VU Magazine 1991 - pagina 86
speend - blijft echter opmerkelijk vitaal in historische beschouwingen, encyclopedieën, toneelstukken en literatuur.
A
Wassen modellen van zigeunerhoofden in het Rassenhygiënisch Instituut in Berlijn, in 1942.
ls in 1868 groepen Kaldarasch (ketellappers die, naar men veronderstelt, uit Hongarije afkomstig zijn) Nederland binnenkomen, worden ze onmiddellijk met de oude heidens geassocieerd en - onder invloed van de Duitse benaming - zigeuners genoemd. In de ogen van de rijksoverheid is een zigeuner een uit Hongarije of de Balkan afkomstige armlastige vreemdeling in exotische uitmonstering, die vagebonderend in familieverband in zijn onderhoud voorziet door schaamteloos brutaal te parasiteren op de weerloze plattelandsbevolking.
Het van overheidswege opgelegde stigma werkt niet op plaatselijk niveau, omdat men daar vaak met eigen ogen kan vaststellen dat het niet klopt. Het ministerie van Justitie wil niets Hever dan deze ongewenste vreemdelingen middels uitleiding lozen. Maar de bevoegdheid daartoe ligt bij het hoofd van de plaatselijke pohtie, meestal de burgemeester, en op dat niveau is er geen sprake van een dergelijke sterke aversie tegen zigeuners. Men vergaapt zich er aan de kleurrijke, niet onbemiddelde vreemdelingen, betaalt zelfs entreegeld om hun tentenkamp te mogen bezoeken en doet zijn voordeel met hun vakmanschap dat alom bewondering afdwingt. Het van overheidswege opgelegde stigma werkt niet op plaatselijk niveau, omdat men daar vaak met eigen ogen kan vaststellen dat het niet klopt. Pogingen van het ministerie om de lagere overheid middels circulaires binnen het gareel van een restrictief beleid te dwingen, leiden vooralsnog tot niets. De meeste burgemeesters blijven desgevraagd reispassen en vergunningen afgeven en schromen ook niet om die houding 32
tegenover Den Haag te beargumenteren. Tegelijk met de Kaldarasch verschijnen er in 1868 in Nederland Ursari, Bosnische bereleiders, die echter door de rijksoverheid niet meteen geëtiketteerd worden als zigeuners. Want anders dan de Kaldarasch trekken zij individueel of hooguit in gezinsverband en slapen ze in de open lucht, bij boeren of in volkslogementen.
hele land; zij gedragen zich volgens hem immers het meest kwalijk als ze in een grote groep verkeren. Kuyper: "Brengt men de booze broedstof die ze in zich dragen, op enkele punten bijeen, dan slaat de vlam van het kwaad laaie uit; isoleert men
I
n het begin van deze eeuw duikt er weer een nieuwe categorie in de stukken op: de zogeheten Lowara, uitheemse paardenhandelaren die in woonwagens reizen, maar die in tegenstelling tot de Kaldarasch uit Duitsland, Scandinavië en Frankrijk komen in plaats van uit Hongarije. De autoriteiten noemen hen daarom voorlopig 'zogenaamde zigeuners'. Aanvankelijk wordt deze paardenhandelaren minder in de weg gelegd dan de Kaldarasch. Maar later probeert de minister van Justitie ook voor hen de grenzen te sluiten en doet Binnenlandse Zaken een geheime circulaire uitgaan waarin de burgemeesters van grensgemeenten op het hart wordt gedrukt om onder geen beding reis- en verblijfpassen aan zigeuners of zogenaamde zigeuners af te geven. Dat betekent dat voor zigeuners de Vreemdelingenwet van 1849 buiten werking wordt gesteld. Maar ook ditmaal heeft bidden noch dreigen effect. De burgemeesters gaan gewoon door met het uitgeven van documenten en zelfs van binnenlandse paspoorten. Ook de Lowara vinden hun draai, omdat zij op het platteland in een behoefte voorzien.
hen, dan stikt het vuur onder zijn asch."
H
et overheidsbeleid jegens zigeuners verscherpt zich tijdens en na de Eerste Wereldoorlog. Naast de veranderende beeldvorming is daarop de toenemende bemoeienis van de marechaussee met de grensbewaking en het vreemdelingentoezicht van inIs de beeldvorming over zigeuners vloed. Bovendien geeft de ongerusttussen 1860 en 1900 nog tweeslach- heid over het sterk groeiende aantal tig te noemen, in de twintigste eeuw autochtone woonwagenbewoners wordt ze steeds negatiever. In 1907 voeding aan het besef dat het overpubliceert de grote man van de klei- heidsbeleid op dit gebied veel resne luyden. Abraham Kuyper, zijn trictiever moet worden. veel gelezen 'Om de oude wereld- Als in 1928 de reeds genoemde kolozee', een lijvig reisverslag met behal- nel Van der Minne tot de ontdekve een uitgesproken antisemitisch king komt dat niet alleen de aanook een fel antigipsistisch hoofd- vankelijk nog als zogenaamde zistuk. Daarin worden voor het eerst geuners aangeduide Lowara, maar in Nederland alle veronderstelde ne- ook een vierde groep buitenlandse gatieve kenmerken van zigeuners woonwagenfamilies, de Sinti, over toegeschreven aan hun "eigen ras". een vrij sterke verblijfsrechtelijke Kuyper ziet maar één oplossing: het positie beschikken, verliest het ziverspreiden van zigeuners door het geunerbeleid definitief zijn ad hocVU-MAGAZiNE—FEBRUARI 1991
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991
VU-Magazine | 500 Pagina's