VU Magazine 1987 - pagina 187
Op één schijf silicium worden 500 chips tegelijk gemaakt. Nadat ze zijn losgesneden worden ze in plastic doosjes gemonteerd. Foto Philips
Rechtsboven: De bouwtekeningen voor de verschillende verdiepingen van één chip. Foto Philips
de Bell-onderzoekers al langer naar vervanging zochten. Eind 1947 slaagden zij onverwachts toen zij experimenteerden met een stukje silicium. Door er drie draadjes aan te verbinden ontstond een instrumentje met de gewenste eigenschappen: de transistor. De uitvinding bleek niet alleen van nut binnen de telefonie. Het lukte zelfs een draagbare radio ermee te maken. De transistorradio werd een ware rage. De oude gloeibuizen gingen voorgoed tot het verleden behoren. Het zwakke lichtschijnsel in het hart van radio en tv werd nostalgie. In 1956 kregen de Bell-onderzoekers voor hun werk de Nobelprijs. Dat was op een moment dat nog weinig mensen konden vermoeden wat er op til was. Sinds-
' Als er weer een nul achter de ontwerpprijs komt, kunnen we niet meer bij de politiek aankloppen' dien is de techniek snel voortgeschreden. Het bleek in de electronica steeds kleiner te kunnen. Op één stukje silicium werd steeds meer electronica ondergebracht. Jaarlijks werden de chips ingewikkelder en verfijnder. In winkels verschenen de digitale polshorloges voor steeds lagere prijzen. Computers - ooit onhandelbare en onbetaalbare apparaten - vind je inmiddels overal, tot in de huiskamer toe. Deze ontwikkeling zal voorlopig nog doorzetten. Technici dromen van wéér nieuwe technieken, waardoor het alle10
maal nóg weer kleiner kan. Intussen wordt er hard gewerkt om de nieuwe mogelijkheden uit te buiten. De Universiteit van Twente leverde onlangs een paar leuke voorbeelden. Men maakte voor medisch gebruik een thermometer zo klein als een speldeknop. Om de bloeddruk te meten bedacht men een piepklein instrumentje, klein genoeg om in de bloedbaan te brengen. Iets groter is een siliciumpompje voor het automatisch toedienen van medicijnen. Voor de geïnteresseerde is er nu een microfoontje met de afmetingen van een luciferskop.
H
et ontwikkelen van deze en andere vindingen is voorlopig nog kostbaar en het wordt ook steeds ingewikkelder. Twintig specialisten zijn er een jaar mee zoet. De chip-architect moet de weg weten in een labyrint van tienduizenden verbindingen die allemaal op elkaar moeten aansluiten, zonder ook maar ergens kortsluiting te veroorzaken. De technicus wordt zo bijna een planoloog. Onder zijn bezielende leiding wordt de chip ordelijk ingedeeld. Tot voor kort werd alles keurig uitgetekend op papier. Nu helpt de computer een handje. De ontwerper vertelt wat hij wil en de machine rekent uit hoe de electronica het beste kan worden ingedeeld en opgebouwd. Een speciale wiskundige taal helpt de ontwerper intussen zijn gedachten te ordenen. Het ontwerpen gaat op deze wijze sneller, goedkoper en efficiënter. Ook het uitvoeren van het ontwerp zal in de toekomst steeds gemakkelijker worden. Zelfs nu al bestaan er 'voorgebakken'
chips die in een handomdraai kunnen worden aangepast aan de wensen van de gebruiker. Ook kleine bedrijfjes kunnen zo gebruik maken van de moderne speldeknop-technieken. De tijd is niet ver meer dat voor iedereen chips op maat kunnen worden gemaakt. Dat biedt prachtige mogelijkheden, maar is voor sommigen tegelijk beangstigend. Want wat gebeurt er met degenen die het allemaal niet zo snel kunnen bijbenen? Wordt de maatschappij straks definitief overgenomen door de techneuten? En hoe zal het Nederland vergaan in de technologische race? Eerder al haakten veel andere landen af. De electronica is geëvolueerd van radiobuizen tot kleine siliciumschijfjes. Bij elke stap kleiner wordt het fabriceren flink kostbaarder. "Elke tien jaar wordt het tien keer zo duur", constateert de Delftse hoogleraar Middelhoek op het symposium over micro-electonica. De laboratoria kunnen het geld zelf niet meer opbrengen. "We moesten de politiek wel om geld vragen. Met het geld dat we nu krijgen, kunnen we voorlopig weer uit de voeten. Over twee jaar hebben we onze achterstand op het buitenland ingehaald." Maar dan? De chips zullen nog weer ingewikkelder en duurder worden. "Als er weer een nul achter de ontwerpprijs komt, kunnen we niet meer bij de politiek aankloppen", vreest Middelhoek. "Er zal dan hooguit plaats zijn voor één groot Europees laboratorium. Maar", voegt hij er geruststellend aan toe, "het kan ook zijn dat over tien jaar desjeuerafis." D
VU-MAGAZINE — MEI 1987
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
VU-Magazine | 485 Pagina's