VU Magazine 1990 - pagina 145
heid om de last op zich te nemen die door deze aftakeling veroorzaakt wordt, het is ook geschoktheid en wrevel vanwege het omdraaien van de rollen. () Anderzijds zal een zoon of dochter zijn of haar bejaarde ouders verzorgen met de uiterste toewijding en er zelfs plezier in hebben. Maar in welke richting de relatie zich ook ontwikkelt, het is heel moeilijk om erover te praten." In het laatste deel van zijn rede geeft Knipscheer aan hoe de wederzijdse verwachtingen in de ouder-kindrelatie zich ontwikkelen als de ouders hulpbehoevend worden. Tot opzienbarende conclusies komt hij niet. Ouders willen graag intensiever contact met hun kinderen naarmate ze afhankelijker worden van de hulp van anderen, zegt Knipscheer onder meer. Kinderen blijken in het algemeen bereid deze hulp te bieden, zij het dat de bereidheid van de kinderen aanvankelijk iets lager blijkt te liggen dan de verwachtingen van de ouders. Wie het heeft over kinderen die de zorg voor hun ouders op zich nemen, kan er haast niet omheen een standpunt in te nemen over de "vermaledijde zorgzame samenleving", zoals Knipscheer die aan het slot van zijn rede noemt. Knipscheer laat zich echter niet tot zo'n standpunt verleiden. "Ik wil er wel dit over zeggen," zegt hij later. "De discussie over de zorgzame samenleving is een staaltje van de ironie in de wetenschapsbeoefening. Toen Brinkman zijn notitie over de zorgzame samenleving publiek maakte, was er al zo'n vijftien jaar onderzoek gaande in de psycho-sociale wetenschappen naar het effect van wat altijd social support werd genoemd, de praktische en affectieve ondersteuning van de mensen die je na zijn. In al dat onderzoek werd in feite gezegd: een zorgzame samenleving is een heel zinnige aangelegenheid. Maar op het moment dat een minister dat uitspreekt, wordt hij op z'n kop getikt dat het niet mooi meer is. Jaren van onderzoek worden dan opeens genegeerd." D
VU^MAGAZINE—APRIL 1990
N
iet vanwege die mooie naam voer ik hier de prediker en pastor ds. Francis van Gheel Gildemeester (vGG, 1855-1929) op. Maar om een reeks door hem in 1921 in De Kerkbode geschreven artikelen van grof-antisemitische inhoud. Deze kwamen onder mijn aandacht door een publikatie van de emeritus hoogleraar pedagogiek dr. J.W. van Hulst, die zich in zijn leven heeft ingezet om het antisemitisme te bestrijden. Ook Van Hulst heeft in zijn boekje 'Kerkelijk antisemitisme' (Merweboek, Sliedrecht, 1990) geenszins voor ogen om vGG posthuum zwartte maken, een man die zich als evangelie-prediker en mede-ophchter van de Chr. Volksbond op sociaal-maatschappelijk terrein had onderscheiden. Van Hulst gebruikt de artikelen van vGG om te illustreren hoezeer zich antisemitische tendensen in burgerlijke en kerkelijke kringen hadden genesteld, al vóór Hitler's 'Mijn Kamp'.
woordingen tegen deze publikaties. Desondanks nam de kerk het niet voor hem op, terwijl een dergelijke complottheorie al op het eerste gezicht ook intellectueel onhoudbaar is. vGG bracht het niet op om amende honorable te maken, ook toen hem blijken moest dat hij zich door laster had laten overtuigen.
bewust geworden dat zulke praatjes vreselijke gevolgen hebben. vGG zou in onze dagen op grond van het misdrijf omschreven in art.137d WvS (aanzetten tot haat, discriminatie of geweld) een gevangenisstraf hebben opgelopen. Van Hulst begint zijn essay met een beslissing van voorzitter Dolman van de
co
Van Gheel Gildemeester
LU CD CL
CC
LU
Die tendensen waren 'theologisch' gefundeerd, met als uitschieter ten kwade de tot in onze dagen (echtpaar Goeree!) ten onrechte in dit kader geciteerde Matthaeustekst ("Zijn bloed kome over ons"). Reden waarom zowel in r.k. kring (waar in de Paas-liturgie tot in de jaren zestig de 'perfidi judaei' werden gebrandmerkt) als bij protestanten een bodem werd gelegd waarop het nazisme kon aansluiten.
Overtuigen? Daar was weinig voor nodig. De angst voor de communistische revolutie van 1917 in Rusland zat er bij kerk en bourgeoisie diep in. Daarin had de intelligentsia een grote rol gespeeld. In Rusland omvatte die intelligentsia een onevenredig hoog percentage joden (de bij ons meest bekende revolutionair heette Lev Davidovitsj Bronstein, zich noemende Trotsky).'Geen wonder: het woord pogrom is uit Rusland afkomstig, het (chhstelijke!) tsarisme had zich aan pogroms op gruwelijke wijze schuldig gemaakt. De nieuwe machthebbers bleken overigens weinig beter, zoals Stalin's antisemitisme bewees. De uittocht van joden uit de Sovjetunie is er nog door bepaald.
De artikelen van vGG beriepen zich op de beruchte 'Protocollen van de Wijzen van Sion' (begin deze eeuw door de tsaristische geheime dienst gefabriceerd) om de lezers van De Kerkbode te waarschuwen tegen het "joodsch wereldcomplot". Rabbijn Tal protesteerde destijds in opvallend milde be-
Agressief wereldcommunisme, een 'wereldcomplot der joden', 'theologisch' antisemitisme, ik denk dat deze elementen vGG op het verkeerde pad brachten. Na de Sjoa, waarvan onze joodse medemensen het slachtoffer werden omdat Hitler van bestaandevooroordelen gebruik kon maken, zijn wij ons
Tweede Kamer, die de uitdrukking 'twee joden weten wat een bril kost' ontoelaatbaar achtte, en de spreker verzocht zijn woorden terug te nemen. Het voorbeeld lijkt onschuldig: de uitdrukking zou kunnen duiden op respect voor scherpzinnige handelsgeest. In een tv-programma van Sonja Barend, enige jaren geleden gewijd aan 'grappen' met een discriminerende inhoud, citeerde een deelnemer met verontwaardiging waarom er Tien Geboden waren. De Heer wou er vijftien, Mozes bood vijf. Dat kun je zien als bewondering voorde moed van een leider van een woestijnstam, die durft te onderhandelen met de Allerhoogste. Maar het kan ook worden gebruikt om een discriminerende stereotiep te bevestigen. Tegen deze achtergrond zijn de recente opmerkingen van bisschop Bomers tegenover het Nieuw Israëlitisch Weekblad, erop neer komend dat hij hoopte dat de joden hun dwalingen zouden inzien en Christus zouden erkennen, op zijn gunstigst uiterst naïef.
11
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1990
VU-Magazine | 484 Pagina's