VU Magazine 1992 - pagina 168
ACHTERHAALD onzichtbaar fluïdum naar gebieden van oneindige speculatie werd gevoerd." Darnton beschrijft de achttiende eeuw als het tijdperk van het wetenschappelijk enthousiasme. De eerste baUonvluchten werden gemaakt en de mensen raakten buiten zinnen van verbazing; zomaar door de lucht zweven, hoe kon dat nou? Toen een ballon met enkele passagiers op een afgelegen landgoed neerkwam, vroegen enkele boeren: "Bent u mensen of bent u Goden?" De sluizen van de wetenschap waren wagenwijd opengezet en de mensen werden overspoeld met de meest onwaarschijnlijke vindingen. Toen een krant bij wijze van grap meldde dat een paar schoenen uitgevonden was waarmee j e over water kon lopen, geloofden veel mensen dat direct. Wie baUonvaarders door de lucht heeft zien zweven, verbaast zich nergens meer over. Wetenschap werd een kermisattractie. O o k onder de meer intellectueel gevormde Fransen steeg de belangstelling voor de wetenschap met sprongen en verdrong de belangstelling voor de letteren. Een dame schreef haar geliefde met het verzoek geen lichte poëzie meer te sturen, "want ik hou aUeen van gedichten wanneer ze zijn verlevendigd met wat fysica of metafysica." Occultisme
34 v u ,W\GAZINE APRIL 1 9 9 2
De conclusie ligt voor de hand: in zo'n opgewonden klimaat zien handige bedriegers hun kans schoon om het Hchtgelovige publiek het nodige geld uit de zak te kloppen. Maar voor de achttiende-eeuwers was het ook niet zo gemakkehjk o m vast te stellen wat wel of niet pseudo-wetenschap was. Beroemde geleerden ontdekten stoffen die niet met het blote oog waarneembaar waren. Waarom zou je dan niet een Weense arts geloven die beweerde dat er een ijl fluïdum door de atmosfeer stroomde? O o k bij wel beroemd gebleven geleerden als Isaac Newton streden w e tenschap en bijgeloof om de voorrang. Hij geloofde in alchemie en mocht graag filosoferen over mystieke Krachten en Invloeden die het universum beïnvloedden. Veel van zijn denkbeelden hadden een sterke
verwantschap met de theorie van het mesmerisch fluïdum. Andersom beschouwden velen de zwaartekracht als een vorm van occultisme. Zwaartekracht, die kon je toch ook niet zien? Als het zintuigHjk waarneembare niet meer automatisch leidt tot een verhelderend inzicht in de natuur, dan lijkt alles ineens mogelijk te worden. Wonderen schenen toch te bestaan. Wetenschap en magie waren geen tegenpolen maar, zo dachten velen, versterkten elkaar. Het rationele en het onverklaarbare wandelen innig gearmd de toekomst tegemoet. Mesmer en zijn aanhangers zagen zichzelf ook niet als een anti-wetenschappeHjke stroming. Hedendaagse alternatieve geneeswijzen vatten zichzelf vaak op als een kritiek op de 'reductionistische' (of wat voor andere adjectieven daarvoor gebruikt worden) •wetenschap. De m e smeristen zouden daar niets van moeten hebben. Voor hen waren de eigen theorieën hoogstwetenschappelijk en voUedig in overeenstemming met de geest van de Verlichting. Het idee van een fluïdum wordt tegenwoordig tot de achterhaalde w e tenschappelijke ideeën gerekend. Niettemin zijn Mesmers denkbeelden niet zonder gevolgen gebleven. Hij en zijn volgelingen zijn de eersten geweest die de hypnose als therapeutisch middel ingezet hebben. Zijn leerHngen zijn daar in de n e gentiende eeuw verder gegaan dan de meester zelf, met achterwegelaten van de theorie van het fluïdum. En op een gegeven moment b e zocht de veelbelovende, en al evenzeer uit W e n e n afkomstige arts Sigmund Freud in Parijs de colleges van de hoogleraar Charcot waarbij patiënten onder hypnose gebracht werden. Het staat vast dat die gebeurtenissen Freud diepgaand beïnvloed hebben, waarbij hij overigens uiteindelijk de hypnose als therapeutische techniek afwees ten gunste van het psycho-analytische gesprek. Genieën O p deze manier, als een grondlegger van de dieptepsychologie, beschrijft de filosoof Peter Sloterdijk de betekenis van Mesmer in zijn roman De Toverboom (Arbeiderspers, 1986). Daarin wordt Mesmers theorie van
een alles doordringend, onzichtbaar fluïdum bovendien op een meer allegorische wijze geïnterpreteerd. Het mesmeriaanse beven zou gezien moeten worden als het weerHchten van een nieuw soort vrijheid. "Het was een voorafbeelding van de eindeloze stromingen die de nieuwe tijd zal ontketenen - van de geweldige produktiekrachten die door de communicerende buizen van de markt omhoogstij gen, en van de beeldenvloed die vanuit de romans en pamfletten in onze voorsteUing springt." Wie dit een al te gezochte interpretatie vindt, kan bij Darnton lezen dat ook in meer praktische zin de mesmeristen de aankondigers van nieuwe tijden waren. Veel aanhangers van de Weense arts, met JeanPaul Marat als de beroemdste, hebben namehjk een vooraanstaande rol gespeeld in de Franse Revolutie. Talloze Fransen herkenden in het verzet van Mesmer tegen het w e tenschappeHjk estabHshment hun eigen strijd. In de wetenschappelijke roes van de achttiende eeuw w e melde het van de mensen die zichzelf voor de nieuwe N e w t o n of de nieuwe Voltaire hielden. D e persoonlijke ambities van al die potentiële genieën werden in de meeste gevallen echter wreed gedwarsboomd door de gevestigde geleerden die slechts mondjesmaat nieuwe uitvindingen erkenden. Die frustratie kreeg bij veel mesmeristen een politieke lading. Wat henzelf overkwam zou symptomatisch zijn voor de kwade trouw van een kleine groep machtigen en voor een van privileges doortrokken standenmaatschappij. Dat die samenleving vernietigd moest worden, stond voor de mesmeristen buiten kijf. Maar toen de revolutie geslaagd was, viel de mesmeristische beweging snel uiteen. M e n wist heel goed waar men tegen was, maar de alternatieven, daarover liepen de meningen uiteen. Enige invloed kan het mesmerisme dus niet ontzegd worden. Zowel in politiek als wetenschappehjk opzicht zijn blokkades op hun kop gezet en starre verhoudingen vloeibaar gemaakt. Het onzichtbare fluïdum heeft zijn werk gedaan.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1992
VU-Magazine | 484 Pagina's