VU Magazine 1987 - pagina 138
belangstelling heeft en dat het toenemend radioverkeer op aarde dit onderzoek in de toekomst onmogelijk zal maken. Ondanks dit appèl, is de internationale samenwerking niet van de grond gekomen. Afgezien van een incidentele avonturier in Europa en enige Russische inspanning is het onderzoek een typisch Amerikaanse aangelegenheid gebleven. Rond 1992 zal de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA in staat zijn dag en nacht, op maar liefst tien miljoen radiozenders tegelijk, te luisteren naar het gekwebbel in de ruimte. De computer slaat alarm als hij tussen alle geluiden iets intelligents opmerkt. Voorlopige kosten: tachtig miljoen dollar. Een moderne, voortvarende aanpak van een vraagstuk dat de klassieke denkers al bezighield. "Het lijkt absurd dat in een groot veld maar één sprietje groeit en in een oneindige ruimte slechts één wereld bestaat", schreef de GrieksefilosoofMetrodorus (4e eeuw v.Chr.). Tijdgenoten geloofden dat de maan bewoond was. Zij meenden dat mogelijkheden niet onbenut konden blijven. Als er buiten de aarde andere werelden bestonden, moesten daar ook intelligente wezens bestaan. Volgens Plato en Aristoteles daarentegen was de aarde uniek. De christelijke denkers hadden hun eigen argumenten: als er meer werelden waren moest er ook meer dan één Verlosser zijn en dat was in strijd met de bijbel.
D
e sterrenkundige ontdekkingen in de zestiende eeuw hadden grote invloed. Alhoewel Galilei' er zelf niet in geloofde, overtuigden zijn ontdekkingen velen dat er meerdere werelden moesten bestaan. Zo ontdekte hij met zijn telescoop ontelbare sterren die zo ver weg stonden dat ze niet geschapen konden zijn om onze nachtelijke hemel te verlichten. Er moesten andere werelden
Het ontstaan van leven Het leven ontstond stapje voor stapje, leerde Darwin ons. Zijn theorie is nog altijd het uitgangspunt voor het wetenschappelijke denken over de evolutie. Er is intussen wel het één en ander bijgeleerd. Zo ontdekten biologen dat Darwins ideeën kunnen worden teruggebracht tot chemische processen. Over het ontstaan van leven kan men daardoor net zo denken als over een scheikundig proefje. Sterker nog: dat proefje wordt uitgevoerd. In laboratoria probeert men in een reageerbuis, het prilste begin van de evolutie te imiteren. Dat is een buitengewoon moeilijke opgave. Volgens de algemene inzichten is het hoogst toevallig dat de moleculen zich op de goede manier aaneensluiten. De evolutie is na te rekenen; het blijkt een buitengewoon groot toeval. Hoe vaak moeten we het proberen voor het een keer lukt? Dat levert een getal op met miljoenen cijfers! Niet iedereen hecht evenveel geloof aan deze berekeningen. Er zijn mensen die denken dat we iets over het hoofd zien. De fysicus Niels Bohr geloofde bij voorbeeld dat er nog een speciale vitale kracht in het spel was. Deze kracht zou de natuur helpen om leven te laten ontstaan. Anderen, zoals de Waalse fysicus en Nobelprijswinnaar Prigogine, veronderstellen dat de natuur zichzelf kan ordenen. Niet alleen kristallen en sneeuwvlokken zijn voorbeelden van dit gedrag. Ook luchtbewegingen kunnen onverwachte ordelijke patronen vormen. Een wervelstorm kan duizenden kilometers voortrazen zonder dat de ordelijk wentelende maalstroom verandert. Volgens Prigogine is ordenen een vaste gewoonte van de natuur. Hierdoor konden de chemische stoffen zich aaneen rijgen totdat het eerste eencellige organisme ontstond. Als dit waar is, moeten de berekeningen worden herzien. Voorlopig zijn de wetenschappers het daarover echter allerminst eens. Astronomen overwegen nog een andere verklaring voor de oorsprong van het leven. Het is de aarde komen aanwaaien, denken zij. De ingewikkelde levensbouwstenen kwamen wellicht uit de ruimte. Ze denken dat, omdat ze tussen de sterren organische moleculen hebben ontdekt. Meteorieten bevatten die stoffen soms. Toch moet het belangrijkste deel van de evolutie zich op aarde hebben afgespeeld. Hoe je het ook wendt of keert, leven blijft een mysterieus verschijnsel. Het is de oplossing van een puzzel waarvan we de complexiteit nog slechts ten dele kennen. D
zijn waarvoor ze straalden. De ontdekking van een nieuw continent dat bewoond werd door Indianen, versterkte die overtuiging. In de 17e en 18e eeuw werden de nieuwe inzichten in boeken gepopulariseerd. Sommigen daarvan waren echte bestsellers, zoals het boek van Christiaan Huygens: 'Andere werelden ontdekt'. Aan het einde van de achttiende eeuw was
men ervan overtuigd dat de aarde slechts één wereld was uit vele. De Middeleeuwse redenering werd nu omgedraaid en tegen het christendom gebruikt: waarom werd Christus op aarde geboren en niet ergens anders? Of moest men veronderstellen dat God met zijn Zoon het universum doorkruiste om van wereld tot wereld te gaan? Tot halverwege de ne-
Videoplaat, bevestigd aan het Voyager-ruimteschip. De plaat bevat een promotiefilmpje over de aarde.
Sterrenhoop 'M13', tienduizenden sterren op een kluitje. Als er leven is en het 'aardse bericht' daar ontvangen is, kunnen we over 70.000 jaar antwoord verwachten.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
VU-Magazine | 485 Pagina's