VU Magazine 1987 - pagina 161
se filosofie niet geheel afwezig, maar het werkterrein is er oneindig veel groter.
D
e schrijfster en essayiste Susan Sontag schreef eens over Roland Barthes: "Zet hem voor een sigarendoos en hij zou er één, twee, vele ideeën over hebben - een klein essay." Kortom, niets in onze cultuur is zo onbeduidend of platvloers dat je het bij voorbaat direct terzijde kunt schuiven. Dat is één van de redenen waarom de Franse filosofie tegenwoordig wel postmodern wordt genoemd: ieder onderscheid tussen wat belangrijk en wat onbelangrijk is, tussen 'hoge' en 'lage cultuur' , komt op losse schroeven te staan. Filosofie kun je dan ook in Frankrijk nauwelijks een echte vakdiscipline noemen; men gaat voortdurend verbindingen aan met andere disciplines als: psychoanalyse, antropologie, geschiedenis, letterkunde, sociologie; en de filosofie heeft dan de neiging zich daar in op te
menlijke thematiek kunnen noemen, voor zover je daarvan kunt spreken in een dergelijk heterogeen samengesteld, filosofisch klimaat. Althans, die mening verkondigde de Utrechtse theoloog Henk Manschot tijdens een lezingenserie over Franse filosofie die het Bezinningscentrum van de VU in februari en maart organiseerde. Zijns inziens wordt door de Fransen op radicale wijze élke menselijke ordening ondervraagd en ter discussie gesteld. Defilosoofdie het meest diepgaand hiermee bezig is geweest was ongetwijfeld Michel Foucault (1926-1984). De willekeurigheid van ieder soort ordening heeft hij op aansprekende wijze ooit aangegeven in zijn boek De woorden en de dingen. Hij citeert daarin "een zekere Chinese encyclopedie" waarin de dieren zijn onderverdeeld in: a. behorend tot de keizer, b. gebalsemde, c. tamme, d. speenvarkens e. sirenen, f geweldige, g. loslopende honden, h. behorend tot deze inde-
ling, i. hondsdolle, j . ontelbare, k. getekend met een zeer fijn kameelharen penseeltje, 1. etcetera, m. die zojuist de waterkruik gebroken hebben, n. die er uit de verte uitzien als vliegen. De volstrekte ongelijksoortigheid van wat hier in één opsomming werd ondergebracht, schrijft Foucault, deed hem in lachen uitbarsten en vormde de aanleiding tot zijn boek.
O
p deze manier lijkt het een vrij onschuldig spel, maar de vraag die er aan ten grondslag ligt is verre van onnozel. Al in de dertiger en veertiger jaren hielden mensen als Georges Bataille, Maurice Blanchot en Pierre Klossowski, die tegenwoordig worden beschouwd als de voorlopers van 'de moderne Franse filosofie', zich ermee bezig. Dat gebeurde in een tijd dat het fascisme om zich heen greep en in Duitsland de bloedige praktijken aldaar mede gelegitimeerd werden door een beroep op het
'De culturele trend is het jeugdpuistje van het culturele proces. Wanneer die trend te snel wordt teruggedrongen versnelt zich gewoon de komst van een nieuwe trend.'
De Sorbonne te Parijs: 'Afgeladen zalen op zaterdagmorgen.' Foto ABC-press
lossen. Dat eclecticisme is eveneens af te lezen aan de manier waarop er geschreven wordt; daarin vermengen filosofische, wetenschappelijke, literaire en essayistische elementen zich met elkaar. Franse filosofen zijn 'mooischrijvers', zal degene die krullende zinnen wantrouwt zeggen. In landen als Engeland en Amerika, waar een veel strengere, academische traditie heerst, staat men inderdaad sceptisch tegenover stijl en onderwerpkeuze van hun Franse collega's: men vindt het eigenlijk geen 'echte' filosofie, ze zou veel te 'speels' zijn. Positief geformuleerd kun je ook zeggen: men heeft een sterk ontwikkelde 'esthetische sensibiliteit'. De teksten zijn veelal zorgvuldig geconstrueerd en de geheimen ervan geven zich dikwijls niet direct bij een eerste lezing prijs. Kenmerkend voor Fransefilosofenis dus dat ze zich op geen enkele wijze houden aan starre afbakeningen van een vakdiscipline, maar onbeschroomd de grenzen ervan overschrijden. Dat is niet alleen hun werkwijze, je zou het ook hun geza28
m
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
VU-Magazine | 485 Pagina's