Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1990 - pagina 455

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1990 - pagina 455

4 minuten leestijd

ding niet meer dekt. Het nijver poetsen en spoelen in keuken en douche, het sproeien van de tuin en het wassen van de auto doet dit zo hoogwaardige produkt rechtstreeks in de riolering verdwijnen.

D

at grond- en met name duinwater zo populair zijn voor de produktie van drinkwater heeft te maken met de natuurlijke filterwerking van bodemlagen. Reeds in de tweede helft van de vorige eeuw vestigde zich een Amsterdamse waterleidingsmaatschappij in de Haarlemmerduinen. Dat was nodig vanwege het verband tussen cholera-epidemieën (in 1866 stierven ongeveer 20.000 Nederlanders aan deze ziekte) en het gebruik van put-, sloot- en grachtwater. Reeds rond de eeuwwisseling werd duidelijk dat de waterputten in de duinen meer water aan de bodem onttrokken dan er door regeninfiltratie bij kwam. Karakteristieke duinplanten als de parnassia en het duinroosje verdwenen en ook voor de waterwinners ontstonden er problemen: steeds vaker werd brak water opgepompt, doordat de op een grote zoutwatervoorraad drijvende zoetwaterbel in grootte afnam. Vanaf 1940 werd daarom overgestapt op een nieuwe techniek, de open infiltratie met oppervlaktewater. Water uit Rijn en Usselmeer werd via pijpleidingen in infiltratiekanalen en -meren in de duinen geleid. Door ondergrondse buizen of zijdelingse kanalen werd het gereinigde water weer afgevoerd richting waterleiding. De hooggespannen verwachtingen van deze methode werden slechts ten dele bewaarheid. Het grondwaterpeil steeg wel weer iets, het drinkwater was goed bruikbaar, maar de parnassia verdween na een kortstondige come back voorgoed. Het aangevoerde water bleek niet de kwaliteit te hebben die de kwetsbare duinplanten nodig hadden. Dit probleem nam nog toe met de grotere vervuiling van het rivierwater met fosfaten en nitraten. De duinvegetatie 'verruigde'. Brandnetel en harig wilgeroosje zouden voor een complete generatie kustbezoekers voortaan standaard duinplanten worden. Hoewel waterwinners en natuurvrienden jarenlang tegenover elkaar VU-MAGAZINE—DECEMBER 1990

stonden, zijn er sinds de jaren zeventig in het Hollands duingebied ook enige Hchtpuntjes te bespeuren. De waterleidingbedrijven werden zich steeds meer bevrast van hun verantwoordelijkheden ten aanzien van natuurbeheer. Een voortrekkersrol was daarbij weggelegd voor het Provinciaal Waterleidingbedrijf Noord-Holland (PWN). De directeur van PWN, Casper Sprey, kreeg onder meer voor zijn stimulerende rol bij het wetenschappelijk onderzoek op het gebied van natuurbeheer en waterproduktie, in oktober een eredoctoraat aan de Vrije Universiteit. Dit op voordracht van de faculteiten Aardwetenschappen en Biologie, die nauw bij het duinonderzoek zijn betrokken.

S

prey werd met zijn doctoraat tevens geëerd voor zijn aandeel in het ontwikkelen van een milieuvriendelijke wijze van waterinfiltratie in de duinen, de diepteinfiltratie. Bij deze diepte-infiltratie wordt zeer goed voorgezuiverd water vijftig tot honderd meter diep onder afsluitende veen- of kleilagen in het daar aanwezige zandpakket gepompt. Dit diepe infiltratiewater wordt een eind verderop in winputten weer opgepompt als vrijwel schoon drinkwater. Voor de bovenliggende duinvegetatie betekent dit dat zij niet meer in contact komt met het infiltratiewater en het ondiepe grondwater niet

meer wordt beïnvloed door de waterwinning, maar gevoed door 'zuiver' regenwater. Sprey Het tijdens zijn promotierede weten dat een ander bijkomend voordeel, de aanleg van een flinke voorraad aan veilig drinkwater, "niet hoog genoeg ingeschat kan worden". Sinds Tsjernobyl en Sandoz is een mogelijke langdurige besmetting van open watervoorraden als het IJsselmeer de nachtmerrie die waterwinners achtervolgt. De vraag of parnassia's door het gebruik van diepte-infiltratie weer massaal in duinvalleien te bezichtigen zullen zijn door een nieuwe generatie badgasten, kan echter nog lang niet positief beantwoord worden. Uit het duinonderzoek is gebleken dat de verdwijning van deze plantesoort is verlopen via een hele keten van biologische processen. De praktijk leert dat zulke processen niet eenvoudig omgekeerd kunnen worden.

M

eer landinwaarts zijn het, naast de reeds besproken landbouweffecten, vooral de waterbouwkundige en cultuurtechnische ingrepen geweest die tot verdroging hebben geleid. lUustra13

De weerribben: uniek natuurgebied dreigt te verdrogen door de zuigkracht van de Noordoostpolder. Foto Ministerie van Verkeer en Waterstaat Krabbescheer: door zorgvuldig beheer terug in de Weerribben.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1990

VU-Magazine | 484 Pagina's

VU Magazine 1990 - pagina 455

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1990

VU-Magazine | 484 Pagina's