Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1987 - pagina 199

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1987 - pagina 199

5 minuten leestijd

tussen Sivas en Kayseri, vielen vierenveertig doden en zeshonderd gewonden. De (voetbal)sport verbroedert dus ook elders niet altijd. Dat voetbalvandalisme een bij uitstek hedendaags tijdsverschijnsel zou zijn, is evenmin juist. Al in 1899, nog geen twintig jaar nadat het voetbalspel vanuit Engeland naar ons land overwaaide, noodzaakte het oproerige publiek de scheidsrechter een in Rotterdam gespeelde wedstrijd voortijdig te staken. In Engeland, de bakermat van deze sport, waren dit soort ongeregeldheden toen al min of meer gebruikelijk. Wie nog verder teruggaat tot wat de oorsprong van het voetbal moet zijn, valt in nog grotere verbazing. Voetbal k a l en het verwante rugby, zijn de gereglementeerde en geciL A J viliseerde overblijfselen van wat eens een lokaal balspel ^ H J is geweest, waarbij dorpen, over een afstand van soms • i J enkele kilometers, een opgeblazen varkensblaas in el^ ^ kaars doelen poogden te werken. Ook toen al ging het op en om het veld weinig zachtzinnig toe. Alles was toegestaan en iedereen mocht meedoen. De grote aantallen gewonden en de materiële schade die spelers en publiek daarbij veroorzaakten, noopten de autoriteiten dan ook regelmatig om het spel te verbieden in de periode tussen 1314 en 1667, aldus Van der Brug, twee Britse deskundigen citerend. Des te opmerkelijker daarom, dat het voetbalspel in de loop van de negentiende eeuw uitgroeide tot een in aanvang elitaire kostschoolsport, gespeeld door gentlemen voor wie fa/r p/ay hoofddoel was. Via Nederlandse kinderen die op een Engelse kostschool waren geweest, kwam het voetbalspel ook naar ons land. En ook hier werd het in eerste instantie een exclusieve sport, beoefend door chicque clubs die al snel in hoog tempo werden opgericht. Populariteit in bredere kring kon daarmee niet uitblijven. Voor de oorspronkelijke beoefenaars aanleiding tot het signaleren van spelverruwing op de velden en zich te bekeren tot het meer gedistingeerde hockey, golf en cricket.

Voetbal neemt in het leven van deze jongeren een centrale plaats in, waarbij de overwinning van de aangehangen club belangrijker wordt gevonden dan het zien van een nnooie wedstrijd. Als gevolg van deze ontwikkelingen werd voetbal uiteindelijk de arbeiderssport bij uitstek, die, tussen de twee wereldoorlogen, uitgroeide tot 'volkssport nummer 1' in ons land. En voetbal bleef dat tot op dit moment; een volkssport waarvoor veel, zo niet alles moet wijken. De naar brood en spelen hunkerende massa had z'n vaste verzetje gevonden.

W:

ie overigens meent dat vandalisme en ruw spel inherent zijn aan het óefaa/de voetbal - een ander, veelvoorkomend misverstand -, vergist zich. Een bezoekje aan de amateurvelden toont aan dat het 'neerhalen' van tegenstanders, het molesteren van

22

scheidsrechters en spelbederf ook bij de oprechte amateurs schering en inslag zijn. Maar ook incidenten veroorzaakt door het publiek zijn daar allang geen uitzondering meer. Zo deden zich half oktober van het vorige jaar massale vechtpartijen voor bij een in Den Haag gespeelde amateurwedstrijd tussen de uit het V\/estlandse Kwintsheul afkomstige voetbalclub Quintes en de Haagse vereniging Remo ('Reëel en Moreel'). Toen de scheidsrechter een Remo-speler het veld uitstuurde, rende het publiek massaal het veld op en ging spelers en verzorgers van de tegenpartij te lijf. Het resultaat: drie gewonden, degradatie en een voorlopig speelverbod voor club Remo, schorsing van alle spelers en een boete van f 1.000. De eerlijkheid gebiedt overigens te melden dat dit incident een sterk racistisch tintje had. Spelers en supporters van de Surinaamse club Remo waren eerder in de wedstrijd tot het uiterste getergd door scheldpartijen met betrekking tot hun huidskleur van de zijde van de tegenpartij. Eens temeer bevestigt het voorval echter de indruk dat het moderne voetbal, net als bij de oorsprong van het spel het geval was, vooral het aanzien heeft gekregen van een stammenoorlog. Ook de uit godsdienstige motieven principieel op zaterdag spelende clubs ontkomen niet aan de tendens van toenemende onsportivlteit. Dat blijkt bijvoorbeeld uit de recent gespeelde wedstrijd tussen de teams van Spakenburg en Bennekom, waarbij twee spelers de 'rode kaart' kregen vanwege onoirbaar spel en herhaald commentaar op de scheidsrechter. Ronduit schokkend is echter het feit dat zoiets als spelverruwing zelfs een onmiskenbaar uitstralingseffect heeft op de voetballende jeugd. Ook bij zogenaamde 'pupillenwedstrijden' neemt de spelverruwing hand over hand toe en loopt het spel herhaaldelijk vast in gewelddadige schermutselingen. Niet zelden zijn het daar trouwens de ouders langs de kant die hun koters op het veld tot hard spel aanzetten ("Leg néér die man!"). Zou die gewelddadigheid dan tóch in het ooit edel geachte voetbalspel zélf gebakken zitten? Zou deze sport dan tóch het slechtste in de mens wakker maken?

D

ie opvatting lijkt te worden bevestigd in de tweede stelling, behorend bij het proefschrift van Van der Brug. "De gewelddadige instelling van toeschouwers bij het betaalde voetbal", zo betoogt hij, "beperkt zich niet tot zogenaamde voetbalvandalen." Gevoelens van agressie behoren, anders gezegd, tot het pakket emoties dat het zien van een voetbalwedstrijd bij de toeschouwer losmaakt. Een aantal wetenschappelijke theorieën levert voor dat verschijnsel een mogelijke verklaring. Eén daarvan is de 'caf/7ars/s-theorie' die stelt dat het waarnemen van agressief gedrag - in dit geval dus op het speelveld - leidt tot een vermindering van de eigen agressieve drijfveren. Een overigens onjuiste theorie, meent Van der Brug. Deze theorie gaat er in de eerste plaats bij voorbaat ai vanuit dat voetbal een in wezen agressieve sport is; een vooronderstelling die Van der Brug verwerpt, wijzend op het veel gewelddadiger ijshockey en rugby, dat zelden aanleiding geeft tot agressieve uitspattingen onder toeschouwers. Belangrijker nog is echter de tegenwerping dat de hele ontwikkeling in de gewelddadigheid

VU-MAGAZINE-MEI 1987

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987

VU-Magazine | 485 Pagina's

VU Magazine 1987 - pagina 199

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987

VU-Magazine | 485 Pagina's