VU Magazine 1991 - pagina 435
Mijd de vilder!
E
en herberg aan de weg naar Groesbeek. De aanwezigen zijn leden van de Nijmeegse vereniging van antropologiestudenten die genoemd is naar de Azteekse god Quetzalcoat, oftewel Gevederde Slang. Ook is er veel onbekend volk komen aanlopen. De kleding is bont. De vrouwen bestellen thee, de mannen denken dat ze maar gelijk aan het bier gaan. Langzaam trekken de aanwezigen naar de grote, donkerbruine achterzaal, waar professor Anton Blok zijn lezing houdt. Achterin staat de antieke schouw waarop de naam van de gelegenheid wordt onthuld: Groenewoud. Voorin hangen opgepoetste koperen bakblikken aan de muur. Daarvoor zit de spreker. Kort haar, grijs aan de slapen, een grijs snorretje, een rechte neus en kleine ogen. Hij draagt een goudkleurig fluwelen jasje op een zwart overhemd, een zwarte broek en zwarte schoenen. Hij is gepromoveerd op de maffia. Enkele jaren geleden vertrok hij uit Nijmegen naar de Universiteit van Amsterdam, maar men is hem hier nog niet vergeten. Om mij heen lijkt iedereen tot de organisatie te behoren. Wat een opkomst, roept men elkaar toe. En: wie maakt er aantekeningen? Zo'n sfeer. Wat kan er dan nog fout gaan? De herbergier loopt de zaal door om de ramen open te zetten. Zachte geluiden waaien naar binnen, het grint knerst onder de voeten van de laatkomers. Weinig, natuurlijk. De spreker praat op een rustige, soms bedachtzame manier. Uit het hoofd, aan de hand van punten. Als hij een vraag stelt, is hij daarna een flinke poos stil. Moet hij zelf nog over het antwoord nadenken, of wil hij de zaal daartoe de kans geven? Stilte.
ren honderden mensen bij aangesloten en de bende was tientallen jaren actief. Waarom hebben de historici dit onderwerp altijd verwaarloosd? Volgens Blok omdat de aandacht tezeer uitsluitend gericht is op Holland en omdat de vreedzaamheid van ons volk altijd benadrukt wordt. De bokkerijders passen niet in dat plaatje. Lokale historici hebben zich er wel mee bezig gehouden, maar vreemd genoeg ontbreken in hun werk de achternamen van de bokkerijders. Volgens de lokale geschiedschrijving waren de bokkerijders meestal vreemdelingen, mensen van buiten de streek, bijvoorbeeld afgedankte soldaten. Blok ging de archieven in - op dit punt keek hij de zaal indringend aan, maar geen van de antropologen zei: bah, archieven - om uit de toenmalige processtukken een beeld af te leiden van de biografie van de individuele bokkerijders. Conclusie: het waren geen vreemdelingen, maar mensen die in de streek geboren waren of er allang woonden. Velen hadden zelfs een bijnaam, een detail waar antropologen scherper op letten dan historici en dat op een binding duidt.
V
an beroep waren ze heel vaak vilder. Ze kwamen overal aan huis als ze dode en zieke dieren moesten opruimen, kenden elkaar goed en wekten geen argwaan als ze 's nachts met een zak
Sprekers op hun rug over de weg gingen. Tijdens de oorlogen van de zestiende en zeventiende eeuw was er veel werk voor hen, maar sinds de vrede waren ze economisch in de problemen geraakt. Er waren te weinig dode dieren en omscholen konden ze zich niet, want daarvoor was deze beroepsgroep te geïsoleerd. Men mijdt de vilder. Helaas wil de spreker tot slot ook nog wat opmerken over de betrouwbaarheid van zijn methode. Dat de getuigenissen in de processtukken afgedwongen waren, zodat je er op een speciale manier naar moet kijken. Dat het voor de onderzoeker belangrijk is als mensen iets zeggen wat ze niet van plan waren. En dat wat ze niet zeggen ook belangrijk is. Niets nieuws dus en in een uitgewerkte vorm te taai voor het slot van een lezing. Maar de stemming wordt er niet door gebroken. Na afloop blijven de vrouwen nog even zitten. De mannen gaan definitief aan het bier. D
Door Johan de Koning
D
e lezing gaat over een historisch onderwerp: de bokkerijders, een bende die in de achttiende eeuw boerderijen, kerken en pastorieën plunderde in het gebied dat toen Over-Maas werd genoemd en nu Zuid-Limburg. Er waVU-MAGAZINE—APRIL 1991
Kopergravure van massale lerchtstelling van de bokkerijders.
29
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991
VU-Magazine | 500 Pagina's