Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1987 - pagina 169

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1987 - pagina 169

6 minuten leestijd

van zijn paard. Enige dagen later verkondigde hij in de synagogen van Damascus dat Jezus de Zoon van God was. Zo werd Saulus uit Tarsus de apostel Paulus die de grondslag zou leggen voor het christendom als wereldgodsdienst. In de brief aan de Colossenzen presenteert Paulus Christus daarbij als het beeld van de onzichtbare God, de eerstgeborene van de ganse schepping: "Want in Hem zijn alle dingen geschapen, die in de hemelen en die op aarde zijn, de zichtbare en de onzichtbare, hetzij tronen, hetzij heerschappijen, hetzij overheden, hetzij machten; alle dingen zijn door Hem en tot Hem geschapen.'' Deze kosmische betekenis van Christus heeft Paulus natuurlijk niet zitten bedenken omdat hij met vragen over de kosmos zat, maar omdat het visioen van de opgestane Christus zo'n overweldigende ervaring voor hem betekende. Op vergelijkbare wijze identificeerde de evangelist Johannes Jezus met het Woord waardoor alle dingen geworden zijn, omdat Christus voor hem de Weg, de Waarheid en het Leven vormde. De vergelijking 'God is Jezus' is hiermee, zoals de heer De Winter terecht opmerkt, geen godsbeeld naar ons eigen beeld. (Zie het kader bij dit artikel). Maar of dit beeld "het enige menselijke godsbeeld is waarmee we de schepper niet tekort doen", betwijfel ik zeer. Het godsbeeld 'Jezus' doet namelijk tekort aan al die mensen- die niet op dezelfde wijze als Paulus en Johannes in Jezus geloven. Hebben al deze mensen het dan bij het verkeerde eind? Is hun beeld van God ongeldig? Voor de joden vormen de vijf boeken van Mozes, de Torah, de blauwdruk voor de wereld en in de Misjna, het vroegste joodse commentaar op deze blauwdruk, vinden we het verhelderend inzicht dat ieder mens naar een uniek beeld van God geschapen is: "Een mens slaat een aantal munten uit één stempel, en allemaal lijken ze op elkaar, maar de Koning der koningen, de Heilige, Hij zij gezegend, stempelt elk mens met het stempel van de eerste mens, en toch zijn er geen twee aan elkaar gelijk. Vandaar dat ieder mens moet zeggen: Om mijnentwil is de wereld geschapen." Daarom spreekt de joodse traditie ook spelenderwijs van de God van Abraham, de God van Isaak, de God van Jakob. Het gaat wel om de ene God, maar de drie aartsvaders beleefden Hem toch verschillend. Abraham ontmoette een God die hem uit het beschermde Mesopotamië wegleidde, Isaak ontmoette een God die 36

hem op het nippertje van de offerdood redde, en Jakob vocht met God aan de rivier de Jabbok.

ring geraakt dat hij naast levendige dromen ook visuele indrukken en visioenen kreeg. Eén van deze visioenen maakte op hem een "indruk van de subliemste harmonie." Dit visioen vormde het culmieschouwen we nu niet de aartsvanatiepunt van Pauli's eerste vierhonderd ders van het bijbelse geloof, dromen en werd door Jung voor het eerst maar de groten van de natuurwe- gepubliceerd in Psychologie und Relitenschappelijke traditie, dan zien we dat gion mi 1935. God ook voor hen aparte verschijnings- De wereldklok, die Pauli in zijn visioen vormen in petto heeft. Bij een twintigste- aanschouwde, bestaat uit een verticale en eeuws theoretisch natuurkundige. Wolf- een horizontale cirkel met een gemeengang Pauli (1900-1958), treffen we bij schappelijk middelpunt. Op de verticale voorbeeld een abstract-wiskundig gods- blauwe cirkel, die in 32 delen is versymbool aan in de vorm van een 'werelddeeld, draait een wijzer. De horizontale klok'. cirkel bestaat uit vier kleuren. Hierop Pauli was halfjoods, katholiek opgevoed staan vier kleine mannetjes met pendels, en buitengewoon begaafd voor de theore- en daaromheen ligt een gouden cirkel die tische fysica. Reeds op éénentwintigjari- psychische heelheid en genezing aanduidt. ge leeftijd schreef hij een standaardwerk over de speciale en algemene relativiDe klok kent verder drie ritmen. In de teitstheorie van Einstein wat diepe indruk eerste plaats gaat de wijzer telkens 1/32 maakte op zijn oudere collega's. Rond vooruit. Bij een volledige rondgang van zijn dertigste raakte hij evenwel door zijn de wijzer gaat de horizontale cirkel evenintellectuele eenzijdigheid in een psycho- eens 1/32 vooruit. En zo voltooit deze horizontale cirkel in een lager ritme dan logische crisis. de verticale op zijn beurt een volledige Zo belandde hij op het spreekuur van de dieptepsycholoog Carl Gustav Jung die rondgang van de gouden ring. de ongelukkige natuurkundige doorstuur- In dit opmerkelijke visioen verwijst de de naar een vrouwelijke therapeut. Deze hemelsblauwe verticale cirkel volgens de dieptepsycholoog Jung naar de uitgesadviseerde hem op zijn dromen te letten. Pauli was echter psychisch zo in beroe- trektheid van het onbewuste, terwijl de

B

Kosmologie en geloof In december 1985 was in VU-magazme een uitgebreid omslagverhaal te lezen over kosmologie; de wetenschap die zich richt op vragen rond oorsprong en toekomst van het heelal. Veel van de recente ontdekkingen uit de kosmologie brengen het in de historie ontwikkelde denken over 'mens, aarde en kosmos' danig aan het wankelen. Ook grote delen uit het traditionele geloof lijken bij het doordenken van de moderne kosmologische theorieën op de tocht te komen staan. Dat was althans de mening van een lezer uit Rotterdam, de heer A.P. de Winter, die filosoferend over dergelijke vragen, zijn reactie op papier zette en de redactie toezond. "In de inleiding van het VU-magazine-artikel, Na de oerknal, werd de vraag gesteld: Zijn we eigenlijk wel alleen in de ruimte; hebben aarde en mensheid wel zo'n bijzondere plaats in het heelal?", schrijft hij. "Ik ben tot de conclusie gekomen dat, als er inderdaad meer planeten in het heelal zijn waarop (hoogwaardig) leven is - en dat lijkt nogal waarschijnlijk -, dat het dan niet gaat om één of twee andere 'bewoonde' planeten, maar om miljarden andere 'aardes'. Dat hetgeen wij als 'God' aanduiden de schepper is van alles wat er in het heelal is, staat voor mij wel vast. Maar verder komt erg veel van het traditionele geloof wel op losse schroeven te staan.'' Een voorbeeld daarvan vindt hij in het godsbeeld dat we uit de bijbel kennen en dan speciaal dat uit het Oude Testament. Dat godsbeeld "heeft zoveel van de aardse mens, dat dit beeld misschien meer gevormd is naar het beeld van de mens die over God dacht dan dat de aardse mens zelf een beeld zou zijn van de onbegrijpelijk grote schepper.'' In iets mindere mate geldt dit ook voor het Nieuwe Testament: "Daar werd God op den duur niet meer gezien als de God die er speciaal voor één volk was, maar nog wel als de God die er speciaal voor de aarde was en in de hemel 'boven' de aarde troonde. De schrijvers van de evangeliën en ook Jezus zelf zullen, als mensen van hun tijd, wel zijn uitgegaan van het denken van hun tijd. VU-MAGAZINE - APRIL 1987

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987

VU-Magazine | 485 Pagina's

VU Magazine 1987 - pagina 169

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987

VU-Magazine | 485 Pagina's