Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1990 - pagina 113

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1990 - pagina 113

4 minuten leestijd

Wetenschappen, wilde hem in 1808 ook lid van de Maatschappij maken. De Vries weigerde echter omdat deze van Lodewijk Napoleon op 13 juli 1806 het predikaat 'Koninklijke' had aangenomen. De vriendschap met Van Marum werd hierdoor niet blijvend verstoord en nadat deze in 1837 was overleden hield ds de Vries bij de begrafenis de lijkrede. In 1844 werd hij alsnog lid, Hij was ook lid van het Koninklijke Instituut van Wetenschappen, Letterkunde en Schoone Kunsten, de voorloper van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen. Hij onderhield nauwe contacten met de meeste Nederlandse cultuurdragers van zijn tijd, zoals bij voorbeeld Isaac da Costa (1798-1860) en Bilderdijk (1756-1831), die vanaf 1827 tot zijn dood in 1831 zelfs te Haarlem woonde. De Vries stond in Groningen en in Utrecht op de nominatie als hoogleraar in de Nederlandse letteren en in 1820 sloeg

van enkele jaren geleden ontdekte, vond daarin onder andere 111 nummers judaica (joodse literatuur) en vertelt dat hij zijn "ogen nauwelijks geloven" kon want het was "een keurcollectie van de meest zeldzame en gezochte" werken. Verder vermeldt hij dat de Vries "de grootste collectie Bilderdijkiana bezat, ooit bijeengebracht". Het verbaast ons dan ook niet dat Abraham de Vries in 1821 als bijbaan bibliothecaris werd van de uit 1596 daterende Haarlemse Stadsbibliotheek, naar zeggen de oudste van het land. Na zijn emeritaat in 1838 wijdde hij zich geheel aan dit werk. Grote bekendheid heeft hij voorts gekregen door de verdediging in woord en geschrift van de opvatting dat Laurens Jansz Coster de uitvinder van de boekdrukkunst was. Bij het vierde eeuwfeest hiervan in 1823 eerde Koning Willem I hem hiervoor door de benoeming tot Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw en bij de onthulling in juli 1856 van het ons allen bekende Coster-monument, hier vlakbij op de Grote Markt, bevorderde Koning Willem III hem tot Commandeur in die Orde. Bij deze gelegenheid bood de Vereniging der Nederlandsche Typographen hem een lauwerkrans aan, gepaard met een fraai lofen dankgedicht: Die dank weerklink', zoo menigmalen/ Ons volk het feest der drukkunst viert./ En waar men 't beeld van Coster siert/ Daar zal ons nakroost fier fierfialen:/ Op Haarlem's regt, op Haarlem's regtj Is 't zegel door De Vries gelegd! Op 3 november 1862 is hij overleden.

D

oorbladerend in het foto-album blijkt dat wij nog niet alle vermaarde telgen van dit geslacht besproken hebben. In 1776 werd Abraham's broer Jeronimo de Vries te Amsterdam geboren. Hij werd na anderhalf jaar letteren-studie in 1794 door de burgemeesters van die stad tot assistent van de Eerste Stadsklerken benoemd. Hij klom op het Stadhuis geleidelijk op en werd in 1814 Griffier en Chef van 't Secretariaat, de hoogste ambtelijke functie van Amsterdam. Hij bleeft dit tot 1851 en bij zijn afscheid kreeg hij van B. en W. een "zilver Presenteerblad" cadeau met de inscriptie: "na 57 jarige trouwe ambtsvervulling". Evenals zijn broer moest hij niets van de Franse bezetters hebben, zo dichtte hij in 1807 eens: Eer moog' Rhljn- en TIber-stroomen Vreedzaam mengen hun geklos; Eer de winter zien de boomen In een groenend blaêrendos; Eer mijn ziel zich zal verlagen Om naar Fransche gunst te staan. hij een professoraat in de klassieke letterkunde in Leiden af. Dit weerhield Leiden er niet van hem enige tijd later een ere-doctoraat te verlenen. Hij was, zoals wij al zagen, een groot bibliofiel. Toen zijn boeken in 1864 werden geveild waren er 5459 kavels. Offenberg, die de catalogus hierVU-MAGAZINE—MAART 1990

In de gepubliceerde versie konden de laatste regels natuurlijk niet worden opgenomen. Grinnikend wijzigde hij deze tijdeijk dan ook alsvolgt: Eer Ik huls of kind, of magen Als mij lastig, zal ontgaan. 23

Hugo de Vries getekend door Jan Veth: Wie en wat waren de mensen die de genen hebben geleverd die de aanleg bepaalden van deze geniale man en die het milieu vormden waarin deze aanleg tot ontplooiing kon komen?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1990

VU-Magazine | 484 Pagina's

VU Magazine 1990 - pagina 113

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1990

VU-Magazine | 484 Pagina's