VU Magazine 1990 - pagina 288
Op deze grafiek is de invloed te zien van een bepaald oncogen op de gevoeligheid voor kanlcer bij muizen: de niet behandelde muizen waren na 240 dagen voor het merendeel nog tumorvrij, terwijl onder de transgene muizen nagenoeg geen tumorvrije exemplaren meer te vinden waren.
groter het aandeel van de gemodificeerde stamcellen in de opbouw. Die kleurstelling blijft na kruising, ook in de volgende generatie, een mogelijkheid tot identificatie in dat opzicht.
Non-transgenic and
H2K-pim--\
D
e blastocyst-methode heeft, onder andere, één belangrijk voordeel boven die op eicel-niveau. Kan men bij de laatste in principe alleen maar genetische informatie toevoegen aan het DNA dat in de voorkern aanwezig is, de eerste maakt het mogelijk om, heel nauwkeurig, een bepaald deel van de al aanwezige informatie te inactiveren of te verwijderen, en vervolgens daadwerkelijk te vervangen door andere. En dat is, juist in het moleculair genetisch onderzoek naar kanker, van groot belang. Zo trachten
'Wat wij hier doen is het nabootsen van het kankerproces in de muis, zoals we denken dat het bij de mens plaatsvindt.' Berns en zijn staf met behulp van deze methode nu bijvoorbeeld onomstotelijk te bewijzen, dat het inactiveren van een tumor-suppressorgen inderdaad de kans op het ontstaan van tumorvorming dramatisch vergroot. Het onderzoekswerk zal er nog nauwkeuriger door worden, hoopt Ton Berns. Het neemt niet weg dat ook de eicel-methode goede resultaten 22
E >- 20 H2K-p/m-1/ENU
Ep-pi 30
60
90
120
160
1B0
210
240
270
Age (days)
opleverde. "We konden daarmee al vrij aardig in de praktijk nagaan of wat we theoretisch verwachtten ook daadwerkelijk uitkwam." In principe bestond de mogelijkheid al, om bepaalde oncogenen toe te voegen aan het genetisch materiaal van een muis. "Iets wat normaal gesproken alleen door mutatie plaatsvindt, konden wij met een simpele inspuiting in de eicel al op afroep teweegbrengen." En men had ook al aangetoond dat deze oncogenen, die vervolgens dominant aanwezig zijn in de muis, het dier als het ware vatbaarder maken voor kanker, zodat de kans dat het tumoren zal ontwikkelen aanmerkelijk toeneemt wanneer we het blootstellen aan kankerverwekkende stoffen, straling, of virussen. "De blastocyst-methode biedt ons echter de mogelijkheid nu ook nauwgezet na te gaan welke oorspronkelijke genen samenwerken met het transgen dat door ons is ingebracht", zegt Berns. VU-MAGAZINE—JULI/AUGUSTUS 1990
^tai
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1990
VU-Magazine | 484 Pagina's