Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1991 - pagina 439

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1991 - pagina 439

3 minuten leestijd

Illustratie Aad Meijer

I

edereen weet ook dat Freud aanneemt dat de mens niet alleen een bewustzijn (Ego of Ich) heeft, maar ook een on-bewustzijn, het onbewuste (ld of Es). Het Ego volgt een reahteitsprincipe, het ld een lustprincipe. Menselijk gedrag is niets anders dan een compromis tussen de eigen aandriften en eisen van de samenleving. Hiervoor wordt wel het beeld van de ruiter gebruikt die zijn paard temt en berijdt. Freuds droomtheorie luidt dat tijdens de slaap onbewust materiaal bewust wil worden en de censor (het Ego) soepeler kan passeren. Omdat het onbewuste materiaal (latente inhoud) de dromer niet mag doen wakker schrikken, wordt het vermomd (manifeste inhoud). Het is dus niet zo gek, zegt De Jong, dat je het gevoel hebt dat de droom een verborgen inhoud heeft, waarvan je de betekenis niet kent. Vooral dromen die wat hun verhaal betreft vreemd afsteken bij de vertrouwde werkelijkheid, wekken bij het ontwaken verbazing en verontrusting op. Deze vreemde combinaties van personen, bizarre en onwaarschijnlijke handelingen, niet met de werkelijkheid overeenstemmende tijden en plaatsen, zijn vervormingen van de verborgen inhoud van dromen. De manier om achter de betekenis van de droom te komen, 'de koninklijke weg naar het onbewuste', voert VU-MAGAZINE—NOVEMBER 1991

volgens Freud via de weg van de vrije associatie. De patiënt ontspant zich en richt zijn aandacht op brokstukken uit de droom. De gedachten, herinneringen en gevoelens die deze brokjes droom bij hem oproepen, zuhen uitkomen bij de verborgen of verdrongen wensen die aanleiding voor de droom vormden. Deze methode werd echter heel wat minder koninklijk gevonden door zijn critici, die Freud verweten dat de methode van de vrije associatie niet toetsbaar is, en dat die slechts leidt naar de neurosen van Freuds patiënten, en niet naar de betekenis van de droom. Jung verschilde op twee punten belangrijk van mening met Freud: hij erkende het mechanisme van de verdringing, maar hij vond dat niet altijd seksuele motieven de oorzaak zijn van verdringing. Sociale aanpassing bleek bij Jungs patiënten vaak van groter belang te zijn als veroorzaker van neurosen. Ten tweede heeft de droom in Jungs ogen niet alleen een oorzakelijke betekenis, maar ook een doelmatige. Maar wat moet de droom bewerksteüigen?

V

olgens Jung is de psyche een zelfregulerend systeem dat altijd zoekt naar evenwicht. Wie overdag een luchtige optimist is

zal in zijn dromen gewaarschuwd worden dat het leven niet enkel rozegeur en maneschijn is, geeft Mels De Jong als voorbeeld. Depressieve mensen hebben volgens Jung vrolijke dromen. Dromen van psychisch gezonde mensen tonen aan, dat er bij hen tussen het bewuste en het onbewuste een continue relatie bestaat, dat wil zeggen dat er van dezelfde thema's gedroomd zal worden als waarover overdag nagedacht wordt. Ook de emoties zullen overeenkomen, behalve wat intensiteit betreft. De Jong zet één moderne methode om dromen te analyseren uitgebreid uiteen in zijn boek: de methode van de "objectieve" Hall. HaU is een aanhanger van de continuïteitshypothese in de droomtheorie. Deze hypothese houdt in, dat er een continuïteit zal bestaan tussen ons handelen overdag en de inhoud van onze dromen. Wie zichzelf al redelijk kent, zal door een inhoudsanalyse van zijn dromen dus niet voor veel verrassingen komen te staan. Wie zichzelf beter wil leren kennen, en daarvoor over heeft om minstens drie maanden lang de wekker wat vroeger te zetten om zijn dromen te kunnen optekenen, verwijst De Jong naar The individual and his dreams, geschreven door CS. Hall en V.J. Nordby(1972).D 33

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991

VU-Magazine | 500 Pagina's

VU Magazine 1991 - pagina 439

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991

VU-Magazine | 500 Pagina's