Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1987 - pagina 145

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1987 - pagina 145

5 minuten leestijd

paling toegevoegd dat men van het mannelijk geslacht moest zijn om in aanmerking te komen voor het kiesrecht. Alleen een wijziging van de Grondwet zou dit weer kunnen veranderen. Maar hierdoor was het vrouwenkiesrecht nu wel in de publieke belangstelling gekomen. Het optreden van Aletta Jacobs gaf een krachtige aanzet tot de opkomst van de vrouwenbeweging, die zich onder andere op het gebied van onderwijs, arbeid en politiek ging inzetten voor de verbetering van de positie van vrouwen. Jacobs zelf richtte in 1894 de Vereeniging voor Vrouwenkiesrecht op. Ook ontstonden een liberale en een socialistische vrouwenorganisatie. Vooral na de eeuwwisseling oefende de vrouwenbeweging een toenemende druk uit op de regering om het vrouwenkiesrecht in te voeren. Toch duurde dat nog tot 1917. Bij de Grondwetswijziging van dat jaar ontvingen alle volwassen mannen (d.w.z. van 25 jaar en ouder) zowel het aktief als het passief kiesrecht en alle

Van het passief kiesrecht verwachtten de voorstanders veel.

Prof. dr. J. Slotemaker de Bruine (achter, rechts); "Laat zóó de vrouwen komen, ook in de CHU."

volwassen vrouwen het passief kiesrecht. Dit hield in, dat vrouwen vanaf 1917 door een politieke partij kandidaat gesteld konden worden voor de verkiezingen van de Tweede en de Eerste Kamer, de Provinciale Staten en de Gemeenteraden. De politieke partijen zélf mochten beshssen of zij al dan niet van het passief vrouwenkiesrecht gebruik maakten. Ook maakte de Grondwetswijziging het de regering mogelijk het aktief kiesrecht voor vrouwen in te voeren, zodat zij dus zelf bij verkiezingen een stem uit mochten brengen. De in 1887 toegevoegde voorwaarde dat de kiezer van het mannelijke geslacht moest zijn werd geschrapt.

T

wee jaar later, in 1919, nam het vrijzinnig-democratische Tweede Kamerlid mr H.P. Marchant het initiatief tot een wetsvoorstel waarin voor alle volwassen vrouwen de daadwerkelijke invoering van het aktief kiesrecht werd aangekondigd. De Tweede Kamer nam het wetsvoorstel met overgrote meerderheid aan, 64 tegen 10 stemmen. Onder de tien tegenstemmers bevonden zich acht van de tien leden van de ARP-fraktie en twee van de zes fraktieleden van de CHU. Met hetzelfde gemak werd het wetsvoorstel in de Eerste Ka12

mer aangenomen. Hier stemde de CHUfraktie unaniem voor, maar van de negen antirevolutionaire fraktieleden waren er slechts drie voorstemmers. Binnen de CHU gaf de invoering van het vrouwenkiesrecht dan ook veel minder problemen dan in de ARP. De CHU was een partij waar men altijd wars geweest was van een te sterke partijdwang en waar ruimte diende te blijven voor ieders persoonlijke overtuiging, ook wat betreft de interpretatie van de bijbel. In een dergelijke partijsfeer was het mogelijk dat men respect had voor andere opvattingen omtrent het vrouwenkiesrecht. De tegenstanders, onder wie /. Schokking en aanvankelijk ook mr. ü. Verkouteren, waren van mening dat het kiesrecht exclusief toebehoorde aan de man, omdat het niet strookte met de taak in huwelijk en gezin door God bij de Schepping aan de vrouw gegeven. Vooral Genesis 2:18, waarin God besloot de man ' 'ene hulpe te maken die als tegen hem over zij'', werd in dit verband gezien als van cruciale betekenis. De voorstanders legden meer de nadruk op de houding van Jezus Christus. Had hij niet voorgeleefd dat Genesis 2:18 in veel ruimer perspectief moest worden geplaatst? Dat er in het zijn van 'een hulpe als tegen hem over' óók de gedachte lag van de gelijkwaardigheid van man en vrouw? Bovendien maakten alle vrouwen, zowel de ongehuwde als de gehuwde, deel uit van de samenleving. Zij hadden dus net zo goed als de man de plicht tot het dragen van maatschappelijke en politieke verantwoordelijkheid. Vooral van het passief vrouwenkiesrecht verwachtten de voorstanders veel: de politiek werd immers steeds ingewikkelder en het vrouwelijk inzicht zou een goede

aanvulling zijn op dat van de mannen. Of een vrouw een dergelijke funktie zou moeten aanvaarden was in laatste instantie natuurlijk een gewetensvraag voor haar zelf. In de CHU was behalve de dominee en politicus dr. J.Th. Visser ook prof.dr. J.R. Slotemaker de Bruine een groot voorstander van het vrouwenkiesrecht. Hij ging zelf de afdelingen langs om de vrouwen voor te lichten, want hij verwachtte veel van hen: Als zij ons (d.w.z. de mannen) '' aandrijven tot werken en medewerken, tot aandacht voor de dingen die dieper liggen, dan zal er een zegen komen uit het vrouwenkiesrecht. Laat zóó de vrouwen komen, ook in de CHU. De Unie heeft een open oor voor wat gij wilt, en zij zal zich gaarne laten voortstuwen, laten verdiepen".

I

n de ARP veroorzaakte het vrouwenkiesrecht grote beroering, al jaren voordat het werd ingevoerd. In tegenstelling tot de CHU waren de antirevolutionairen van mening dat in geval van dit soort principiële kwesties één, op de bijbel gefundeerde partijlijn moest worden gevolgd. In 1907 sprak de ARP zich uit tégen het vrouwenkiesrecht en voor het organische 'gezinshoofdenkiesrecht' , waarbij de man als vertegenwoordigend hoofd namens zijn gezin als kiezer optrad. De ARP keerde zich tegen het individualistische kiesrecht. Want dat druiste volledig in tegen het organische verband door God in de Schepping aangebracht en waarvan het gezin de kleinst mogelijke kiem vormde. In 1916 nam de ARP in haar partijprogramma op, dat zij 'krachtens beginsel' het 'staatkundig vrouwenkiesrecht' wraakte. Maar één jaar later al moest de partij dit standpunt

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987

VU-Magazine | 485 Pagina's

VU Magazine 1987 - pagina 145

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987

VU-Magazine | 485 Pagina's