Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1991 - pagina 328

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1991 - pagina 328

2 minuten leestijd

toekomstige generaties zullen ons dit gebrek aan historisch verantwoordelijkheidsbesef niet in dank afnemen." Hij illustreert deze stelling aan de hand van het Janskamperveld-project. Het bestaan van een nederzetting als deze, wordt steeds bij toeval (zoals hier bijvoorbeeld door een plaatselijke amateur-archeoloog), en vrijwel altijd te laat, ontdekt. Op de bewuste plek is woningbouw ten behoeve van het zich gestaag uitbreidende Geleen gepland. In september '91 gaat het eerste beton de grond in. Daarna is onderzoek ter plekke volstrekt onmogelijk geworden, zoals op zoveel archeologisch belangrijke plekken eerder het geval is geweest. Ook in dit geval was er veel te weinig tijd beschikbaar. Tussen oktober

30C km

^

"^

^\^

-:g^.

m2^.

"^^yA

il

r:^:-^.,"'*

-W

De verbreiding van de bandkeramische cultuur over Europa en twee voorbeelden van het daartoe behorende, kenmerkende aardewerk. Illustratie Instituut voor Prehistorie der R.U. te Leiden

Plattegrond van een van de dertig a veertig gebouwen die van de bandkeramische nederzetting op het Janskamperveld deel uitmaakten. Te zien is onder meer de markering van de plaatsen waar de houten funderingspalen van het gebouw hebben gestaan. Foto Jan Pauptit Instituut voor Prehistorie der R.U. te Leiden

kers, op hetzelfde terrein werd ontdekt. "Een aardige toegift", aldus Louwe Kooijmans.

A

lles leuk en aardig. Maar tijdens de persconferentie die voorafging aan het bezoek aan de opgraving, kraakte prof. Louwe Kooijmans - zij het met de voorzichtigheid die de ware wetenschapper nu eenmaal eigen is - wat kritische noten inzake een structureel probleem waarmee de archeologie in ons land in steeds heviger mate te kampen krijgt. Een opgraving als deze dient, aldus de hoogleraar, een drieledig doel: het prehistorisch onderzoek, de praktische opleiding van studenten (die zonder morren en in weer en wind het eigenlijke graaf- en schaafwerk verrichten), maar niet in de laatste plaats ook monumentenbeheer. En met dat laatste, zo blijkt, is het droevig gesteld. Wat eraan ontbreekt is een consistente aanpak en een beleid dat meer op conserveren dan op opgraven gericht is, zegt Louwe Kooijmans: "Archeologie is, net als aardohe, uitputtelijk. Op een gegeven moment is het op. Dan is alles opgegraven. Of, nog erger, voor de eeuwigheid vernietigd. En 10

n - ^ , '"-,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991

VU-Magazine | 500 Pagina's

VU Magazine 1991 - pagina 328

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991

VU-Magazine | 500 Pagina's