VU Magazine 1987 - pagina 257
regering in 1853 het oorlogsschip Soembing naar Japan stuurde, bracht dat als geschenk voor de shogun een elektromagnetisch telegraaftoestel mee. De honger naar westerse kennis nam daardoor alleen maar toe. In Europa en vooral de Verenigde Staten groeide het ongeduld over de Japanse houding. In kranten en tijdschriften verschenen zeer anti-Nederlandse artikelen, waarin men de Nederlanders aan de ene kant verweet dat zij hun monopolie wilden behouden en aan de andere kant werd gezegd dat de Nederlanders zich op ontoelaatbare wijze gedroegen in Japan. Hun houding zou te serviel zijn.
Dertien buitenlanders werden vermoord in de jaren dat De Graeff in Japan woonde. Yokohama, het Nederlandse Consulaat omstreeks 1868 Dirk de Graeff van Polsbroek
Escorte van De Graeff bij de tocht naar de Fuji, na terugkomst in het hotel, 1866 Foto Felix Beato
D
iverse reizen van westerse schepen naar Japan haalden aanvankelijk niet veel uit, maar in 1854 wist de Amerikaanse bevelhebber van een kleine vloot, M. C. Perry, de Japanners tot een verdrag te dwingen. Twee havens werden door de Japanners opengesteld en het werd de Amerikanen toegestaan om een consul te sturen. Kort daarna volgden andere landen, die alle dezelfde rechten kregen. Zo ook de Russen, wier belangstelling voor Japan zowel door de Europese landen als door de Japanners met argusogen werd bekeken. Rusland had de jaren voor deze gebeurtenis haar gebied fors uitgebreid en men 36
vreesde dat de Russen het geheime plan hadden een Japans eiland te bezetten. Die vrees bleek later niet geheel ongegrond. Intern was Japan verdeeld. Achter de schermen was strijd om de opvolging van de kinderloze shogun. Een shogun werd aanvankelijk alleen voor de duur van een veldtocht benoemd tot opperbevelhebber. Halverwege de vorige eeuw was er echter in Japan al sinds lange tijd een situatie waarin de shogun optrad als heerser van het land zonder dat de echte keizer was afgezet. Deze leefde echter in vrij grote afzondering in Kyoto en bemoeide zich maar weinig met staatszaken. Het shogunaat was een erfelijke zaak ge-
worden en de aanstaande dood van een kinderloze shogun veroorzaakte problemen. De discussie over de toelating van de buitenlanders in Japan werd verweven met de strijd om de opvolging. Door de machtsstrijd die dan weer iets in het voordeel van de ene partij neigde en vervolgens de andere partij weer betere kansen bood, was de koers die tegen de buitenlanders gevaren werd niet altijd duidelijk. Zo besloten de Japanse autoriteiten het land in de zomer van 1863 weer te sluiten voor buitenlanders. De partij die vond dat Japan nog niet toe was aan handel en samenwerking met het westen had hier uiteraard de hand in. Velen was duiVU-MAGAZINE —JUNI 1987
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
VU-Magazine | 485 Pagina's