Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1990 - pagina 55

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1990 - pagina 55

5 minuten leestijd

leen. Automatisering bij de politie leidde twee jaar geleden tot een fiasco. Het probleem lijkt zich zelfs uit te strekken tot projecten waarbij de zwarte piet niet zo gemakkelijk aan de computer kan worden doorgespeeld: de paspoort-affaire. Kunnen we dan echt niks? Het lijkt er wel op. Na vele jaren ervaring met zulke projecten wordt er nog steeds onvoorstelbaar geblunderd. En de indruk wordt steeds sterker dat dit geploeter en getob niet uitsluitend aan politieke onmacht en personele onbekwaamheid is te wijten. Zouden die omvangrijke problemen soms onvermijdelijk zijn bij automatisering op grotere schaal? Er was een prachtig formulier ontworpen, waarmee de eerste lichting 'studenten nieuwe stijl' een beurs kon aanvragen. Het zou verspreid worden via postkantoren en scholen. Maar toen de vrachtwagen kwam voorrijden om de honderdduizenden formulieren op te halen, bleek iemand vergeten te hebben de bestelling bij de drukker te plaatsen. De studenten zagen de sluitingsdatum naderen en stuurden in groten getale handgeschreven briefjes naar Groningen. Die waren vanzelfsprekend volstrekt ongeschikt voor massale verwerking. Het liep dus scheef, hetgeen een nieuwe stroom brieven opleverde. Op het dieptepunt van de crisis lagen er 200.000 brieven op antwoord te wachten, en werd er een miljoen keer per week opgebeld. Het was niet de schuld van die ene ambtenaar, verantwoordelijk voor de formuliertjes. "Het politieke geharrewar, tot het allerlaatste moment, over de studiefinanciering maakte dat de Groningse organisatie zich nauwelijks kon voorbereiden", vertelt prof. dr. R.J. in 't Veld ~ destijds topambtenaar op Onderwijs, en nu als hoogleraar werkzaam aan de andere kant van de lijn - die als crisismanager later, de zaak mocht opknappen.

I

n 't Veld sprak eind vorig jaar op een congres over het falen en slagen van automatiseringsprojecten en verweet de politiek veel te lichtzinnig te denken over automatisering. Men roept wat en neemt dan maar aan dat het voetvolk tijdig de juiste plug in het correcte gaatje zal steken. In 't Veld: "ComputerproVU-MAGAZINE—FEBRUARI 1990

grammeurs hebben vanaf het eerste begin absoluut heldere omschrijvingen nodig, en managers moeten weten waaraan hun organisatie moet voldoen. Maar beleidmakers blijven tot in een heel laat stadium gevangen in een spel van belangentegenstellingen en poHtieke vaagheden". Een ander debacle - de paspoorten - vertoont een soortgelijke achtergrond. In 't Veld: "De parlementaire enquêteurs konden in 1988 - zeven jaar na aanvang van het project nog niemand vinden die hen kon vertellen waarvoor het nieuwe paspoort precies gebruikt moest gaan worden, en welke eisen dus aan het bijbehorende systeem gesteld moesten worden. Waarschijnlijk waren de departementen zo verwikkeld in bureaupolitieke twisten, dat geen enkele partij solide besluiten kon nemen", veronderstelt In 't Veld. In beide gevallen konden de uitvoerders niet uit de voeten met halfslachtige politieke uitspraken. Volgens In 't Veld werden ze daarbij ook nog voortdurend achtervolgd door bijstellingen en veranderingen: "Studiefinanciering werd geplaagd door koortsachtige bemoeienis die onvoorspelbaar was en het rustig en verantwoord bouwen aan een groot systeem doorkruiste. Zo kwamen politici na enige tijd tot de ontdekking dat studenten massaal van woonplaats veranderden, omdat dat meer geld opleverde. De regels moesten daarom aangescherpt worden, maar dat leverde zoveel extra programmeerwerk, dat men er maar weer vanaf zag. De ingreep werd te duur." Beleidmakers die precies weten wat ze willen, en die - nadat de voorbereiding in gang gezet is, er met hun vingers afblijven: dat zou de ideale gang van zaken zijn. Maar als het anders loopt, wie moet zich dan plooien: de politicus of de programmeur? In 't Veld kiest ondanks alles de laatste: "Anders zijn de technocraten aan de macht. Als ingenieurs onbeperkt hun gang kunnen gaan, is het maar de vraag of hun resultaten zullen stroken met wat de samenleving wil." Een echte oplossing is er niet, volgens In 't Veld: "Computerprogrammeurs kunnen prachtige systemen ontwerpen die op elk moment aan te passen zijn aan nieuwe wensen. Maar dat is onbetaalbaar,

en vergt een enorme aanlooptijd."

D

at de computer ondanks zijn flitsende image eigenlijk een star en log ding is, dringt nog maar nauwelijks door tot de politiek. In 't Veld: "De mogelijkheden van automatisering hebben de politieke besluitvormers vaak zo bekoord, dat zij de grenzen van het mogelijke herhaaldelijk uit het oog verloren. Veel stelsels zijn opgetuigd met allerlei toeters en bellen, en criteria voor deelcategorieën. In het geval van de studiefinanciering heeft de wetgever geen enkele remming gevoeld om de regels voor het verlenen van een beurs zo ingewikkeld mogelijk te maken. De computer voert het wel uit." Het resultaat is een uiterst gecompliceerd algoritme dat, bij invoer van voldoende formele gegevens, zonder enige menselijke inmenging eenduidige beslissingen zou kunnen nemen. De computer beslist eerlijk en rechtvaardig. In 't Veld: "Al gauw bleek dat de computer moeilijk uit de voeten kon met begrippen als woonplaats, partner, en "daadwerkelijk studeren". Die bleken helemaal niet zo eenduidig geformuleerd. De nieuwe wet, die interpretatieloze massale toepassing mogelijk

Toen de vrachtwagen kwam voorrijden om de formulieren te halen, bleek iemand vergeten te hebben de bestelhng bij de drukker te plaatsen. moest maken, was daarvoor niet duidelijk genoeg." In het oude studiestelsel had men daarvoor volgens In 't Veld een uitstekende oplossing. Plaatselijke uitvoeringsambtenaren hadden nauw contact met studentendecanen en konden zo verstandige beslissingen nemen, ook wanneer er onduidelijke en complexe omstandigheden waren. De normen waren niet altijd in regels gevangen, met alle gevaar van dien voor rechtsongelijkheid en rechtsonzekerheid. 9

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1990

VU-Magazine | 484 Pagina's

VU Magazine 1990 - pagina 55

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1990

VU-Magazine | 484 Pagina's