VU Magazine 1991 - pagina 102
niet bij. Maar hun positie is zeker. Dat is een groot verschil met bijvoorbeeld hun Amerikaanse collega's. Die moeten in de eerste jaren van hun carrière het ene onderzoeksvoorstel na het andere schrijven om weer een nieuw tijdelijk baantje te verwerven. De concurrentiestrijd om een aanstelling, waarin vooral het aantal vakpublicaties telt, ontbreekt op Russische instituten. De jonge Russen kunnen ongestoord hun gang gaan.
Brain-drain bedreigt de Sovjet-wetenschap
D
e organisatie van het onderzoek stamt uit de tijd van Peter de Grote, die naar Pruisisch voorbeeld een Academie van Wetenschap stichtte. De Academie beheert een groot aantal onafhankelijke onderzoeksinstituten, die los staan van universiteiten en onderwijsverplichtingen, met als enig doel: onderzoek doen. Alleen de Academie heeft zeggenschap over de instituten. Deze structuren, die in het Westen allang het veld hebben geruimd, hebben de Russische Revolutie ongewijzigd overleefd. De centrale leiding van de Academie paste goed in de algehele centralisatie. Als ivoren toren van wetenschap, afgeschermd van invloeden van buiten, zijn ze blijven voortbestaan.
Langzaam gaat de deur van het Westen open voor Russische onderzoekers. Zij maken indruk met hun grote theoretische kennis. Thuis, in hun gesloten wetenschappehjke bastions, experimenteren ze met democratie en externe beoordehng.
BRAM VERMEER
Hij is een nieuwe verschijning in onze laboratoria. De jonge Rus. Gebruik makend van de nieuwe reismogelijkheden gaat hij op toernee langs Westerse instituten. Daar wekt hij verbazing met zijn grondig theoretisch inzicht. Ingewikkelde berekeningen schudt de bezoeker uit zijn mouw met een vaardigheid die doet denken aan de tijd dat we nog geen computers hadden. In gebroken Engels informeert hij naar de laatste experimentele foeijes en laat hij zich voorhchten over het gebruik van computers. Want theoretisch mag VU-MAGAZINE—MAART 1991
hij dan op eenzame hoogte staan, zijn experimenten zijn bij gebrek aan middelen sterk verouderd. Wetenschappers in de Sovjetunie werken afgezonderd in geïsoleerde onderzoeksinstituten, waar ze zich volledig kunnen wijden aan hun onderzoek, zonder de beslommeringen van onderwijs en fondswerving. Al vóór Russische studenten zich inschrijven aan de universiteit, kiezen ze voor een specialisatie, en daarmee voor een instituut waar ze later zullen werken. Ze zullen daar hun hele leven blijven, want veranderen is er VU-MAGAZINE—MAART 1991
Het Lebedev Instituut in Moskou is zo'n insteUing en een van de belangrijkste natuurkundige laboratoria ter wereld. Achter de neo-klassieke fa9ade met Dorische zuilen gaat een rommehge mengeling van gebouwtjes schuil. Het is uit zijn voegen gebarsten, maar het budget hield daarmee geen gelijke tred. Bij gebrek aan apparatuur groeit vooral de theoretische afdeling. De wetenschappers wijden zich daar aan het noeste handwerk. Als ware meesters goochelen ze met formules en getallen, arbeid die in het Westen vaak vervangen wordt door computersimulaties. De afdeling is - zoals ook elders volledig vorm gegeven door de leider, V.L. Ginzboerg. De seminaries van deze wetenschapper, die de 70 jaar ruim gepasseerd is, zijn befaamd. Elke woensdagmorgen bediscussiëren de leden van het instituut wat ze zojuist in de vakpers hebben gelezen. De grote aula is vaak te klein om de belangstellen-
den te herbergen. Hardop denkend. Foto Marco Bakker en elkaar ondervragend, ontwikke- "^H len de wetenschappers hun ideeën temidden van het pubhek. De bijeenkomst duurt vele uren. Deze seminaries vertellen iets over de bijzondere stijl van de Sovjet-wetenschap: de grote mannen in het midden geven zich bloot om hun denkbeelden te testen. Het doet slechts denken aan de jaren twintig in Leiden, toen Einstein, Lorentz, en Kamerhngh Onnes op de wekelijkse colloquia spraken over de omwenteling in de natuurkunde, die zij zelf bewerkstelligden.
Z
o mooi als dit wetenschappelijk paradijs lijkt, zo moeilijk is het om erin te leven. Een jonge Sovjet-onderzoeker komt onder de hoede van een wetenschapper, waarvan hij volledig afhankelijk is. Het hangt van hun persoonlijke relatie af of hij de rotklussen krijgt toegeschoven, of dat er ooit een professoraat in zicht komt. Dat laatste is wenselijk, want het salaris van een gewone wetenschapper is ongeveer zo hoog als de toelage van een student. De onderzoeker moet zich dan ook veel ontzeggen. Een huwelijk, met bijhorend tweede, vaak hogere salaris, is meestal de enige kans om het bed in een pension te verruilen voor een appartement. Velen ne-
Bij gebrek aan apparatuur groeit vooral de theoretische afdehng. De wetenschappers wijden zich daar aan het noeste handwerk. men dan ook hun toevlucht in een goedbetaald bijbaantje als wetenschappelijk vertaler. Maar of dat mag, hangt ook weer van de laboratoriumleiding af. Het is dan ook niet zonder bijbedoehngen dat Russen de Westerse laboratoria langsgaan. Velen willen hun carrière voortzetten in het Westen, waar ze graag gezien zijn en gemakkelijk een tijdelijke aanstelling krijgen. Men vreest dat deze brain-drain grote vormen zal aannemen. Nu al verlaten elke week tientallen wetenschappers het land. En het zijn niet 5
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991
VU-Magazine | 500 Pagina's