VU Magazine 1990 - pagina 249
dracht van de minister van Financiën krijgt. Iedereen heeft met belastingen te maken. Mensen moeten beslissen hoe ze hun erfenis naar hun kinderen laten gaan, of ze zelfstandig worden of in loondienst gaan, dat is de microkant, de menselijke kant, maar ook: meer dan de helft van het nationale inkomen stroomt door de schatkist en de sociale fondsen. Belastingen hebben dus een enorme invloed op de economie. Bij de belastingdienst ben ik vertrouwd geraakt met de kleinschahge kant. Later in de politiek en nu in de wetenschap met de macrokant. Ons vak betekent in essentie: als je kiest voor dit dan kan je niet tegelijkertijd dat. Dat is de gouden disciphne die de economie oplegt. PoHtici hebben de neiging om niet keihard tegen de wil van een groep in te gaan, de illusie te wekken dat alles tegelijk kan. Als columnist kan je dan prijsschieten. Je kunt aantonen dat zo'n man niet tegelijk dit en dat kan beloven. Ook als wetenschapper wil ik feilen aantonen. Ik ben geen theoreticus. Meer een veldwerker die zich afvraagt: wat zijn nou de maatschappelijke effecten van ons huidige belastingstelsel en de sociale zekerheid en de pensioenen? Kan het efficiënter? Je mag nooit teveel naar je zelf toetrekken, maar in 1977 publiceerde ik het boekje 'Betalen is voor de dommen'. Veel van de dingen die in dat boek aan de kaak werden gesteld, bijvoorbeeld hoe makkelijk sommige rijke mensen de belasting konden omzeilen, die kunnen nu niet meer. De mazen in de wetgeving zijn aangehaald. Je hoort mij niet zeggen dat dat komt door dat boekje, VU-MAGAZINE—JUNI 1990
^ i
Prof.dr. CA. de Kam (43) studeerde van 1963 tot 1966 aan de Belastingacademie in Rotterdam en van 1966 tot 1968 fiscaal recht in Leiden, werkte drie jaar als belastinginspecteur, was van 1971 tot 1976 fractiemedewerker van de Partij van de Arbeid, zat korte tijd in de Tweede Kamer en werd in 1976 wetenschappelijk medewerker in Leiden. In 1981 vertrok De Kam naar het Sociaal en Cultureel Planbureau waar hij zes jaar aan het hoofd van een onderzoeksafdeling stond. Sinds 1987 is hij hoogleraar in de economie van de publieke sector in Groningen. Hij promoveerde in 1988 op een proefschrift over belastinghervorming. De Kam is ook actief als publicist en schrijft ondermeer een column in NRC Handelsblad. Interview: Janneke Vonkeman Foto: Elmer Spaargaren
maar het is wel zo dat de media en de wetenschap er voor die tijd nooit aandacht aan hadden besteed. Vrij kort na verschijning van de eerste druk is de reparatiewetgeving begonnen. Er is veel aan de wantoestanden gedaan, elke druk van dat boekje - er volgden er zeven tot 1983 - moest aangepast worden.
I
k ben sociaal-democraat en dat betekent voor mij dat ik me het best thuisvoel bij de Partij van de Arbeid. Ook al kan ik me soms ook vinden in economische standpunten van het CDA. Ik vind in de eerste plaats - dat is een heel normatief idee dat je lid móet zijn van een politieke partij. In OostEuropa kun je zien hoe belangrijk het is om een democratie te hebben. Wij zijn erg verwend, we hebben afgezien van de bezettingsjaren eigenlijk al bijna driekwart eeuw democratie gehad. Ik vind datje niet tevreden met jezelf mag zijn als je alleen maar eens in de vier jaar gaat stemmen. Als je maar onderscheidt dat politiek en wetenschap twee totaal verschillende
dingen zijn. In een wetenschappelijk debat zeg ik misschien zelf als eerste dat hoge loonkosten banen kosten. Dat verband is redelijk duidelijk. Als je iets duur maakt, wordt er minder van gevraagd. Dat is rechts, zou je kunnen zeggen, want dan ben je in feite tegen elke loonsverhoging. De andere kant: loon is inkomen en je kunt mensen niet allemaal terugdrukken omdat de werkgelegenheid dan misschien zou toenemen. Je moet dat afwegen en hoe je dat doet, is een puur poKtieke discussie. De economie kan hooguit aangeven dat als de loonkosten met 1 procent stijgen het aantal arbeidsplaatsen over vijf of tien jaar waarschijnlijk een half procent minder is toegenomen. Dat verhoudingsgetal komt uit allerlei onderzoek naar voren en er is geen rook zonder vuur. Maar dat zegt mij niks als er nu een discussie gaande is over de vraag of de lonen wel of niet moeten stijgen. De produktiviteit stijgt bijvoorbeeld ook
peld kunnen houden aan de lonen. Het vervelende is dat pressiegroepen vaak aantoonbaar onjuiste argumenten gebruiken. Of ze verzwijgen totaal de andere kant van de medaille. Ik begrijp ook wel dat er tegenwoordig mensen op de loonlijst van zo'n organisatie staan om eenzijdig de belangen te bepleiten, maar dan moet ik domweg tegengas geven. Ook al omdat de gewone journalist vaak te weinig kennis heeft om het economische verhaal van een belangengroep meteen door te prikken. Het valt me wel op dat er onder economen relatief veel zijn die zich in de maatschappelijke discussie storten. Jan Pen, Eduard Bomhoff, Heertje, noem maar op. Je leert in dit vak datje onherroepelijk keuzen moet maken. Steeds weer zie je mensen die zondigen tegen het gebod: Gij zult niet suggereren dat het allemaal tegelijk kan. Dat druist in tegen de eerste les die je op het eersteeerstejaars-college economie krijgt. En misschien
'Steeds weer zie je mensen zondigen tegen het gebod: Gij zult niet suggereren dat het allemaal tegelijk kan.' en je kunt best vinden dat de winsten in Nederland op het moment nogal ruim zijn, want de ondernemers investeerden tot voor kort ook niet al hun winsten. Je kunt de verpleegkundigen die geëiste acht procent geven, maar dat betekent wel dat er dan geen geld is voor de boeren en dat we waarschijnlijk ook de uitkeringen niet gekop-
ben je een klein beetje gepredisponeerd als je toch al van boekhouden houdt. Ik heb altijd instinctief sympathie voor de minister van Financiën, van welke politieke kleur ook. Je weet gewoon hoe moeilijk het is om al die ministers met hun tegenvallende lenae uitgaven een beetje in het gareel te houden.
5
27
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1990
VU-Magazine | 484 Pagina's