VU Magazine 1991 - pagina 93
dactie naar artikelen met verschillende standpunten. Het blad schrijft over heden en verleden van de Russische orthodoxe kerk, maar ook over zaken als magie en mystiek. Ook dit blad heeft een steeds stijgende oplage en de uitgever verdient er goed aan.
Samenstelling: Renée Braams en Johan de Koning
Moedertaal Meningen Het Russische dagblad 'Feiten en meningen', een speciale krant over wetenschap, behoort tot de snelst groeiende media in Rusland, schrijft de Stichting voor Pubheksvoorlichting over Wetenschap en Techniek in haar blad Iota. VoorUchting over wetenschap en techniek wordt in Rusland heel belangrijk gevonden. De Russische krant heeft een oplage van 30 miljoen exemplaren en hij is voortdurend uitverkocht. 'Feiten en Meningen' is geen overheidsprodukt, maar een uitgave van de Znanie Society, opgericht door de Russische Academie van Wetenschappen. Het doel: propaganda en educatie; de bevolking moet zien dat de Russische wetenschap op de goede weg is. De krant dankt haar succes aan de onafhankelijkheid van de redactie. Heel verschillende meningen komen ongecensureerd aan bod: over de gevolgen van de kernramp bij Tsjernobyl, over de toekomst van het Aralmeer, over de uitgaven voor de defensie-industrie. Een andere uitgave van de Znanie Society, het blad 'Wetenschap en ReHgie' hanteert dezelfde succesformule: bij controversiële onderwerpen zoekt de re-
38
Onderwijs in eigen taal en cultuur (OETC) voor buitenlandse kinderen, dat is zo'n onderwerp waar iedereen wel een mening over heeft. Mensen die er geen verstand van hebben menen vaak dat het afgeschaft zou moeten worden, ten behoeve van de integratie. Taalkundigen vinden dat het OETC de integratie juist dient: een kind dat zijn eigen moedertaal gebrekkig beheerst, zal nooit een vreemde taal goed kunnen leren. De Utrechtse arabiste dr. S. Elbouayadi-van de Wetering schreef een proefschrift over het OETC aan Marokkaanse kinderen, waaruit blijkt dat over OETC niet alleen heel verschillend gedacht wordt, maar dat iedereen er ook zo zijn eigen bedoelingen mee heeft. Het belangrijkste doel van OETC is, of zou moeten zijn, het goed leren kennen van de moedertaal, vindt Elbouayadi. Daarnaast wordt het ook als godsdienstonderwijs beschouwd, of ligt de nadruk op de C van cultuur. Elbouayadi onderkent meer oneigenlijke doelen: OETC als kinderopvang na schooltijd, de OETCleerkracht als contactpersoon tussen de school en de ouders. Marokkaanse ouders en
leerkrachten hebben ook vaak andere prioriteiten. Marokkaanse ouders vinden het gym-uur en de schoolzwemtijd geschikte lesuren om hun kinderen (dochters) uit de klas te halen voor de les in de eigen taal en cultuur. Onderwijzers vinden zwemmen en gym juist goed voor de integratie. De conclusie van dit proefschrift luidt dat er eensluidend vastgesteld moet worden wat het doel van OETC is. Dat schept duidelijkheid, met name voor de betrokken kinderen.
Verf Koolwaterstoffen in verf, zoals terpentine en thinner, dragen bij aan smogvorming en zure regen. De Nederlandse verfindustrie denkt dat zeventig procent van de koolwaterstoffen uit verf gehaald kan worden. Dat blijkt uit het onderzoeksrapport 'Het geschilderde milieu. De gevolgen van KWS 2000 voor de Nederlandse verfindustrie' van de Groningse economische faculteit. Als er meer verf op waterbasis gemaakt wordt, zal het milieu minder lijden onder koolwaterstoffen. Verf op waterbasis is wel duurder en er zijn nog twijfels over de kwaliteit van die verf. Twee redenen waarom het de vraag is of de professionele consument en de doe-het-zelver die verf zullen accepteren. Het invoeren van verf op waterbasis moet ook economisch haalbaar zijn, vindt de verfindustrie, dus is internationale samenwerking op dit gebied nodig. Europeanen verven op waterbasis, dat moet de mentaliteit worden. Wij Europeanen moeten met
z'n allen ook niet denken dat we de kwasten van de nieuwe verf-op-waterbasis zo maar onder de kraan kunnen afspoelen, want dan verplaatst het probleem zich van luchtverontreiniging naar watervervuiling.
Onlangs promoveerde de arts G.P.M.Assen op een vergelijkend onderzoek naar het effect van de traditionele en de westerse behandehngswijze bij een psychose, of Lilalu, zoals de ziekte in Kenia heet. Is het nodig dat traditionele genezers in de behandeling van psychiatrische patiënten betrokken worden, of moet die behandehng zelfs geheel aan hen overgelaten worden, vroeg de onderzoekster zich af.
Lilalu Leden van de Luhya, een Banta-stam in Kenia, beschouwen een psychose als een ziekte die veroorzaakt is door boze vooroudergeesten of hekserij. Het maakt hen niet uit of de ziekte genezen wordt door traditionele Keniaanse genezers of gebedsgenezers, of door Westerse artsen in ziekenhuizen. Als de patiënt maar geneest, anders komt hij na zijn dood terug als boze geest.
Noch de westerse arts, noch de Keniaanse gebedsgenezer bereikt waar het eigenlijk om gaat: dat de patiënt weer kan functioneren binnen de gemeenschap. Westerse artsen scoren wel met hun medicijnen, maar het effect dat daarmee bereikt wordt beschouwen de Kenianen, terecht, niet als echte genezing: iemand die
i
nog medicijnen moet shkken is niet genezen. Traditionele behandelingen, zoals het offeren van een dier, het toedienen van kruiden of het dragen van een amulet, zijn weinig succesvol. Er wordt door traditionele genezers te weinig aandacht besteed aan spanningen binnen families en aan het herstellen van een dagritme bij de patiënt. Westerse artsen doen het op die twee punten beter, maar hun behandehng staat ver af van de Keniaanse cultuur.
Tabletten In veel huishoudens hangt ergens een speciaal kastje voor medicijnen. Ondanks de waarschuwingen van apothekers om pillen, zalfjes en poeders niet einde-
loos te bewaren en naar eigen inzicht opnieuw te gebruiken, houden wij er van om van alles wat in huis te hebben. In derde wereldlanden is het moeilijker zo'n huisapotheek op te bouwen. Tabletten zijn daar niet goed houdbaar door de hoge temperaturen en de hoge vochtigheidsgraad. Dr. CE. Bos promoveerde onlangs aan de Rijksuniversiteit Groningen tot doctor in de wis- en natuurkunde op een onderzoek naar houdbare tabletten voor de Tropen. Bij het zoeken naar oplossingen heeft Bos gelet op de grondstoff"en, die goedkoop en voldoende aanwezig moesten zijn in de Tropen. Zij concludeert dat tabletten die als uiteenvalmiddel geen aardappelzetmeel of maïszetmeel, maar tapiocazetmeel bevatten.
houdbaar zijn in een heet klimaat, mits er conserveermiddel aan wordt toegevoegd. Een belangrijke uitvinding, die als vervelende bijwerking heeft dat in de Tropen, net als hier, voorlichtingscampagnes gevoerd zullen moeten worden onder het motto 'breng medicijnen die je over hebt terug naar de apotheek'.
HIV Bepaalde mondafwijkingen kunnen een eerste aanwijzing zijn dat iemand besmet is met het HlV-virus, de veroorzaker van aids. Tandartsen en huisartsen zouden de mogelijke besmetting hierdoor vroegtijdig kunnen waarnemen, wat van belang is voor een snelle medische interventie. Dat schrijft de tandheeldkundige E.A.J.M. Schutte in het proefschrift waarop hij in december promoveerde aan de Vrije Universiteit. Tijdens een klinisch en pathologisch onderzoek van het Academisch Centrum voor Tandheelkunde Amsterdam ontdekte Schutte dat bij HlV-dragers een scala aan mondafwijkingen vah aan te treffen. Een paar daarvan komen het meest frequent voor. Schutte richtte zijn promotie-onderzoek vooral op de mondafwijking hairy leukoplakie, die min of meer specifiek is voor HlV-dragers. Het is een witte niet-afschraapbare afwijking op de tongrand, die er vlak, gerimpeld, of harig uit kan zien. Omdat deze hairy leukoplakie veel kan lijken op andere witte afwijkingen van de tong, ontwierp Schutte een beIllustratie trouwbare diagnostiek. Aad Meijer
39
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991
VU-Magazine | 500 Pagina's