleboel verschillende nationahteiten en nog meer verschillende a c h t e r g r o n d e n en dat die kinderen echt met allemaal hetzelfde zijn. 't 2ou t r o u w e n s een saaie boel worden
Als je Sevda m e e m a a k t op school, valt ze op door de ntinv.' keurigheid w a a r m e e ze haar werk doet Maar h e b je tien .it sj^raak met haar. d a n komt ze ijskoud een half uur te laai II' •' ciie dingen zijn te rijmen'^ Simpel In de Turkse traditie die voor een deel Sevda's achtergrom IS heeft 'op tijd komen' een andere w a a r d e dan bij ons F.i^]\ on g e k e e r d e Want m tegenstelling tot w a t wij vmcien is jm* K • ti]d komen met zoals het hoort En te laat komen w r l i i :• • om dat even te w e t e n als je met Sevda een afspraak niaaki Net zoals het goed is om even te w e t e n dat er iii Nederlaii' kinderen w o n e n van een heleboel verschillende nationaliteitfi en nog meer verschillende achtergronden en dat die kindni'-: echt met allemaal hetzelfde zijn 't Zou t r o u w e n s een saaie boi worden
LeukdotweinNederland • Leuk dat we in Nederland • Leukdat we in Nederland niet diemaal hetzelfde zijn. • niet diemaal hetzelfde zijn. • niet diemaal heizelfde SIRE
312
SIRE
SIRE
vu-Magazine 13 (1984) 8 september 1984
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1984
VU-Magazine | 536 Pagina's