VU Magazine 1991 - pagina 48
cultuur in de loop der tijden. En daar is het Grahame Clark dan ook om te doen.
menlijke normen en waarden gevormd worden." Deze conclusie klinkt idealistisch en werd dan ook met instemming rote vraag voor Clark was door Prins Bernhard geciteerd in en is nog steeds: hoe is de zijn lofrede - maar behoeft toch een mens als afstammeling van vraagteken. Het aanwijzen van norde aap geworden tot wat hij nu is. men en waarden als criterium voor Een antwoord daarop kan alleen onderscheid tussen mens en dier is worden gegeven door het op wereld- discutabel; ook in bijvoorbeeld een schaal toepassen van het prehisto- apengemeenschap of kippenren risch onderzoek dat na het baanbre- heersen normen die elk individu op kende werk van Clark new archeolo- straffe van uitsluiting of erger, dient te respecteren. En de invulling van gy is gaan heten. de waarden, die Clark er bij levert Er zijn sporen van een zeker ideaUszijn weliswaar menselijk, maar allerme in het mensbeeld dat de hoogminst hoogstaand. bejaarde Brit er op nahoudt. En waarschijnlijk heeft dat ook bijgedragen aan zijn nominatie voor et proces van vermenselijdeze hoge onderscheiding. king is, volgens deze arAls onderzoeker van de vroegste cheoloog, gebaseerd op de mensen die 500.000 a 250.000 jaar ontwikkeling van verschillende trageleden rondliepen, stuitte hij van- dities. De mens wordt, anders dan zelfsprekend op defilosofische- al- het dier meer bepaald door de histothans niet-archeologische - vraag rie van zijn leefgemeenschap dan wat deze hominiden nu eigenlijk on- door zijn biologische funkties. Dat derscheidt van de primaten. Hij for- is ook de oorzaak van het ontstaan muleerde daarop als antwoord: "Wij van een grote verscheidenheid aan danken onze identiteit als menselijke menselijke culturen. Verscheidenwezens aan het feit dat wij, in tegen- heid en sociale ongelijkheid zijn de stelling tot de dieren, tot gemeen- sleutelfactoren, aldus Clark. Maar schappen behoren die door geza- als belangrijkste prikkels in dat pro-
G
H
46
ces ziet hij rivaliteit en naijver. Wel beschouwd vertoont Clarks mensbeeld zo grote overeenkomsten met die van de FransefilosoofRené Girard die eveneens jaloezie en rivaliteit als motor van de menselijke samenleving aanwijst. Daarmee in strijd echter lijkt Clarks tegelijkertijd geponeerde stelling, dat veel van de door hem opgegraven voorwerpen, met name die van meer kostbare materialen, niet dienden om tegemoet te komen aan materiële verlangens, maar om, via voorouderverering, politiek en religie, waardesystemen in stand te houden. Problematisch wat betreft de culturele verscheidenheid, is de huidige mondiale tendens tot gelijkschakefing en vervlakking daarvan. De mensheid stevent onmiskenbaar af op één grote uni-cultuur. De theorie van Clark biedt geen verklaring voor deze ontwikkeling. Sterker nog: ze is er mee in strijd. Want uit die tendens valt immers af te leiden, dat afname van de culturele diversiteit op wereldniveau het einde van de menselijke waardigheid zou inluiden. Keert de mens terug tot de primaten? De tijd zal het leren. D VU-MAGAZINE—JANUARI 1991
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991
VU-Magazine | 500 Pagina's