Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1987 - pagina 79

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1987 - pagina 79

5 minuten leestijd

of met ruime tussenpozen, al naar gelang de afstelling van de bron. Electronen kunnen echter niet van elkaar onderscheiden worden. We kunnen daarom beter zeggen dat er steeds één electron in zekere, steeds dezelfde, toestand wordt afgeschoten. In de quantummechanica zegt men dan dat er herhaaldelijk dezelfde toestand met steeds één electron wordt gerealiseerd. Het afbuigingsexperiment wordt zodoende één experiment dat men steeds weer herhaalt. Verschillende uit-

De dominee die precies weet waarom God de wereld heeft geschapen, heeft veel gemeen met de evolutionist die precies weet waarom God de wereld met heeft geschapen komsten van dit experiment zijn mogelijk. Het electron kan in verschillende richtingen worden afgebogen, dus in verschillende 'detectoren' terechtkomen. We hebben ontdekt dat het principieel net zo onmogelijk is te voorspellen waar een bepaald electron terecht komt, als het onmogelijk is electronen van elkaar te onderscheiden. Op experimentele wijze kunnen we alleen bij elke mogelijke uitkomst bepalen wat de kans is dat het electron daar terecht komt. De quantummechanica geeft de mogelijkheid om die kans ook te berekenen en te vergelijken met het experiment. De berekende kans wordt vergeleken met het gemiddelde van de werkelijke uitkomsten van het zéér vaak herhaalde experiment. De overeenkomst van die twee is al zeer vele malen aangetoond. De moderne fysica voorspelt de kansen voor soortgelijke experimenten. Zulke experimenten moeten daarom vaak herhaald worden om die kans te kunnen meten. Over de uitkomst van één enkel verstrooingsexperiment alleen, zegt de moderne fysica dat deze uitkomst principieel met de klassieke wijze van redeneren onvoorspelbaar is. Dat valt misschien moeilijk te begrijpen, maar we bevinden ons in goed gezelschap. Ook Einstein had de grootste moeite om dit resultaat te accepteren.

I

n feite hééft Einstein dit resuhaat ook nooit geaccepteerd. Zijn standpunt was; God dobbelt niet. Het is interessant om de gedachtengang die hier 34

achtersteekt te analyseren. Blijkbaar zijn er maar twee mogelijkheden. De uitkomst van zo'n experiment is puur toeval, is het uitgangspunt bij de eerste mogelijkheid. Dat zou als consequentie hebben dat sommige, zo niet alle, unieke, afzonderlijke gebeurtenissen op de wereld puur toevallig zouden zijn. Maar, zo luidt de redenering. God denkt op dezelfde wijze als wij; Hij kent zijn schepping en bestuurt die. Dit leidt tot tegenstrijdigheid en daaruit zou dan moeten volgen dat God niet bestaat. Tegen deze conclusie verzette Einstein zich. De tweede mogelijkheid gaat ervan uit dat God bestaat. God móet wel alles weten en kennen. Wat God weet moeten wij ook kunnen begrijpen. Er zit dus een oorzaak achter de gebeurtenissen en we moeten zoeken naar de verklaring, naar de verborgen variabelen die het gebeuren beschrijven. Einstein is steeds op zoek geweest naar die verborgen variabelen. Maar er is nog een derde mogelijkheid. Het zou kunnen zijn dat God bestaat en dat we desondanks niet kunnen verklaren wat er op de wereld gebeurt. In de bijbel vinden we deze gedachtengang ook terug. God is die Hij is. En wie zou, zonder kennis van zaken durven spreken en Zijn beleid beoordelen? Deze derde mogelijkheid raakt - hoe gek het ook klinkt aan de kern van de quantummechanica. Want juist de klassieke rede, dat wil zeggen het causale redeneren volgens oorzaak en gevolg, vindt in de quantummechanica zijn grens. In de moderne fysica stuiten we op verschijnselen die niet te verklaren zijn via een redenering als: deze oorzaak, op dit moment en op deze plaats, heeft als gevolg dat verschijnsel, op dat moment en op die plaats. De betreffende verschijnselen worden echter wèl correct beschreven door de quantummechanica. Deze theorie beschrijft niet-verklaarbare verschijnselen namelijk met behulp van kansen. De quantummechanica is dus geen causaal-lokale theorie, en de grens van de klassieke rede wordt hier met behulp van het toeval overschreden.

J

e zou kunnen zeggen dat de quantummechanica een tipje oplicht van de sluier die over de 'andere' wereld ligt. Deze andere wereld, die wij met ons verstand niet kunnen vatten, maar die we soms op mystieke wijze ervaren, is dat wellicht wat Fritjof Capra beschrijft in zijn boek The Tao of Physicsl (zie VUMagazine maart 1986). Maar dan zijn er niet alleen parallellen tussen mystiek en natuurwetenschap, dan is de ontmoeting

tussen die twee al tot stand gekomen. De quantummechanica beschrijft een klein stukje van de afspiegeling van die andere wereld op de onze. Daar waar de rede het laat afweten, komt het toeval te hulp. Het gevaar bestaat nu echter dat we alles wat op dit moment onverklaarbaar is, opvatten als een boodschap uit de andere wereld, en bijgevolg nalaten een nadere verklaring te zoeken. En dat is uiteraard evenzeer onjuist als het wetenschappelijk wegredeneren van alle toevalligheden en onzekerheid. Precies weten wat er aan de hand is, zekerheid, betekent de dood van de wetenschap èn van de religie. Een autoritaire wetenschap is even onwenselijk als een autoritaire religie. Een onfeilbaarheid ex cathedra gaat hand in hand met een wetenschap die alle problemen kan oplossen. De dominee die precies weet hoe God de wereld heeft geschapen, heeft veel gemeen met de evolutionist die precies weet waarom God de wereld niet heeft geschapen. Ze kunnen echter niet met elkaar overweg, misschien juist vanwege die overeenkomst. Zij die het echter allemaal niet zo precies weten, die wel eens twijfelen, kunnen daarentegen wèl met elkaar praten. Zoals Petrus en Nicodemus, een eenvoudige gelovige en een onbevangen geleerde. Dan vindt de ontmoeting plaats tussen 'kennis van God' en wetenschappelijke kennis. Misschien ligt daar in deze tijd een taak voor de christelijke wetenschapsbeoefening. D

Henk Vos is gepromoveerd fysicus en werkt als onderwijskundige aan de Universiteit Twente. Dit artikel is een uitvloeisel van zijn werk aan begripsontwikkeling. Eerdere artikelen over de rol van het toeval in de wetenschap verschenen in het decembernummer ('Toeval en zin in de wetenschap') en het januarinummer ('De toren van Babel') van VU-magazine.

Toeval begint bij onze onwetendheid over toekomstige resultaten, namelijk daar waar het resultaat van waarnemingen niet precies voorspelbaar is VU-MAGAZINE — FEBRUAR11987

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987

VU-Magazine | 485 Pagina's

VU Magazine 1987 - pagina 79

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987

VU-Magazine | 485 Pagina's