VU Magazine 1991 - pagina 438
vorm van integratie, waardoor de droom niet blijft steken in een betekenisloze opeenvolging van losse beelden, maar een duidelijk verhalend karakter krijgt.
ren denken, krijgen hun dromen ook een minder concreet karakter.
S
schuldige kindertijd. Het schaamtegevoel geeft aan, dat het om een verdrongen impuls gaat. In perverse vorm leidt deze verdrongen impuls tot exhibitionisme. Een andere universele droom is de droom over de dood van een dierbare, bijvoorbeeld van je moeder, vader, broer of zus. Hoewel de dromer hevig verdriet kan voelen in zijn droom, is er toch sprake van een wens: een verdrongen wens uit de kindertijd. Het schuldgevoel geeft weer aan, dat het om een verdrongen impuls gaat. Dan is er de examendroom. Je droomt dat je zakt voor een examen. Deze droom treedt meestal op vlak voor een belangrijke prestatie in het dagelijkse leven. De angst die je voelt, heeft te maken met de dagresten die met de te leveren prestatie te maken hebben. Een examendroom kan ook betrekking hebben op de angst seksueel beproefd te worden. Vliegdromen en dromen waarin de dromer bang is dat hij valt, verklaart Freud uit de bewegingslust van het kind, vergelijkbaar met spelletjes als schommelen en wippen. Vliegdromen gaan vaak gepaard met plezier, en valdromen met angst.
igmund Freud is bij uitstek degeen die zich bezig heeft gehouden met de inhoud van n oktober is een uitgebreide dromen. Zoals iedereen weet, is elke studie van Hobson over slapen droom in zijn visie een wensdroom, en dromen in het Nederlands vaak van seksuele aard, maar lang vertaald. Hobson legt daarin precie- niet altijd. Wat niet iedereen weet, is zer uit wat de overeenkomsten en de dat het wenskarakter ook geldt voor verschillen zijn tussen hersenactivi- de angstdroom. Hierbij maakt teit overdag en hersenactiviteit tij- Freud een uitzondering voor de dens de REM-slaap. Ons vermogen traumatische droom, waarbij de tot kritisch en logisch denken staat dromer zeer angstige ervaringen optijdens het dromen op een laag pitje. nieuw beleeft. Daarentegen maakt ons vermogen Een categorie dromen die het wenstot fantaseren 's nachts een bloeipe- karakter van de droom het duideriode door. Vandaar dat we lijkst laten zien, zijn de zogenaamde 's nachts van die gekke verhalen ver- typische dromen, universele dromen zinnen, en zie daar de betekenis: ge- die iedereen wel eens gehad heeft. dachten die overdag niet door de Zo'n typische droom is de gênecensuur komen gaan 's nachts on- droom. De dromer bevindt zich gebreideld op hol. naakt of halfgekleed tussen geklede mensen in openbare ruimtes of op Tegenover, maar ook als aanvulling straat. De omstanders lijken onverop de theorieën van de neurofysiolo- schillig en reageren niet op de drogen stelt De Jong de theorieën van mer. Freud verklaart deze droom uit de psychologen. Psychiater en cog- de vroege kindertijd, toen je vaak nitief psycholoog David Foulkes on- (half) ontkleed was, zonder dat de derzocht in de jaren zestig kinder- omgeving daar veel aandacht aan dromen op cognitieve vaardigheden. schonk. De wensbetekenis is, dat de De resultaten van dit onderzoek dromer terugverlangt naar zijn onweerspreken de neuronale theorieën over dromen als bijprodukten van autonome fysiologische activaties in de sensorische systemen in de hersenen. De kinderdromen zouden een veel rijkere inhoud moeten hebben op grond van het feit dat de droDromen doen we niet alleen tijdens de REM-slaap. De Jong noemt mertjes overdag aanzienlijk gecomtwee uitzonderingen: de inslaapdroom (of hypnagoge ervaring) en het pHceerdere cognitieve taken vervuldromen tijdens de non-REM-periodes. Voor beide verschijnselen len. geldt, dat eigenlijk niet gesproken kan worden van dromen zoals in Wel is er overeenkomst tussen het een REM-periode, zowel wat de vorm, als de inhoud van de droom wakende voorstellingsvermogen van betreft. het kind en zijn droomvoorsteüinDe inslaapdroom treedt op, zoals de naam al aangeeft, op het mogen. Heel typerend is, dat kinderen ment van inslapen. Er zijn dan nog geen snelle, maar langzame, rolop drie- en vierjarige leeftijd, ais ze lende oogbewegingen. Inhoudelijk gezien, vertoont de inslaapdroom van levende wezens dromen, voorminder emotionaliteit en een minder uitgewerkte fantasie. Ook mist namelijk van dieren dromen, die de inslaapdroom de visuele continuïteit van de REM-droom. In staan voor de gezinsleden of de eiplaats daarvan is er eerder sprake van een aaneenschakeling van stilgen 'dierlijke' aandriften van het staande beelden. De Jong vergelijkt de inslaapdroom dan ook met kind. Als ze vijf of zes jaar zijn, zijn een dia-voorstelling, tegenover de REM-droom als filmvoorstelling. de dierfiguren voor een deel vervanHij zegt dat dit onderscheid overeenkomt met zijn eigen ervaring. gen door de gezinsleden. Bij zevenOok in de non-REM-slaapstadia is er mentale activiteit. Er is echter en achtjarigen is dit nog meer het minder emotionele betrokkenheid en er zijn minder visuele en motorigeval (met name bij jongens). Pas in sche gewaarwordingen dan tijdens REM-slaapperiodes. Het lijkt de leeftijd van negen tot twaalf jaar erop, dat tijdens de zogenaamde bewusteloze toestand van het slapen maken de gezinsleden plaats voor de psychische functies doorgaan. Tijdens non-REM vertoont de menleeftijdgenootjes, terwijl kinderen tale activiteit van de slaper overeenkomst met het denken in wakende toch al vanaf hun vierde naar school toestand, tijdens REM zijn bij de slaper vooral perceptuele of waargaan. In de leeftijd van dertien tot nemingsfuncties werkzaam. D vijftien jaar, als kinderen abstract le-
I
Dia-droom en film-droom
32
VU-MAGAZINE~NOVEMBER 1991
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991
VU-Magazine | 500 Pagina's