Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1990 - pagina 72

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1990 - pagina 72

3 minuten leestijd

c/> l>4

spirerend. Uitgesproken negatief was Barth, net als na hem Bonhoeffer, over de Uebermensch. Humanitat ohne Mitmenschen, was zijn rake typering. Het zou nog tot het midden van de jaren '60 duren voordat Nietzsche van het stigma 'gevaarlijk denker' bevrijd werd. Theologen raakten aan zijn vijandige uitspraken gewend en werden vrijmoediger waar het erom ging Nietzsche een plaats te geven in hun theologisch systeem. Een tekenend voorbeeld is de Duitse theoloog Georg Picht die Nietzsche een zo geweldig 'theoloog' vond dat hij hem meteen maar uitriep tot letzte grosse Prophet der christlichen Welt.

H

oogtepunt in de na-oorlogse Nietzsche receptie was evenwel de God-is-dood-theologie. Een van de bekendste representanten daarvan, Dorothee Sölle, meende dat Nietzsche niet had bedoeld dat God dood was, maar dat hij niet langer voor de mens 'aanwezig' - dat is 'ervaarbaar' was. Niet toevallig was ook Sölle zelf die mening toegedaan. Ze voegde er nog aan toe dat, ter vervanging van deze 'afwezige god', de figuur van Jezus ter wereld was gekomen. Bij wijze van commentaar op deze sofistische argumentatie herinnerde een criticus aan dit Nietzsche-citaat: Das ist immer noch die alte religiose Denk- und Wunschweise, eine Art Sehnsucht zu glauben () dass irgendwie doch 'der alte Gott noch lebe'"...

Dr. Paul van Tongeren: 'Waar het postmodernisme relativistisch wordt, haak ik af.' Foto Flip Franssen

de dood van God, en dit op basis van argumenten die hem zelf, als christen, tot een 'bijna postmodern geloven' dwingen. n het onlangs verschenen 'Die Moral von Nietzsche's Moralkritik', een vertaling van zijn uit '84 daterende proefschrift, tekent Van Tongeren kritiek aan tegen de gebruikelijke Nietzsche-interpretatie in theologenland. Al te vaak, schrijft hij daar, worden tegenstellingen verzoend en wordt Nietzsche's kritiek uitgelegd als loutering van het Christendom. Ten onrechte volgens hem, want Nietzsche heeft zich altijd nadrukkelijk als antichrist gepresenteerd... En toch, kun je je afvragen, zit er niet een kern van waarheid in de opvatting als zou Nietzsche stiekem toch een christen zijn? Of een profeet, een Jezus-imitator, een vernieuwer? Die vraag, tijdens een gesprek voorgelegd aan Van Tongeren, levert een deels bevestigend antwoord op. "Inderdaad, je kunt niet ontkennen dat er bij Nietzsche een fascinatie bestaat voor het christendom. Die constatering mag echter niet leiden tot een christianisering van Nietzsche. Integendeel, zou ik zeggen, er is eerder een beweging de

Het geval Sölle is een aardige illustratie van de opvatting van de Duitse Nietzsche-kenner Peter Koster. Theologische Nietzsche-receptie is in de kern van de zaak onmogelijk, stelt deze, In zoverre receptie altijd gedeeltelijke acceptatie inhoudt, kan een theoloog niet in het denken van Nietzsche meegaan zonder zich zelf te ontkennen. Dat is volgens hem ook de reden dat veel theologen zijn bedoelingen verdraaien en hem een (latente) vorm van christen-zijn in de schoenen schuiven (tenzij, uiteraard, men Nietzsche radicaal afwijst, zoals menig theoloog nog steeds geneigd is te doen). Op die manier krijgt Nietzsche dan toch nog een plaats in de christelijke traditie. Tegen deze achtergrond is het opmerkelijk, dat er in de jaren '80 vanuit de theologie pogingen zijn ondernomen om Nietzsche religieus te duiden zonder hem te annexeren. Om het verhaal tot Nederland te beperken; in Utrecht bijvoorbeeld, wordt aan de universiteit aldaar, intensief gestudeerd op Nietzsche, ondermeer naar diens invloed op de Franse schrijver-filosoof Georges Bataille. En in Nijmegen zetelt dr. Paul van Tongeren, weliswaar filosoof, maar mèt een theologische opleiding. Met enige regelmaat laat Van Tongeren in artikelen zijn licht schijnen over kwesties inzake het moderne geloven. Zijn positie is in zoverre uniek, dat hij een religieuze betekenis toeschrijft aan Nietzsche's proclamatie van 26

VU-MAGAZINE—FEBRUARI 1990

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1990

VU-Magazine | 484 Pagina's

VU Magazine 1990 - pagina 72

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1990

VU-Magazine | 484 Pagina's