VU Magazine 1991 - pagina 387
laties helemaal niet vasthouden. Die lijden onder een gebrek aan liefde. En dat is een teken hoezeer wij ook van elkaar gescheiden zijn, hoe alles gespleten is zonder verbindende eenheid. Wij hebben dringend de individuatie nodig. De weg naar heelheid is enerzijds een innerlijk genezingsproces, een samenkomen van tegenstellingen in ons, maar aan de andere kant betekent deze weg ook een zich weer één voelen met de medemens." Tenslotte vertelt de Zwitserse analytica een droom van zichzelf die haar diep getroffen en ontroerd heeft. In die droom woedt er oorlog rond haar woning. Het is verschrikkelijk om de strijd tussen de vijandelijke machten te moeten aanzien. De lucht is verpest door gifgas. En Wertenschlag vlucht haar woning binnen om haar gezin bijeen te houden. IVIaar gelukkig blijkt er een uitweg. "Tegelijkertijd kwam een ander droombeeld op en dat bracht de verlossing. Daarin komt mijn vader terug uit het dodenrijk. Hij ziet eruit als een mooie, stralende, krachtige grijsaard. Zijn terugkeer betekent voor ons het hoogste geluk. Liefdevol strekken wij de armen naar elkaar uit en grijpen eikaars handen. Daarop legt hij mij uit dat er in de toestand van vernietiging die nu heerst maar één uitweg is. En dat is het echte gebed dat geen vaste vorm volgt. Ik weet dat hij de dialoog met het onbewuste bedoelt. Alleen op die wijze, zegt hij, kan men God ontmoeten en vragen hoe het nu verder moet. En dit gebed reikt ook tot in het dodenrijk. Zo heb je mij geroepen, vervolgt hij, en verlost. Daarom ben ik teruggekeerd."
E
en verrassend, ontroerend en troostrijk droomfragment dat behalve de persoonlijke betekenis ervan, ook de kern van de dieptepsychologie van Jung blootlegt. Temidden van het geweld dat onze wereld teistert, wijst Jung een weg om opnieuw in contact te treden met de krachten die schuilgaan in het innerlijk van ieder mens. Wertenschlag vergelijkt deze weg met de wijze waarop bij natuurvolkeren de sjamaan of mediVU-MAGAZINE—OKTOBER 1991
cijnman in noodsituaties met de vooroudergees- Puer. ten of met de goden spreekt. In haar droom f^ter Birkhauser wordt deze weg 'het echte gebed' genoemd. In dit gebed, dat geen vaste vorm volgt, is het onzeker in welke gestalte God aanwezig zal zijn, vreeswekkend of hulpbehoevend, menselijk of dierlijk, mannelijk of vrouwelijk. Daarom merkt Jung in een van zijn laatste brieven op: "Hier begint een andere, niet minder belangrijke weg, niet
Temidden van het geweld dat onze wereld teistert, wijst Jung een weg om opnieuw in contact te treden met de kracliten die schuilgaan in het innerlijk van ieder mens. de toegang tot het 'chnstendom', maar tot God zelf en dat schijnt de essentiële vraag te zijn."D Voor dit artikel is onder meer gebruik gemaakt van: 'Licht aus dem Dunkel: die IVIalerei von Peter Birkhauser, Birkhauser Verlag, Basel, Boston, Stuttgart, 1991 (1980); 'C.G. Jung's Rehabilitation der Gefühlsfunktion in unserer Zivilisation', Jungiana, Reihe A, Band 3.
25
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991
VU-Magazine | 500 Pagina's