VU Magazine 1991 - pagina 145
Van^de^ redactie Govert Schilling is niet boos, maar wel verdrietig. Schilling is wetenschapsjournaUst en is met name deskundig op het terrein van de astronomie. En hij is verdrietig omdat de media wetenschappelijk nieuws nog steeds niet op een behoorlijke wijze aan het volk weten door te geven. Aanleiding was een sterrenkundig bericht dat begin januari op de telex stond, en dat, verkeerd geïnterpreteerd, onder meer de voorpagina van de Volkskrant haalde. Wetenschap en de media: het blijft tobben. Onder die kop doet Schilling verslag van de canard, en van het verdriet dat deze bij hem teweeeg bracht, in het februarinummer van Iota, de maandelijkse nieuwsbriefvan de Stichting voor Publieksvoorlichting over Wetenschap en Techniek. Het bewuste telexbericht betrof een publicatie in het gezaghebbende wetenschappelijke tijdschrift Nature, waarin Britse en Canadese astronomen de resultaten naar buiten brachten van een omvangrijk onderzoek naar de ruimtelijke verdeling van sterrenstelsels in het heelal. Hoewel de kop van dat artikel - vrij vertaald: 'de dichtheid van het lokale universum' - nu niet direct aanleiding leek te geven tot opwinding en sensatie, maakten sommige media er een man-bijt-hondverhaal van.
Man bijt hond helUng kon. Zo'n vaart liep het gelukkig niet. De ontdekking van de astronomen impliceerde eigenlijk niet veel meer, dan dat de materie minder gelijkelijk over de ruimte is verdeeld dan eerst werd aangenomen, en dat bijgevolg de ideeën over de zogeheten 'koude donkere materie' aan een bijstelling toe zijn. Ook voor wie weet waarover het gaat, geen echt voorpaginanieuws. Maar bij SchilHng stond de telefoon die dag roodgloeiend. Kranten, radio en tv klopten bij hem aan om meer informatie. De tv haakte al snel af omdat er van de koude donkere materie geen bewegende beel-
den voorhanden waren; want zo gaat dat in Hilversum. De rest trok zich teleurgesteld terug, toen men merkte dat van dit nieuws geen spektakelshow viel te bakken. Rest de vraag wie er nu eigenlijk schuldig was aan deze mediamieke klopklop. In de eerste plaats de redactie van het blad Nature, die met de kop 'Het einde van de koude donkere materie?' op het omslag het verhaal opblies, en het in een hoofdredactioneel commentaar bewust nog eens aandikte. In de tweede plaats de media die kennelijk alleen geïnteresseerd zijn in iets dat lekker spettert en spat en die bewust of niet - een beeld
schetsen van natuurwetenschappers die maar wat aan rotzooien. Toch zou het jammer zijn als deze zoveelste wetenschapsjournalistieke miskleun ertoe zou leiden dat media - kopschuw gemaakt door dit soort blunders - wetenschappelijk nieuws voortaan als 'riskant' of 'te moeilijk' terzijde zouden schuiven. Het hinderlijk kritisch volgen van wetenschappelijke ontwikkelingen is pure noodzaak; een stelling die door het uitvoerige relaas in dit nummer, over de Piltdown-affaire, nog eens wordt benadrukt.
Gert J. Peelen
'Theorieën over sterrenstelsels blijken fout', kopte de Volkskrant. In het bijbehorende stuk werd de suggestie gewekt dat zelfs de oerknal-gedachte op de VU-MAGAZINE—APRIL 1991
3
Foto Bram de Hollander
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991
VU-Magazine | 500 Pagina's