Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1991 - pagina 369

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1991 - pagina 369

5 minuten leestijd

wetenschapper geneigd was nieuwe, radicale ideeën te aanvaarden - uitgedrukt in een getal tussen de 1 en de 100. "Ik noem het een radicalisme-index", zegt hij. "Uiteindelijk wil ik een lijst maken waarin je van elke belangrijke wetenschapper sinds de middeleeuwen kunt opzoeken waar het SuUoway-model hem plaatst qua radicaliteit. Een soort naslagwerk."

E

n wie moet, op basis van de voorspellingen van het model, tot potentieel meest radicale wetenschapper aller tijden worden uitgeroepen? Sulloway: "Karl Marx scoort in elk geval heel hoog, hij komt over de hele hnie hoger dan 90 uit. T.H. Huxley, Darwins supporter, komt op 99 procent, Niels Bohr op 98. Voor Einstein hgt het wat lager." Waar Sulloway tevreden aan toevoegt dat Einstein weliswaar de relativiteitstheorie ontwierp en de quantummechanica steunde, maar het indeterminisme (de stelling dat sommige natuurkundige gebeurtenissen louter afhankelijk zijn van het toeval) verwierp. "God dobbelt niet", zei Einstein daarover; naar nu wordt aangenomen ten onrechte. Wat moeten we nu met die bevindingen? Dienen eerstgeborenen gewantrouwd te worden wanneer zij de staf breken over een nieuwe theorie, al prijkt er een Nobelprijs op hun schoorsteenmantel? En verdient een nakomertje met een vermetele theorie over de kosmos een vorstelijke subsidie, alleen omdat hij toevallig een paar oudere broers had? Dat in elk geval niet. Immers, een gereserveerde houding is lang niet altijd slecht, sterker nog, wie in de wetenschap al te snel conclusies trekt kan ook flink zijn vingers branden. Zowel in de kwestie 'koude kernfusie' als in de zaak-Buck lachten de sceptici het laatst- en het best. Revolutionaire claims zijn lang niet altijd echte doorbraken. Dat neemt niet weg dat Sulloway overtuigd is van de bruikbaarheid van zijn model. "Er zijn in de geschiedenis nogal wat commissies van experts gevormd die de waarde van een doorbraak moesten onderzoeken. Daarin zijn eerstgeborenen en politiek conservatieven vrijwel altijd in de meerderheid. Veel zestigjarige, eerstgeboren Reagan-stemmers, als

VU-MAGAZINE—OKTOBER 1991

het ware, en weinig vijfendertigjarige, vrouwelijke marxisten. Daardoor zijn ze altijd geneigd tegen het nieuwe te kiezen. Met mijn model zou je het meer in evenwicht kunnen brengen." "Natuurlijk, het wordt een beetje '1984'-achtig, maar stel je voor dat je voor iedere wetenschapper zo'n radicahsme-index uitrekent, op grond van geboorterangnummer etcetera. Dan zou je, als je een commissie samenstelt, kunnen zorgen dat het gemiddelde op ongeveer 50 uitkomt."

W

ie zulke revolutionaire voorstellen doet kan zelf natuurlijk ook rekenen op kritiek, en die heeft Sulloway inderdaad volop over zich heen gekregen. "Amusante gegevens, maar niet erg relevant", luidt de meest gangbare kritiek. Hij is daarvan niet onder de indruk. Zelf mag hij ook graag stevig uithalen - naar wetenschapsfilosofen en wetenschapshistorici met khnkende namen bijvoorbeeld. Hij noemt ze graag 'historisch-impressionisten' omdat ze zich volgens hem baseren op globale indrukken en hun filosofieën zelden van exacte gegevens vergezeld doen gaan.

Zo ziet Sulloway zichzelf graag: als een van de weinige echte empirici in zijn vak, een getallenverzamelaar tussen collega's die wel hypotheses formuleren maar ze nooit testen. Zelf zet hij zijn onderzoek stug door. Hij heeft eens wat gekeken naar de gezinssamenstelling bij voor- en tegenstanders van de Reformatie, en wat dacht u? Inderdaad. Bij de Amerikaanse en Franse revoluties was het al niet anders. Sulloway geeft overigens toe zelf ook niet alle regelen der kunst in

ii^ Zou maar een^ ¥at minder radicaal doen,a]$ il*, jou iva-p

acht te nemen: hij heeft zijn model Zo heeft hij iets tegen de werkwijze bijvoorbeeld nog niet gepubliceerd van Thomas Kuhn, die in 'De struc- in een vaktijdschrift. Collega's hebtuur van wetenschappelijke revoluties'ben het dus nooit kritisch tegen het het fenomeen van de wetenschappe- licht kunnen houden. Het gerenomlijke omwenteling beschreef. Sullo- meerde blad Science wees zijn artiway: "Kuhn beschrijft de paradig- kel af, omdat het onvoldoende kwamacrisis die aan elke revolutie voor- liteit zou hebben. "Waarschijnlijk afgaat, een periode waarin alles op een paar conservatieve eerstgeborede helling gaat, zodat zelfs conserva- nen in de redactie", monkelt Sullotieve wetenschappers de gelegenheid way. "Bij Nature wilden ze het wel hebben overstag te gaan. Er is een plaatsen, maar als kort stuk. Ze zeihoop discussie geweest over de den dat het te controversieel was vraag of zo'n crisis echt bestaat. voor een lang stuk." Nu kondigt hij Maar er zijn geen gegevens over! aan binnenkort met een stuk in Kuhn geeft vier voorbeeldjes die American Scientist te komen. Boaardig overeenstemmen met zijn vendien heeft hij zich aan het schrijmodel, and that's it\ Om zo'n theorie ven van een boek gezet. En aante toetsen zou je toch honderd voor- gezien hij zijn eigen theorie als bebeelden moeten hebben! Of op z'n hoorlijk controversieel bestempelt, minst dertig." weet hij al wie het hardst moord en brand zullen schreeuwen: de eerste wetenschapsfilosofie geborenen. f heeft ons opgezadeld Zo is de cirkel rond. "Mijn theorie met 5487 claims en theo- bevestigt zichzelf', zucht de wetenrieën, maar laat systematisch na ze schapshistoricus. "Met mijn eigen te toetsen. Ik vind dat onweten- model kan ik voorspellen wie mijn schappelijk. Het wordt tijd om het tegenstanders zullen zijn."D eens empirisch aan te pakken."

'D:

7

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991

VU-Magazine | 500 Pagina's

VU Magazine 1991 - pagina 369

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991

VU-Magazine | 500 Pagina's