VU Magazine 1990 - pagina 334
zen om in te verhuizen". Opmerkelijk is met name het deelproject dat in de expositie wordt aangemerkt als huisvesting voor jongere tweeverdieners, al was het maar vanwege de sociaal-psychologische verantwoording die erbij wordt geleverd, en die Hamels klacht inzake gebrek aan menswetenschappelijke inbreng haast lijkt te logenstraffen. Een citaat; "De jongerenwoningen zijn bedoeld voor goed opgeleide tweeverdieners in de leeftijdscategorie van 25 tot 30 jaar. Deze doelgroep bezit bijzondere wensen ten aanzien van vormgeving, indeling en ruimtegebruik van woningen, waarmee thans nog onvoldoende rekening wordt gehouden." Deze jongeren worden vervolgens geschetst als "modern en eigenzinnig", vaak academisch opgeleid, en met een inkomen dat rond of boven modaal ligt. Ze nemen pas kort deel aan het arbeidsproces, zo luidt de begeleidende tekst, "en combineren intensieve arbeid met (avond)studie", Mede daarom voelen zij zich "uitstekend thuis in een suburbane omgeving in de nabijheid van een grote stad". De woningen beslaan twee verdiepingen, en hebben als meest in het oog lopende kenmerken een inpandige patio en een afzonderlijk gesitueerd studeervertrek. Wat bovendien opvalt zijn de kleine ramen die het contact met de buitenwereld tot
terlijk en figuurlijk zelf bedacht. Alleen het motto was gegeven. 'Maak maar iets voor jonge tweeverdieners', riep de opdrachtgever en verdween, ons in radeloosheid achterlatend. Dat vind ik slordig," Dat er uiteindelijk nog iets van terecht kwam was te danken aan het feit dat Steketee toevallig zelf in een tweeverdien-situatie verkeert en wat mensen kende die aan de specificaties van de doelgroep voldeden. "Maar wat riskant blijft is, dat je dingen veronderstelt - carrièreplanning, die avondstudie, het bijpassende leefpatroon -die, eenmaal gerealiseerd in het betreffende bouwwerk, een voldongen feit blijken." Tevreden is Han Steketee niet echt over dit project, "nog afgezien van het feit dat ik het een onzinnige opgave vond om in Almere huisvesting voor jonge tweeverdieners neer te zetten". Eigenlijk had hij het die tweeverdieners veel meer naar de zin willen maken. "We hadden een spannend ontwerp gemaakt met gebogen daken, in plaats van schuine, waarvan de lijn terugkwam in de gang langs de patio. Die daken zijn nu recht, net als de gang die bovendien nogal donker is geworden, omdat de glazen strook die wij gepland hadden, eruit bezuinigd werd. Ik heb er een beetje een kater aan overgehouden. Maar schamen doe ik me er ook weer niet voor."
T
ussen eerste ontwerp en eindresultaat ligt soms een frustrerende discrepantie, zo blijkt uit dit voorbeeld. Maar heeft de architect altijd meteen voor ogen wat hij maken wil? De beginfase is steeds een gevecht met het blanco vel papier, aldus Han Steketee. "Zet er een lijn op en probeer van daaruit het ontwerp onder controle te krijgen. Ik probeer daarbij in eerste instantie een zo sterk mogelijk element op papier te zetten. Dat wordt dan de drager in een proces waarbij ik me voortdurend blijf afvragen: kan het ook anders?" een minimum beperken. Hier blijkt opzet in het spel: de "naar binnen gerichte oriëntatie" van Omdat de meeste opdrachtgevers op dit punt deze woningen "optimaliseert de privacy". En vaak zo weinig inbreng hebben voelt de architect zich geroepen zelf zo'n kapstok te bedenken. "Er daaraan hebben juist jongere tweeverdieners is eigenlijk niemand die bij me aanklopt en zegt: kennelijk grote behoefte. kijk, zo'n soort bouwwerk wil ik hebben. Niet meer dan één op de vijftig opdrachtgevers heeft wat dat betreft specifieke wensen. Voor veel proanwaar dit inzicht in de psyche en specifiejectontwikkelaars is zo'n gebouw bovendien niet ke woonwensen van deze doelgroep? Dit veel meer dan een broodje dat je voor ze moet deelproject is ontstaan op de tekentafels bakken en dat ze daarna kunnen verkopen." van het Haagse architectenbureau Brouwer Han Steketee blijkt vooral een nuchter architect Steketee (voorheen yVP). Architect Han Steketee die niet lijkt te lijden aan visioenen over onrealiis best bereid zich over die vraag te buigen, al seerbare luchtkastelen of zich snel te buiten zal bekent hij op voorhand dat aan dit ontwerp geen gaan aan uitzinnige creatieve uitspattingen. Een diepgravende gedragswetenschappelijke studie architectonische opdracht ontwerpt zichzelf voor is vooraf gegaan: "Daar hadden we de tijd heleeen belangrijk deel, zo zou de belangrijkste conmaal niet voor. We kregen precies drie weken om clusie uit dit gesprek kunnen luiden, "Je zou het een ontwerp in te dienen. Ik zou niet weten waar driedimensionaal schaken kunnen noemen: verik die kennis zo gauw vandaan had moeten haeist zijn een doeltreffende ordening van de bouwlen." Grapt: "We hebben, toen we die opdracht massa en een richtingbepalend element, gekopkregen, hier staan roepen: wie kent er hier een peld aan een ruimtelijk beeld dat je zo interesjonge tweeverdiener?!" sant mogelijk tracht te maken." "Wat daar staat", zegt Steketee, "hebben we let-
'Voor veel projectontwikkelaars is zo'n gebouw niet veel meer dan een broodje datje voor ze moet bakken.'
V
24
VU-MAGAZINE—SEPTEMBER 1990
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1990
VU-Magazine | 484 Pagina's