Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1987 - pagina 347

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1987 - pagina 347

3 minuten leestijd

Foetus Dat ongeborenen bewegen in de moederbuik is bekend. Maar dat er uit die bewegingen medisch gezien heel wat valt af te leiden is betrekkelijk nieuw. Een Groningse onderzoekster, J.I.P. de Vries, promoveerde onlangs op een studie naar dergelijke prenatale bewegingspatronen. Pas sinds de uitvinding van de echoscopie - een techniek die via geluidsgolven de inwendige mens in bewegende beelden zichtbaar maakt op een beeldscherm - is het mogelijk om zonder gevaar voor moeder en kind het gedrag van ongeborenen nauwkeurig te observeren.

Het onderzoek van mevrouw De Vries toont aan dat de foetus al vanaf zeven weken na de conceptie begint te bewegen. Het kind is dan nog slechts twee centimer lang. En al na vijftien weken is het qua bewegingen volleerd; de foetus kan dan alle bewegingen maken die ook een pasgeborene tot zijn of haar beschikking heeft. Sterker nog: de ongeborene is dan reeds in staat tot alledaagse activiteiten als zuigen, slikken, hikken, gapen en zich uitrekken, die het kind gecoördineerd en beheerst uitvoert. Hoewel dit beslist niet betekent dat een foetus van vijftien weken al volmaakt en levensvatbaar is, heeft het onderzoek grote diagnostische waarde. De onderzoeksresultaten bieden uitzicht op het vroegtijdig signaleren van afwijkingen aan de vrucht. Zo zijn heel duidelijke verschillen te constateren tussen de bewegingen van een gezonde foetus en één met afwijkingen van het zenuwstelsel. Overigens hebben de bewegingen niets van doen met het geslacht van het kind. Dat jongetjes in de moederschoot beweeglijker zouden zijn dan meisjes is niet juist gebleken. Alweer een bakerpraatje uit de wereld!

Door terugkaatsing van geluidsgolven maakt echoscopie de inwendige mens zichtbaar. Foto AZVTJ

38

Hélène Swarth: vergane glorie

Hélène Roem is vergankelijk. Een gemeenplaats, want het onstuitbare proces van rijzen, stralen en snel opbranden van sterren lijkt inherent aan ons sterrenslag-tijdperk. Maar ook het verleden kent zijn gevallen sterren. Dat de drama's, waarmee het uit de gratie raken bij het ondankbare publiek gepaard gaat, veelal onbeschreven zijn gebleven, vloeit logisch voort uit die verdwenen belangstelling. En dat is te betreuren. Want verhalen van onvervulde verlangens, miskenning en vergetelheid leveren niet zelden boeiender lectuur op dan menige successtory. Slechts een enkele zonderling blijkt bereid zich te verdiepen in de geschiedenis van voormalige publiekshelden voor wie de dunne scheidslijn tussen aanbidding en verguizing fataal werd. Zo'n zonderling is Jeroen Brouwers, gefixeerd als hij is op auteurs uit het verleden, wier leven, om welke reden dan ook, als tragisch valt te bestempelen. Brouwers uitte zijn wat bizarre voorliefde eerder al in De laatste deur, een bundel meeslepende portretten van schrijvers die de hand aan zichzelf sloegen. In zekere

zin deed hij het vervolgens ook in de monografie Helene Swarth - Haar huwelijk met Frits Lapidoth 1894-1910, terwijl recentelijk bij uitgeverij Joost Nijsen over dezelfde dichteres een essay van zijn hand verscheen. De schemerlamp van Hélène Swarth. Slechts weinigen zullen de naam van Hélène Swarth (1859-1941) nog kennen. Toch was zij gedurende de laatste twee decennia van de vorige eeuw een beroemdheid. Haar dichtwerk werd alom gelezen en geprezen en men beschouwde haar als de grootste dichteres uit het Nederlandse taalgebied. Maar de mode verandert rap, ook in de literatuur. En haast nog sneller dan haar ster gestegen was, liet poëzieminnend Nederland haar na 1900 weer vallen. In de haast symbolisch kleine lichtkring van een ooit cadeaugekregen schemerlamp bracht zij de laatste jaren van haar leven door, namijmerend over de vergane glorie.

Buis Overdaad schaadt. En dat geldt met name de onstuitbare opmars van het tv-amusement, of wat daarvoor doorgaat, als wij de pessimisten onder de communicatiedesVU-MAGAZINE — SEPTEMBER 1987

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987

VU-Magazine | 485 Pagina's

VU Magazine 1987 - pagina 347

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987

VU-Magazine | 485 Pagina's