Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1991 - pagina 151

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1991 - pagina 151

5 minuten leestijd

het tafeltje kunt leggen, maar het 'kastje' zelf neemt toch een relatief bescheiden plaats in. Er zit zelfs een houten deurtje voor het beeldscherm. Vergelijk dat eens met tegenwoordig. Aan het eind van de tv-afdeling staat een puur ongezeUig poppenhuis met allerlei lelijke beeldschermen. En even verderop is een ruimte waarin alle hedendaagse tv-apparatuur is opgesteld: een zwart toestel, een zwarte videorecorder, zwarte luidsprekerboxen en een zwart apparaat voor cd-beeldplaat, waarmee je de zanggroep BZN kunt beluisteren en bekijken. Dan üever terug naar de dagen van Barend de Beer, Pipo de Clown en Dorus! Of voor volwassenen: de Saint en Hoepla. Van al die gedenkwaardige programma's zijn foto's te zien. Was de de tv toen beter dan nu, vraag je je af, of zijn onze eisen sinds de kinderjaren veranderd en zouden we Swiebertje nu ook niet leuk meer vinden? Hoe dan ook, de rekken waarin de foto's hangen geven een goed overzicht van de ontwikkehng van de tv-programma's. Ze laten ook de eerste sportverslaggevers zien en de omroepsters (KRO's tante Hannie, zwaaiend naar de kijkers). En natuurlijk de eerste grote geldinzamelingsactie: 'Open het Dorp'. Een schok der herkenning brengen zes grote kleurenfoto's teweeg. Fruitschalen, kamerplanten, een blondine in tennistenue en een brunette in een zwarte trui en blauwe shawl met naast haar een bos rozen. Wat zijn dat ook alweer voor foto's? Het waren testdia's die in 1967 werden gebruikt bij de invoering van kleuren-tv. Je keek er vroeger naar door de winkelruit van de radio- en tv-winkel.

G

enoeg gezwijmeld! Want er valt ook heel wat techniek te bewonderen in deze ietwat volgepropte voormaUge anp-villa. Bijvoorbeeld de Nipkowschijf. Dat is niet alleen een onderscheiding die jaarlijks wordt uitgereikt aan VPRO-programmamakers, maar in eerste instantie een in 1884 door de Duitse student Paul Nipkow gedane uitvinding die het onstaan van de tv mogelijk maakte. Hoe het ding werkt, valt moeilijk precies uit te leggen. Wie er het fijne VU-MAGAZINE—APRIL 1991

van wil weten, moet echt zelf naar dit museum, waar een suppoost het graag voor u demonstreert. Neem vast aan dat het een ronde schijf is, waarin - in een spiraalvormige lijn gaatjes zijn aangebracht. Breng die schijf tot draaien en projecteer er een beeld op, dan wordt dat beeld ontleed tot punten die in een lijn liggen en die door een fotocel worden omgezet in een electrisch signaal. Aan de kant van de ontvanger gebeurt het omgekeerde en dankzij de traagheid van ons oog nemen we de snelbewegende flikkerende punt waar als een beeld. De bakermat van de Nederlandse televisie ligt niet in Hilversum, maar in Eindhoven. Daar begon Freek Kerkhof in 1927 te experimenteren met de Nipkowschijf. In 1935 startte hij wekelijkse uitzendingen die tot in Almelo werden opgevangen. De programma's waren eenvoudig: huiskamerscènes, waarin mevrouw Kerkhof de hoofdrol speelde. Met behulp van een blaadje, de Televisiekoerier, leerden haar fans zelf een televisietoestel in elkaar knutselen. Natuurlijk nam Philips deze pioneer in dienst. Het Eindhovens concern richtte ook de eerste omroep op, de PET (Phihps Experimentele Televisie). In 1938 gaf men in de Jaarbeurshallen een demonstratie van de mogelijkheden van het nieuwe medium. Ongeveer 35.000 mensen stroomden toe om Wim Kan en Corry Vonk voor de camera en op de buis te zien.

E

en verdieping hoger wordt het verhaal van de radio verteld. Net als beneden, wisselen ook hier nostalgie en techniek elkaar af. Je kunt er de kwaliteit van verschillende buizen beluisteren, maar ook oude hoorspelen, met Ome Keesje of de familie Doorsnee. De begeleidende teksten op deze verdieping zijn soms wat vreemd, alsof men de onder radioreporters gehefde telegramstijl wil parodiëren: "Willem van Capellen (VARA) en Kommer Kleijn (AVRO) al vóór oorlog bekende regisseurs. Na oorlog voor alle omroepen samen 35 acteurs in dienst van hoorspelkern. O Van niemendalletjes tot meesterwerken. Veel vertaalde stukken. Nederlandse schrijvers aangemoedigd." Zinnen vaak geen werkwoord. Heerlijk ouderwets is het woord

'luistervink' dat je hier en daar tegenkomt. Maar andere woorden zijn nog ouderwetser. De VARA reageerde in de jaren twintig op een campagne van de AVRO met de leus: "Luistervinken, laat je niet vangen door het grootkapitaal!" Hiermee zijn we aangeland bij het beschamende hoofdstuk van de Nederlandse verzuiling en de uitwerking op het omroepbestel. ledere omroep had voor de oorlog zijn eigen radiobouwpakket. En niet alleen dat. Een vitrine met promotieartikelen roept vragen op over het wezenlijke verschil tussen een KROlepeltje, een VARA-troffeltje en een NCRV-horloge. Echt anders ziet het materiaal van de radiopiraten als Veronica uit de jaren zestig er pas uit. Felgekleurde stickers, buttons en T-shirts. Het was een andere tijd natuurlijk, maar niettemin. Op de benedenverdieping zie je hoe aantrekkelijk het promotiemateriaal van de in de jaren zestig opgerichte Tros eigenlijk was.

A

ls reactie op de radiopiraten kwam er een Hilversum 3, met deejee's en jingle's. Op de tv gingen spelletjes en quizzen een belangrijke rol spelen. Kritici spraken van vertrossing. In dit museum krijg je sterk de indruk dat die niet zozeer werd veroorzaakt door de komst van de Tros en Veronica, maar door de oude omroepverenigingen zelf: de mufheid, de starheid, het gebrek aan vaardigheid om adequaat in te spelen op nieuwe behoeften. Vooral aan buitenlanders is het erg moeilijk om uit te leggen hoe het Nederlands omroepbestel in elkaar zit. Het museum heeft het gevisualiseerd met een zestal op een rij gezette halve zuiltjes. Even verderop - we zijn dan twintig jaar verder - zijn het er zelfs acht. Er bovenop staan tv-toestellen, waarop promotiefilmpjes van de belangrijkste omroepen te zien zijn. Ieder zijn eigen filmpje. Wat de toekomst biedt, meldt het museum niet. D Nederlands Omroepmuseum, Melkpad 34, Hilversmn. Toegang: vrijwillige bijdrage. Geopend: op woensdag van 10.00 tot 17.00 uur en elke laatste zondag van de maand van 12.00 tot 17.00 uur. Op andere dagen alleen voor groepen, na reservering: tel. 035 773756. Tijdens schoolvakanties is het museum iedere dag open.

9

>K*i

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991

VU-Magazine | 500 Pagina's

VU Magazine 1991 - pagina 151

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991

VU-Magazine | 500 Pagina's