VU Magazine 1992 - pagina 400
T
en eerste
Naar ik mag aannemen bent u bekend met het feit dat de aarde, met nog een stuk of wat planeten, om de zon draait (en dus niet andersom), en daarvoor 365 dagen nodig heeft. Toch is die basiskennis nog lang geen gemeengoed in de twaalf landen van de Europese Gemeenschap. Dat blijkt uit een onderzoek dat in opdracht van de Europese Commissie al in 1989 is verricht onder de bevolkmg van twaalf Europese landen, naar het inzicht in, en de houding jegens wetenschappelijke ontwikkelingen. Aan de resultaten van dit rapport is tot op heden opvallend vv^einig aandacht besteed, beducht als men kennelijk is voor het gevaar dat de ene Europeaan de andere zal gaan uitmaken voor analfabeet of erger. Die kans zit erin, als men de resultaten in ogenschouw neemt. Zo gelooft elf procent van de ondervraagde Europeanen dat de zon om de aarde draait, terwijl zes procent het antwoord op de betreffende vraag schuldig blijft. Meest prangende kwestie is natuurlijk: hoe dom zijn de Belgen in dit opzicht, hoe tuchtig de Duitsers, en vooral ook: hoe wetenschappelijk onderlegd zijn we zelf? Op twaalf feitelijke vragen, afkomstig uit uiteenlopende wetenschappelijke disciplines, gaf de gemiddelde Europeaan zeven keer het juiste antwoord. Het best bij de les bleken achtereenvolgens de Britten, de Nederlanders en de Denen. De Duitsers en de Belgen moesten genoegen nemen met respectievelijk de zesde en de achtste plaats. Hekkesluiters waren de Spanjaarden, de Grieken en ten slotte de Portugezen. De Europese Commissie probeert het rapport, dat officieel niet eens gepubliceerd is, angstvallig in de la te houden. Reden genoeg om er binnenkort in dit blad op terug te komen. Want met geheimhouding is alleen de domheid gediend.
GertJ. Peelen
u ÜL Aap, noot, mies, wim, zus, jet, enzovoorts, tot en met scha-pen; maar dan met hedendaagse plaatjes erboven, om duidelijk te maken dat men, ondanks de ruime belangstelling voor historie en traditie die men aan de dag legt, niet van gisteren is. Dat zal zo'n beetje de redenering zijn geweest achter de reclame-campagne die, a raison van enkele tonnen, beoogt het imago van de Vrije Universiteit op eigentijdse wijze bij te spijkeren. Want, zo luidt de bijbehorende slogzin: "Deze tijd vraagt om een Vrije Universiteit". En dus rijdt er sinds kort een als leesplank opgeschilderd tramstel tussen het Amsterdamse Centraal Station en Amstelveen. Heel eigentijds allemaal. Want 'noof is een popconcert geworden, 'wim' een travestiet, 'teun' een alcoholist, 'vuur' een oliebrand in Koeweit, 'kees' een heroïnespuiter, 'does' een vervaarlijke pitbull, terwijl de 'scha-pen' verbeeld zijn door een voetbaltribune vol niet al te intelligent ogende oranje-aanhang. Maar de campagne ging blijkbaar van start onder een ongelukkig gesternte. Uitgeverij WoTters-Noordhorr protesteerde. De rechten voor het gebruik van de oorspronkelijke tekst van het leesplankje, berusten nog steeds bij deze uitgever, die tevoren niet om toestemming was gevraagd. Nog een bof voor deze hoofdstedelijke universiteit dat de raadsman van Wolters-Noordhoff en zijn confrère die het voor de campagne verantwoordelijke reclamebureau vertegenwoordigde, nota bene oude dispuutsgenoten bleken! De zaak werd in der minne geschikt (waar
T .•.i^a^^S:^Ki5i»3i-4iit.-;i--a
het studentencorps al niet goed voor is!) met een redelijke afkoopsom en de belofte bij gebruik van het plankje voortaan WoltersNoordhoff als beheerder van het copyrights vermelden. Prettig geregeld, dus. Maar desondanks heeft, naar verwachting, de leesplank-tram de langste tijd alweer gereden. Het woord 'jet' is namelijk verluchtigd met een foto van de destijds bij Lockerbie neergestorte Boeing 747. En dat is, na de vliegramp die begin oktober in de Bijlmermeer plaatsvond, op een tram die Amsterdam doorkruist, nu een toch wat al te eigentijds plaatje geworden... (GJP)
NOP Aan de kaarsrechte wegen door de kale, platte Noordoostpolder werd in de beginjaren in ieder huisgezin een andere taal gesproken. In de ene boerderij klonk mollig Limburgs, bij de buren sprak men sappig Zeeuws, daarnaast converseerde men in knauwerig Drents en nog een boerderij verder was de voertaal onvervalst Fries. Omdat mensen uit olie delen van Nederland de nieuwe boerderijen betrokken, zijn de polders een prachtig stuclieobject voor diolectologen. Zijn al die dialecten samengesmolten tot een frisse, nieuwe streektaal, het Polders? Harrie Scholtmeijer, die opgroeide in Emmeloord en Vollenhove, promoveerde onlangs in Leiden op een onderzoek naar de taalontwikkeling in het nieuwe land. Helaas voor de onderzoeker is er met de taal in de Noordoostpolder niet echt iets geks of iets leuks gebeurd. De taal heeft zich
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1992
VU-Magazine | 484 Pagina's