VU Magazine 1991 - pagina 242
je zeggen vrouwen wel van enige gespierdheid te houden, maar het mannelijke ideaalbeeld gaat veel verder. Zoals bekend is spierontwikkeling een wijdverbreide hobby van jonge Amerikaanse mannen, onder andere gepersifleerd door de auteur Tom Wolfe in 'The Bonfire of the Vanities'. Wie weet is het heffen van gewichten het mannelijke equivalent van het vasten bij sommige vrouwen. Alleen ga je niet dood van bodybuilding.
jes en vrouwen aangetast wordt. Het feit dat zij een gelijkwaardiger positie verwerven in vergelijking met die van de man, stimuleert het opsporen en benadrukken van zogenaamde zwakheden in het vrouwelijk gestel. Zij beschrijft een parallelle ontwikkeling in de negentiende eeuw toen vrouwen deelname aan onderwijs eisten en medici en ethici gelijktijdig waarschuwden voor de schadelijke invloed van een intellectuele ontwikkeling.
De maatschappelijke pressie op vrouwen om aan een norm te voldoen, maar ook de stelling dat anorexia steeds meer voorkomt, worden onderuit gehaald door Sonja van 't Hof in haar artikel 'De toename van anorexia; wel bewezen, niet verklaard'. Zij stelt dat een vermeende toename van anorexia vaak eenvoudig verklaard kan worden. Zo is de groei van anorectische patiënten in Engeland in de jaren dertig te wijten aan een toename van het aantal jonge vrouwen. De stijging is soms ook verklaarbaar uit een verandering van de opname-criteria of het ontstaan van een behandelingsmogelijkheid in een kliniek. Volgens Van 't Hof wordt de toenemende deelname van vrouwen en meisjes aan het onderwijs en beroepsleven als maatschappelijk bedreigend gezien. Als gevolg daarvan vragen deskundigen aandacht voor het feit dat de gezondheid van meis-
eskundigen, onder wie ook Weeda-Mannak, kunnen dus niet met zekerheid zeggen of er sprake is van een epidemie. Dat maakt de ziekte op zich niet minder ernstig. Anorexia en bulimia blijven vooralsnog mysterieuze ziektes, waarvoor de ideale behandeling nog niet ontdekt is. Wel is duidelijk dat de behandeling multidisciplinair moet zijn, aldus Weeda-Mannak. Omdat de eetproblemen een symptoom zijn van psychische problemen ben je er niet met het corrigeren van het gewicht en het eetpatroon. Het Poliklinisch Centrum voor Anorexia en Bulimia Nervosa van het Academisch Ziekenhuis van de Vrije Universiteit in Amsterdam, biedt in Nederland een dergelijke behandeUng waarbij verschillende disciplines betrokken zijn. Een succesvolle therapie blijkt namelijk vooral maatwerk. Zowel een internist en een kinderarts als een gynae-
D
Een gewoon mensenleven In het autobiografische 'Het perpetuum mobile van de liefde' vertelt Renate Dorrestein over de behoefte aan controle bij haar anorectische zusje, die uiteindelijk zelfmoord pleegde. "Wat troffen Mare en ik, die de dag voor de begrafenis gezamenlijk haar (Renate's zusje, A.S) kamer opruimden, behalve mijn vermelde geluksbeeldje nog meer aan? We vonden wat ze zelf altijd had genoemd; mijn planning. Q Nu zag ik deze planning voor het eerst met eigen ogen. Hij besloeg dozijnen en dozijnen pagina's van een groot kasboek. Van maandag tot en met zondag had mijn zusje erin vastgelegd hoe elke minuut van haar leven doorgebracht diende te worden. Onder 'wakker worden' had ze geschreven; 'Meteen benen over de rand van het bed. Niet roken. Opstaan. Ochtendjas pakken. Niet proberen of ceintuur gaatje strakker kan dan gisteren.'() Van de vroege ochtend tot de late avond, zeven dagen per week, hield mijn zusje een boekhouding bij van haar verlangen en haar onvermogen een gewoon mensenleven te leiden. 'Bepalen wat ik zelf wil'. 'Meer lichaamsbeweging.' 'Niet vaker dan een keer per dag laxeren.' (pag. 48/49). D
12
coloog en een diëtist houden zich met de patiënten bezig. Jaarlijks melden zich vele patiënten voor een behandeling. Daarvan kunnen er ongeveer zestig opgenomen worden. De behandeling neemt gemiddeld een half jaar tot anderhalf jaar in beslag. Daarnaast heeft ook de Ursula-kliniek in Wassenaar een behandelingscentrum voor anorectische en bulimische patiënten. Verder komen de patiënten vaak terecht bij RIAGGS of algemene ziekenhuizen. Hoewel anorexia en bulimia veel overeenkomsten vertonen, is overigens niet duidelijk of ze dezelfde oorzaak hebben. Wel wordt gezegd dat anorectische patiënten later vaak bulimia ontwikkelen. Volgens Weeda-Mannak wordt die conclusie meestal gebaseerd op uitspraken van de patiënt zelf. Zo is het heel normaal om twee boterhammen te eten, maar een anorectische patiënt kan zo'n maaltijd wel als een 'eetaanval' omschrijven.
H
et verband tussen de hedendaagse slankheidsobsessie en anorexia en bulimia is nog niet aangetoond. De bulimische en anorectische meisjes die in het VPRO-magazine 'Onrust' van 21 april werden geïnterviewd geloofden daar niet zo in. Niet de wens 'mooi slank' te zijn veroorzaakt hongeren, maar onzekerheid en de wens eens iets écht goed te kunnen. Volgens Weeda-Mannak draagt het slankheidsideaal wél bij tot het in stand houden van een verwrongen beeld van het eigen lichaam. Of anorexia en bulimia een serieuze bedreiging vormen voor heel véél meisjes en jonge vrouwen blijft dus onduidelijk. Daarom kreeg het Poliklinisch Centrum waar WeedaMannak werkzaam is, onlangs geld van WVC om hier eens onderzoek naar te doen. Zo blijkt onder meer dat anorectische patiënten in het beginstadium van hun ziekte vaak met behulp van gesprekken hun vermageringsdrang onder controle kunnen krijgen. Het aankweken van een reëler besef van het eigen lichaamsgewicht en voorlichting over de schade die zij zichzelf toebrengen, blijken in die vroege fase voldoende te zijn.D
VU-MAGAZINE—JUNI 1991
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991
VU-Magazine | 500 Pagina's