Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1987 - pagina 324

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1987 - pagina 324

5 minuten leestijd

R

uzie tussen staatslieden op hoog niveau komt naar men mag aannemen regelmatig voor, maar de ui»• terlijke sporen daarvan worden als het maar even kan zorgvuldig weggewist. Niemand zou raar opkijken als enkele ministers in het tweede kabinet-Lubbers het volstrekt niet met elkaar kunnen vinden. Maar niemand verwacht dat zij dit meningsverschil op straat uitvechten. Met de huidige communicatiemiddelen is dat overigens ook helemaal niet nodig: de telefoon is betrekkelijk anoniem en brieven bevinden zich voorlopig nog wel veilig in het archief. Archieven blijven echter nooit tot in eeuwigheid gesloten (al bestaan er uitzonderingen) en het is dan ook niet voor niets dat historici vol spanning het moment afwachten waarop een archief van een invloedrijk persoon wordt ontsloten. Zo'n honderd tot vijftig jaar geleden was de telefoon immers een veel minder vaak gebruikt communicatiemiddel dan vandaag de dag. Wie een ander iets wilde meedelen deed dat meestal per brief. En brieven vormen voor onderzoekers prachtig bronnenmateriaal. Een ontbrekend stukje in de puzzel wordt aangevuld, men ontdekt de ware reden voor iemands gedrag of de gang van zaken rond een bepaald wetsontwerp verschijnt opeens in een nieuw licht. Soms bevestigen brieven alleen maar wat iedereen eigenlijk al wist. De twee staatslieden jlir. mr Alexander Frederik de Savornin Lotiman en dr. Abratiam Kuyper hebben nooit onder stoelen of banken gestoken dat hun beider persoonlijkheden voortdurend botsten. Er waren perioden waarin de één weigerde de ander te zien of de hand te schudden. Dat door hun uitgebreide briefwisseling (sommige brieven besloegen wel vijftien velletjes) dezelfde toon klinkt, is dan ook nauwelijks verbazingwekkend. Kuyper en Lohman werden beiden in 1837 geboren: Lohman op 29 mei en Kuyper op 29 oktober. Dit jaar is dat honderdvijftig jaar geleden, en dat bleek voldoende reden voor uitgebreide herdenkingsplechtigheden, tentoonstellingen en boeken waarin het leven van beiden nog eens de revue passeert. In het begin van 1988 zal de complete briefwisseling tussen Kuyper en Lohman verschijnen, verzorgd door het Historisch Documentatiecentrum voor het Nederlands Protestantisme (1800-heden). Delen van die briefwisseling zijn echter al veelvuldig geciteerd in biografieën van de politici, zodat grote verrassingen niet meer te verwachten zijn. Wel blijft het natuurlijk bijzonder interessant om de gehele briefwisseling achter elkaar te zien staan, zodat de ontwikkeling die Kuyper en Lohman doormaakten zichtbaar wordt.

met als belangrijke uitzondering de biografie van dr. L.C. Suttorp over Lohman. Door de laatste als uitgangspunt te nemen valt goed te zien hoe verschillend beide staatslieden dachten over het politieke bedrijf en hoe hun persoonlijke karakters het samenwerken op den duur vrijwel onmogelijk maakten, ondanks hun vriendschap. Volgens Suttorp hield Kuyper van Lohman, of dat andersom ook zo was betwijfelt hij. Maar vlak voor de dood van Kuyper schreef Lohman hem nog een verzoenende brief; voor Kuyper "niet minder dan een feestgeschenk". Lohman kwam uit een aristocratisch milieu en vertoonde al vroeg trekken van een zekere eigenwijsheid. Toen zijn vader stierf - Lohman was op dat moment elf jaar - weigerde hij nog langer in huis te blijven omdat hij niet door twee vrouwen opgevoed wilde worden. Na zijn gymnasiumtijd ging hij rechten studeren in Groningen. Door zijn moeder had hij al kennis gemaakt met de ideeën uit het Réveil en in zijn studietijd werd hij zich meer bewust van de twee hoofdstromingen in Nederland: de liberalen en de conservatieven. Daarnaast was er een kleine groep antirevolutionairen, geleid door mr. G. Groen van Prinsterer. Vooral

De eerste indruk die Lohman kreeg van de Kanner was allesbehalve gunstig. door de schoolstrijd, de strijd om gelijkberechtiging van openbaar en bijzonder onderwijs, raakte Lohman bij de aktieve politiek betrokken. Na zijn promotie te Groningen werd hij rechter, eerst in Appingedam en later in 's-Hertogenbosch. In 1878 was hij een van de initiatiefnemers van het volkspetitionnement waarin de ondertekenaars koning Willem lil verzochten het wetsontwerp niet te ondertekenen, dat het bijzonder onderwijs in een nog moeilijker positie plaatste ten opzichte van het openbaar onderwijs. Lohmans belangstelling voor de politiek was gewekt, en dat was anderen ook opgevallen. Een jaar later werd hij door het district Goes in de Tweede Kamer gekozen.

ohman viel niet op in de Kamer. Tachtig procent van de leden had een academische opleiding gevolgd en zestig procent was van adelijke afkomst. Het enige bijzondere was dat Lohman bewust en uitgesproken verkozen werd als aanhanger van de anti-revoluI • Is voorman van de gereformeerden heeft Abraham tionaire partij. Maar daar was wel het een en ander aan ,i'::::;, Kuyper in kringen rond de Vrije Universiteit - die hij voorafgegaan. in 1880 stichtte - altijd veel meer aandacht gekre- In 1875 hadden Kuyper en Lohman elkaar, dankzij de begen dan A.F. de Savornin Lohman. Kuyper was niet alleen middeling van Groen van Prinsterer, voor het eerst onteen groter staatsman dan Lohman, maar is bovendien moet. Al snel bleek dat Lohman zich de mindere van Kuyper voelde: "Ik erken gaarne dat ik niet op Uwe iioogte sta niet van het 'juiste' pad afgeweken. Althans, zo verklaar- juist daarom zeg ik: iaat mij stil liier. Hier kan ik werken, de men de geringe belangstelling voor Lohman in gereforop klein gebied, hier zijn mijn krachten juist toereikend." meerde kring. Bij de officiële viering van het eeuwfeest Kuyper wilde namelijk dat Lohman zijn plaats in de Kamer van de VU, in 1980, drong de toenmalige rector magnificus, proi. dr. l-i. Verheul, echter aan op 'rehabilitatie' van zou innemen maar deze achtte zichzelf daarvoor niet goed genoeg. In 1879 kon hij zich daaraan niet meer ontLohman, die in 1896 op nogal onheuse wijze verplicht trekken, maar van harte ging dat geenszins. Op de vraag werd de VU te verlaten. De verhouding tussen Kuyper en Lohman is dan ook vrij- van Kuyper in welk district hij het liefst kandidaat stond, wel alleen bekeken vanuit het gezichtspunt van Kuyper, antwoordde hij: "Liefst in geen. Anders in dat waar gij het

vu-MAGAZINE ~ SEPTEMBER 1987

L

15

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987

VU-Magazine | 485 Pagina's

VU Magazine 1987 - pagina 324

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987

VU-Magazine | 485 Pagina's