VU Magazine 1991 - pagina 342
sen over leven en dood. Op Java en Sumatra stuitten de Nederlanders op verzet van de Indonesische republikeinse strijdkrachten (de TNI) en ongeorganiseerde verzetsgroepen, de pemoeda's, groepen nationalistische jongeren met slechts één ideaal; merdeka, onafhankelijkheid. Zij vormden de verbindende schakel tussen het radicalisme in de steden en op het platteland. Een eenduidige ideologie hadden ze niet, maar wel een duidelijk vijand: de hlanda's (Nederlanders) en iedereen die met de onderdrukkers samenwerkte. Ze waren niet geüniformeerd en daardoor nogal ongrijpbaar. Hun methode bestond uit bedreiging, ontvoering en moord. Om aan wapens te komen overvielen ze politieposten.
De guerillastrijders pleegden overvallen waarbij veel slachtoffers vielen. Een regelrechte wapenwedloop was het gevolg.
!Vlr. K.S. Bieger: 'De rechtspraak was soms onbevredigend, soms onbegrijpelijk. Overal stond de doodstraf op in die tijd.' Foto Bram de Hollander
In Indonesië woonachtige Nederlanders voelden zich bedreigd en wensten een zo krachtig mogelijk optreden tegen dit nationalistische verzet. De guerillastrijders pleegden overvallen waarbij veel slachtoffers vielen. Een regelrechte wapenwedloop was het gevolg: ondernemers richtten gewapende ondernemingswachten op, de politiemacht werd flink uitgebreid, dessahoofden mochten wapens dragen, hoge functionarissen omringden zich met gewapende lijfwachten. Mr. Bieger, in een van de gesprekken die ik met hem hierover voerde: "Het was moeilijk onder die omstandigheden een heilige te blijven."
P
as na vier jaar gaf Nederland de strijd op en besloot, 27 december 1949, tot souvereiniteitsoverdracht. Honderdduizenden Indonesiërs en zo'n 2500 Nederlanders hadden het leven verloren. En de materiële schade was groot. Nederland had groot militair overwicht, maar isoleerde zich met deze strijd politiek van de rest van de wereld. De populaire legercomman24
dant S.H. Spoor leidde de Politionele Acties. Officieel luidde zijn opdracht rust en orde in de Oost te herstellen. Feitelijk was zijn taak een groot en economisch belangrijk gebied weer onder Nederlandse controle te brengen. De twee Politionele Acties duurden zelf maar enkele weken. Maar er werd een grote legermacht ingezet. Het aantal doden aan Indonesische kant ligt naar schatting op ruim 100.000. Aan Nederlandse zijde vielen 451 doden. In januari 1948, na de eerste Pohtionele Actie, kondigden de Verenigde Naties een staakt-het-vuren af, gevolgd door het bestand van Renville. Volgens de Nederlanders kwam daarmee een eind aan de oorlogssituatie. Wie na het bestand doorvocht, werd daarom niet meer als militair beschouwd en mocht, na gevangenneming, niet rekenen op een behandehng volgens de conventies van Geneve. Veel Indonesiërs vochten echter door.
Celebes. Later werd deze praktijk zo goed als mogelijk was in regels vastgelegd en enigszins beperkt. De rechter kwam eraan te pas. Hij legde doodvonnissen op. Deze praktijk was systematisch, juridisch, en bedoeld om de tegenstander schrik aan te jagen. De vonnissen dienden als niet-militair wapen tegen het groeiende nationalistische verzet. Maar hoe kon het gebeuren dat een, in theorie onafhankelijke, rechterlijke macht zich liet gebruiken voor militaire doeleinden?
D
e doodstraf was in Nederlands-Indië gaandeweg in onbruik geraakt. Tot on-
Omdat Indonesië niet over een getraind leger beschikte, maakten de vrijheidsstrijders gebruik van guerilla-tactieken, door de Indonesiërs Bersiap (schemering) genoemd. Bieger: "Op veel plaatsen vierde de terreur hoogtij. De Nederlanders waren gekomen om recht en veiligheid te brengen en de bevolking te bevrijden van terreur en onderdrukking. Zo heette het tenminste in de dagorders van de legercommandanten." In de bersiaptijd werden duizenden mensen gearresteerd. Wat met ze te doen? Een 'schoon' middel was het interneren van degenen die werden verdacht van 'ongewenste politieke activiteiten'. Geïnterneerden zagen zich in ieder geval erkend als vertegenwoordiger van de republiek, en niet als terrorist met alle gevolgen geveer 1905 werden vele honderden vandien. doodvonnissen in het openbaar uitBieger had vanuit Batavia echter de gevoerd. Dat gebeurde door ophanopdracht zo min mogelijk te interne- ging. Na die tijd trad een zekere huren en zoveel mogelijk strafrechte- manisering op en werden doodvonlijk te vervolgen. Wie bijvoorbeeld nissen meestal omgezet in levensna de Renville-overeenkomst nog lang. Tussen 1926 en 1935 werden wapens hanteerde tegen hel Neder- nog slechts veertien doodvonnissen landse gezag, werd strafrechtelijk uitgevoerd. vervolgd. Maar wie als terrorist of Na 1945 werd de rechtspraak vergewone crimineel werd bestempeld, scherpt. Procureur-generaal mr. wachtte een ander lot. H. W. Felderhof benoemde assistenVeel mensen werden binnen enkele ten die verbonden waren aan het ledagen, en zonder mogelijkheid van geronderdeel dat een bepaald gebied beroep, terechtgesteld. Aanvankelijk bezet hield. In zo'n functie, als vergebeurde dat standrechtelijk, zoals tegenwoordiger van de procureurdoor kapitein We.sterling op Zuid- generaal, werd mr. Bieger vanaf VU^MAGAZINE—SEPTEMBER 19
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991
VU-Magazine | 500 Pagina's