VU Magazine 1987 - pagina 292
Steeds vaker wordt onderzoek in de bèta-wetenschappen bekostigd door grote bedrijven die baat hebben bij bepaalde studies. En zonder deze bijdragen zouden steeds minder jonge wetenschappers de mogelijkheid hebben te promoveren. ROELEKEVUNDERINK
S
cheikundigen, maar ook andere bèta-wetenschappers, schrijven proefschriften die voor gewone mensen volstrekt onleesbaar zijn. Vol met formules en ingewikkelde grafieken en alleen maar voor vakgenoten interessant. Dat lot zal waarschijnlijk ook het proefschrift treffen van de op 11 juni gepromoveerde scheikundige Piet van Zoonen. De titel van zijn proefschrift luidt Solid state reactors in dynamic peroxyoxalate chemiluminiscence detection. Niet echt iets voor op het nachtkastje dus. De analytische chemie - het vakgebied van Van Zoonen - is een toegepaste wetenschap, gericht op bepaalde technieken. In Duitsland wordt vaak een heel probleemveld onder de loep genomen, zoals bijvoorbeeld zure regen. Piet van Zoonen legt uit waar het onderzoek over gaat: "Ik heb een apparaat ontwikkeld waarmee het mogelijk is licht uit chemische reacties te meten, zonder dat daar een andere lichtbron bij komt. In feite saanvraag die de subfaculteit scheikunde 'meng' je een aantal, vaak giftige of kanvan de VU indiende. Voor het onderzoek kerverwekkende stoffen door elkaar die bleek belangstelling aanwezig van het bena een chemische reactie licht uitzenden. drijf Duphar, dat bepaalde belangen geJe wilt dan één van de stoffen kwantificediend zag met dit project. Van Zoonen ren. In de zestiger jaren is de toepassing heeft daar niet zoveel problemen mee: van chemiluminescentie uitgebreid door "Een project dat door ZWO wordt gede Amerikaanse marine onderzocht in steund, daar is meestal geen gevaar bij verband met de mogelijkheid tot verlichvan ongewenste inmenging door het beting onder water." drijfsleven. Met derde geldstroomonderVoor dergelijke toegepaste wetenschap zoek, dus directe financiering door bebestaat altijd belangstelling bij op dit ge- drijven, ligt dat wellicht anders, ofbied werkzame bedrijven. Duphar was schoon ik die ervaring niet heb. Duphar ook geïnteresseerd in het onderzoek. betaalt nu bijvoorbeeld een halve promo"Men kan de toepassing goed gebruiken vendus in de vakgroep. Er is veel kontakt bij onderzoek naar de bepahng van medi- met apparatuurfirma's die apparatuur bij cijnen in lichaamsvloeistoffen. Chemilu- de vakgroep plaatsten en graag willen dat minescentie is zo'n goede analytische er onderzoek mee gebeurt, vaak in commethode omdat je hcht kunt meten zon- binatie met een financiële bijdrage. En der dat daar veel licht bij nodig is. Ande- dat wordt steeds meer de praktijk.'' re technieken berusten meestal op het Vier jaar kon Piet van Zoonen over zijn eerst instralen van licht en het daarna via proefschrift doen, toen was het afgeloeen andere golflengte weer opvangen. pen. De tijdsplanning bleek niet zo'n probleem omdat elk hoofdstuk van het proefschrift al eens als artikel in een vaket onderzoek waaraan Piet van tijdschrift heeft gestaan. Daarmee wordt Zoonen werkte werd betaald uit al in een vroege fase van het onderzoek de tweede geldstroom, namelijk begonnen. "De promotie gaat zo eigendoor de Stichting voor Technische We- lijk op een rituele dans lijken", zegt Van tenschap. Die honoreerde de onderzoek- Zoonen, "want je krijgt een promotie-
H
VU-MAGAZINE —JULI/AUGUSTUS 1987
commissie die, als de artikelen naar goede tijdschriften zijn gegaan, eigenlijk minder competent is dan de referenten van die tijdschriften. Ik kan me niet voorstellen dat iemand bij ons die regelmatig in vaktijdschriften publiceert, niet zou kunnen promoveren. Ik moet zeggen dat mijn ideeën over wetenschap ook wel veranderd zijn. Vroeger wüde ik alleen iets voor mezelf onderzoeken en nu ben ik me bewust van het feit dat het goed is om dingen op te schrijven. Ik had me geen raad geweten als ik een paar maandden geleden gestopt was met het onderzoek en toen nog alles had moeten opschrijven." Van Zoonen heeft nu een baan bij het Rijksinstituut voor de Volksgezondheid en Milieuhygiëne. Daar onderzoekt hij onder andere bestrijdingsmiddelen. Voordat deze op de markt worden gebracht, moet eerst duidelijk zijn wat daaraan gevaarlijk kan zijn. Voor zijn onderzoek daar kan Van Zoonen helaas niet het apparaat gebruiken dat hij voor zijn eigen onderzoek had gemaakt. ' 'Dit onderzoek moet in principe te gebruiken zijn door anderen, en het heeft geen zin als ik werk met vrij exotisch materiaal dat zij niet hebben.'' D
27
Piet van Zoonen (32) studeerde scheikunde aan de Universiteit van Amsterdam en werkte na zijn doctoraal vier jaar aan zijn promotie bij de VU. Momenteel werkt hij bij het Rijksinstituut voor de Volksgezondheid en Milieuhygiëne. Foto Bram de Hollander
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
VU-Magazine | 485 Pagina's