Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1987 - pagina 360

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1987 - pagina 360

6 minuten leestijd

ciale wetenschappen, maar ook daar valt niettemin overeenkomstige kritiek van anti-positivistische, anti-rationalistische snit te beluisteren. Ook in de themakeuze van het onderhavige congres zijn elementen van een dergelijke wetenschapskritiek te bespeuren. Een constatering die hout snijdt, volgens Sander Griffioen, die ter illustratie naar zijn bemoeienis als sociaal filosoof met de culturele antropologie verwijst. ,,We

in ieder geval is althans die verwarring in Grand Rapids uitdrukkelijk boven tafel gekomen. En daaruit schepte men de moed om ten tweede male, en nu in Amsterdam, bijeen te komen. Het verschil in opvattingen - Verhoogt: "Zeg maar: veelkleurigheid" - bleek na dat tamelijk abstracte, eerste congres zelfs geen belemmering om een wat concretere thematiek aan te vatten, in casu de vraag: hoe doen christelijke wetenschappers het nu eigenlijk? Anders gezegd: voor welke 'keuzemomenten' zien christelijke beoefenaars van de sociale wetenschappen zich gesteld, hoe lossen zij die op en hoe funderen zij hun keuze in de eigen levensbeschouwing? Onvermijdelijk zitten in de beantwoording van die vraag 'normatieve' elementen, niet alleen op grond van de eigen geloofsovertuiging, maar evenzeer samenhangend met de persoonlijke visie op de maatschappij. Vandaar de tweede term uit het congresthema - contextualiteit -, daarin opgenomen vanuit het besef dat de

,,Het cultuurevolutionisme is, terecht, verworpen omdat het een typerend teken is van Westerse superioriteitsgevoelens. Met het cultuurrelativisme kom je uiteindelijk echter ook op dood spoor. En probeer dan maar eens een derde weg, een oriëntatie te vinden! Wat rest is namelijk alleen de conclusie dat er in de culturele antropologie, net als elders, meerdere scholen en richtingen zijn en dat ieder z'n eigen gang gaat. De vraag is nu hoe

V

ooral de Amerikanen blijken met verve op deze nieuwe, levensbeschouwelijke impuls voor de sociale wetenschappen te hebben ingehaakt. "En die vinden dan weer dat wij zo timide zijn, zo weinig elan tonen", zegt Griffioen. "En misschien hebben ze daarin ook wel gelijk. Bescheidenheid is nu eenmaal niet de grootste deugd van de Amerikanen. Dus als de zaak daar loskomt, dan heb je meteen een enorme toeloop, met conferenties en tijdschriften en wat al niet.'' In de stem van Sander Griffioen klinkt een ondertoon van jaloezie, onder de indruk als hij zelf ook zegt te zijn van de bijna lichtvoetige wijze waarop de Amerikaanse (en Canadese) deelnemers tijdens het congres hun wetenschappelijke betogen met bijbelse elementen wisten te larderen. Tegen die achtergrond, meent hij, steekt de spreekwoordelijke afstandelijkheid van de Hollandse wetenschapper en zijn doe-maar-gewoon-dan-

'Ik vind het de moeite waard om in deze schrale tijden te putten uit de fontein van een traditie.' keuze van een onderzoeker voor een onderzoeksobject, methode of theorie, evenmin kan worden losgemaakt uit de maatschappelijke context waarin deze moet worden gemaakt. Deze 'contextualiteit' kwam tijdens het congres goed uit de verf, aldus Griffioen en Verhoogt. En hoe kan het ook anders waar Amerikaanse en Nederlandse wetenschappers elkaar treffen, die alleen al vanuit godsdienstig gezichtspunt niet exact dezelfde lijn trekken. Verschillende stijlen in geloofsbeleving, in wetenschapsbeoefening, in maatschappelijk denken, en zelfs verschillende stijlen waar het de manier van deelnemen aan een conferentie betreft, treden dan naar voren. "Iedereen heeft zo zijn eigen wortels", benadrukt Verhoogt. "Bruggen bouwen" is dan ook een bijkomend, zij het zeer belangrijk streven van dit soort conferenties. Sander Griffioen: "Om die reden hebben we voor dit congres bewust gezocht naar mensen die cross-cultural bezig zijn geweest; die dus niet alleen onderzoekservaring hebben opgedaan in eigen land, maar ook in voor hun vreemde culUiren." Een argument dat ook ten grond-

gegroeid. Griffioen: ,,We hebben op dit congres wetenschappers mogen begroeten, die er een paar jaar geleden niet over zouden hebben gepiekerd om zich over deze thematiek te buigen. We zouden ze enkele jaren terug trouwens ook niet hebben uitgenodigd! Heel verrassend. En dan vooral het feit dat nu ook de meer positivistische en zelfs behaviouristische mensen, die vroeger niets van zo'n vraagstelling moesten hebben, aan onze uitnodiging gehoor hebben gegeven.''

SECOND INTERNATIONAL CONFERENCE

slag ligt aan de vrij frequente uitwisseling, tussen bijvoorbeeld VU en Calvin College, van onderzoekers en docenten.

H

et lijkt erop dat dit congres volop past in deze tijd. Allerwege verneemt men kritiek op de moderne wetenschap die — in handen van eigentijdse, met niet meer scrupules dan

die van een professor Sickbok behepte beoefenaars — zou uitgroeien tot een onhanteerbaar, oncontroleerbaar en bedreigend mechanisme. Ook de rationalistische tovenaarsleerlingen zouden nu de geest niet meer terug in de fles weten te krijgen. Weliswaar valt de grootste dreiging voor mensdom en welzijn nu niet direct te verwachten uit de hoek van de soVU-MAGAZINE - OKTOBER 1987

staan daar voor een dilemma", zegt hij. ,,In het verleden zochten cultureel antropologen naar algemene wetmatigheden waaraan iedere culmur voldeed; een cultuurevolutionisme was daarvan het gevolg, van waaruit verschillen tussen culturen werden teruggebracht tot verschillende stadia van ontwikkeling. Na de Eerste Wereldoorlog is men daarvan afgestapt. Ervoor in de plaats kwam het tegenovergestelde, het cultuurrelativisme. Maar als je elke cultuur uniek maakt, kun je ze niet langer vergelijken. En het is dus de vraag of dat culttiurrelativisme uiteindelijk wel zo vruchtbaar is. Je hebt dan geen enkele oriëntatie meer en kunt ook geen algemene uitspraken meer doen."

VU-MAGAZINE - OKTOBER 1987

je aan het eigene, bij voorbeeld van een cultuur, recht kunt doen zonder in relativisme te verzanden." Na dit exposé is vanzelfsprekend de vraag gerechtvaardigd of het recente congres een oplossing voor dit dilemma heeft aangedragen dan wel dichterbij gebracht. Griffioen: ,,In ieder geval geen antwoord dat je zwart op wit op papier zou kunnen zetten. Je moet het eerder zoeken in de geest waarin en de toon waarop men met elkaar heeft gesproken, en in de stimulans die ervan uitging. En er zijn bovendien wat aanzetten gegeven." Positief blijkt ook, dat het besef te moeten zoeken naar een uitweg kennelijk is

Dr. Verhoogt: 'Schrale tijden' Foto Kees Keuch AVC/VU

Omslagillustratie op de uitnodiging van het congres: 'Hoe werkt de levensbeschouwing van de onderzoeker door in de keuze van object, methode en theorie?'

Prof. Griffioen: 'Jaloers' Foto Kees Keuch AVC/VU

'Het superrationele denken stuit af op onbestuurbaarheid en onbetaalbaarheid.' doe-je-gek-genoeg-mentaliteit wel wat sobertjes af; onwennige gegeneerdheid waarvoor Griffioen tevens een oorzaak zoekt in de steeds individualistischer wordende wijze waarop de gemiddelde Nederlandse christen met het geloof omgaat en dat als privé-domein is gaan ommuren. Sander Griffioen: "Ik kom onder die Amerikaanse deelnemers een frisheid tegen en een durf, waarom ik ze benijd, ja. Dat missen wij. Vragen ze bijvoorbeeld of we niet wat kunnen zingen met elkaar. Dat vinden wij in Nederland ongehoord tijdens een wetenschappelijke conferentie. Maar het hééft een aanstekelijke kant, moet ik zeggen.'' Jan Verhoogt: "Ik zou daar toch wel een

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987

VU-Magazine | 485 Pagina's

VU Magazine 1987 - pagina 360

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987

VU-Magazine | 485 Pagina's